Paul Krugman doceert aan de universiteiten van Princeton en Stanford en ontving in 2008 de Nobelprijs voor Economie. Hij schrijft al twintig jaar lang columns voor The New York Times en is geregeld bijzonder scherp voor de Amerikaanse president Donald Trump.
...

Paul Krugman doceert aan de universiteiten van Princeton en Stanford en ontving in 2008 de Nobelprijs voor Economie. Hij schrijft al twintig jaar lang columns voor The New York Times en is geregeld bijzonder scherp voor de Amerikaanse president Donald Trump. Het beleid van Trump blijkt een groot succes. De Amerikaanse economie knettert, de werkloosheid daalt en China wil onderhandelen over het handelstekort. Paul Krugman: De economie gaat haar gangetje, maar fantastisch is het allemaal niet. Eigenlijk gaat de economie verder op hetzelfde ritme als voor de verkiezingen van 2016. Dat Trumps beleid de economie niet schaadt, wil nog niet zeggen dat het veel goeds doet. De drastische verlaging van de vennootschapsbelastingen moest veel meer investeringen opleveren, maar daar is geen spoor van. U hebt in het verleden vaak gepleit voor meer overheidsuitgaven. Met dat argument rechtvaardigt Trump ook zijn belastingverlaging. Krugman: Op dit moment hebben we zo'n belastingverlaging niet nodig. We hebben bijna een volledige werkgelegenheid. Na de financiële crisis van 2008 was de werkloosheid toegenomen tot meer dan acht procent. Op dat moment was een stimuleringsprogramma hoognodig, maar toen wilden de Republikeinen besparen. Nu beweren ze dat we in een mondiale economie leven en dat er door de verlaging van de vennootschapsbelastingen veel buitenlands geld naar Amerika zal vloeien. Daardoor zouden we meer kunnen produceren en zou de economie boomen. Maar die geldstromen zijn nergens te bespeuren. Er moet toch iemand profiteren van de belastingverlagingen? Krugman: Ja, natuurlijk, de bedrijven en de rijken. Het grootste deel van de aandelen is in handen van de vijf procent rijksten. De populistische regeringen in de Verenigde Staten en Italië doen de overheidsschuld oplopen. Op die manier kunnen ze cadeaus uitdelen aan de bevolking. Krugman: In Italië gaat het misschien om populisten, maar in de VS zijn conservatieve Republikeinen aan de macht. Die doen gewoon wat ze altijd doen: de belastingen voor de rijken verlagen. Bovendien vind ik dat hele schuldendebat volledig overtrokken. Pardon? De Europese Unie is bijna ten onder gegaan aan de schuldencrisis en Griekenland worstelt nog altijd met de gevolgen ervan. Het is toch logisch dat veel economen zich zorgen maken om het Italiaanse begrotingstekort? Krugman: Natuurlijk is het niet fantastisch om schulden te hebben. Maar ik noem dat de hellenisering van het economische debat. Telkens als een land een begrotingstekort heeft, doet men alsof er Griekse toestanden dreigen. Maar in de meeste geïndustrialiseerde landen dreigt dat gevaar niet, ook niet in Italië. In 2019 komen er heel wat grote problemen op ons af: een harde brexit, de handelsoorlog tussen Amerika en China, een algemene terugval van de Chinese economie. Krugman: Op zichzelf is geen enkele van die kwesties onoverkomelijk. De brexit zal de eerste maanden enorm negatieve gevolgen hebben, maar iedereen zal zich aanpassen. Door een grote handelsoorlog zou het wereldwijde bbp met maar drie procent dalen. De Chinese economie is al lang onevenwichtig, en daar verwacht ik problemen. De vraag is vooral wat er zal gebeuren als al die dingen samenkomen. Het is moeilijk te zeggen wanneer de volgende crisis eraan komt, maar zij zal niet één, maar vele triggers hebben. Hoe kunnen we ons daarop voorbereiden, zodat we een herhaling van de financiële crisis van 2008 kunnen vermijden? Krugman: Helaas zijn we helemaal niet voorbereid. Normaal gezien verlagen de centrale banken in zo'n situatie de rentevoeten. Die staan evenwel al op het laagste niveau. Een hogere inflatie zou helpen, maar daarop reageert de Amerikaanse centrale bank extreem allergisch. Het blijkt nu echt problematisch dat er in de regering van Trump geen competente mensen zitten. En de Europeanen krijgen ook geen degelijk economiebeleid in elkaar gebokst, vooral vanwege de vreselijk stugge houding van de Duitsers. Uiteindelijk gaat het om een politiek probleem: we hebben de kennis en we hebben de instrumenten maar niet de politieke wil om ze juist in te zetten. Als eerste stap moet toch worden verhinderd dat de wereldwijde handelsoorlog escaleert? Krugman: Wat dat betreft, zie ik geen reden tot paniek. Er zijn geen aanwijzingen dat het tot een gigantische handelsoorlog zal komen. Tussen de EU en China zijn de verhoudingen stabiel. Volgens opiniepeilingen bestaat er bij de meeste kiezers geen duidelijke afkeer van vrijhandel. Veel bedrijven, ook hier in de VS, protesteren tegen protectionistische maatregelen. Het hele debat over de handelsoorlog heeft slechts met één man en zijn merkwaardige ideeën te maken. Als Trump geen president meer zou zijn, zouden de wereldwijde handelsrelaties dus weer normaal worden? Of schaadt het Amerikaanse protectionisme de vrijhandel ook op lange termijn? Krugman: Ik vrees dat het systeem van de wereldhandel fundamenteel schade aan het lijden is. Het is namelijk altijd gebaseerd geweest op de rol van de VS als ultieme waarborg voor stabiliteit. Maar de Verenigde Staten zijn niet sterk genoeg meer. Nu we ons eenmaal een onbetrouwbare partner getoond hebben, zal ook een nieuwe, vrijhandelsgezinde president de schade niet meer kunnen herstellen. Ondertussen wordt China elke dag machtiger. Krugman: De opgang van China is inderdaad een beetje alarmerend. En Trump heeft gelijk als hij zegt dat de Chinezen niet 'de goeden' zijn. Ten eerste houden ze zich niet aan de regels van het internationale economische systeem. Ze stelen kennis en verwerven technologie door buitenlandse bedrijven tot jointventures met Chinese bedrijven te dwingen. We zitten dus met een autoritair regime dat een land leidt dat in de nabije toekomst de grootste economische macht ter wereld zal zijn. Maar je kunt om die reden niet bewust de economische groei van een land de grond in boren. In Europa maken sommigen zich zorgen dat de positie tussen twee even sterke economische reuzen als China en de VS de eigen kansen op groei en rijkdom zou kunnen beperken. Terecht? Krugman: Dat denk ik niet. De groei in China stuwt in het algemeen ook de meeste andere landen vooruit. De westerse economieën profiteren inderdaad ook mee van die groei, maar dat geldt niet voor iedereen. De erosie van de middenklasse is vooral in de VS een groot probleem en draagt sterk bij tot het politieke tumult in het land. Hoe hou je die evolutie tegen?Krugman: Je kunt al wat dingen afkijken van de Europeanen, zoals vakbonden en een beter uitgebouwde sociale zekerheid. Maar ook in Europa neemt de ongelijkheid toe. Daarom zien we vandaag in Frankrijk ook de gele hesjes op straat komen. In de VS komen ondanks alle ongelijkheid geen betogers op straat. En zelfs de proteststemmers onder de Trumpaanhangers, die duidelijk niet van zijn beleid profiteren, steunen hem nog altijd. Hoe kan dat?Krugman: In de VS gaat het in wezen om identiteitspolitiek: die mensen zien zichzelf als lid van een stam. Daarom speelt het begrotingstekort voor hen niet zo'n grote rol. Huidskleur wel.