Tussen de steekvlammen van de internationale politiek blijven veenbranden vaak onopgemerkt. In de Rif, een door Berbers bewoonde regio in het noorden van Marokko, smeult zo'n vuur. Op 28 oktober 2016 laaide het weer op nadat in de provinciehoofdstad Al Hoceima een jonge vishandelaar in een vuilniswagen werd verpletterd tijdens een dispuut met de politie. De Hirak-beweging was geboren, een volksopstand die teert op historische frustraties van de Riffijnen die zich al decennialang politiek, economisch en cultureel gediscrimineerd voelen. Nasser Zefzafi, een gsm-hersteller uit Al Hoceima, werd het gezicht van het geweldloze massaprotest, dat veel weerklank kreeg in de Europese diaspora. Vooral België, Nederland, Spanje en Duitsland tellen grote gemeenschappen uit de verarmde regio, die de voorbije zestig jaar een derde van zijn bevolking zag emigreren.

Riffijnse activisten worden aan de lopende band gearresteerd, en in de gevangenissen wordt gefolterd en verkracht

Btisam Akarkach

Maar naarmate de internationale mediabelangstelling verslapte, nam de repressie van de Marokkaanse overheid toe. In april begon in Casablanca het monsterproces tegen de een jaar eerder gearresteerde Zefzafi en 53 van zijn medestanders. De Vlaamse schrijfster en activiste Rachida Lamrabet wijst op het contrast: in de rechtbank in Casablanca zaten welgeteld twee Europese politici als waarnemers - niks vergeleken bij de mobilisatie voor de politieke processen tegen Erdogan-critici in Turkije. Lamrabet, zelf van Riffijnse oorsprong, leverde een bijdrage aan de pas verschenen essaybundel Opstand in de Rif. De auteurs, overwegend Vlaamse en Nederlandse Riffijnen, klagen zowel de repressie in Marokko als het stilzwijgen van Europa aan. 'België doet er alles aan om Marokko niks in de weg te leggen', zegt samenstelster Btisam Akarkach, die zelf een bijdrage over de rol van sociale media en burgerjournalisten schreef. 'Het land wordt gezien als een cruciale bondgenoot in de strijd tegen de terreur, en een partner waarmee we zaken willen doen of afspraken maken over de terugname van illegale migranten. Onlangs kregen we daar een sterk staaltje van te zien, toen minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders (MR) in Rabat een Leopoldsorde uitreikte aan Driss El Yazami, de voorzitter van de Nationale Raad voor de Rechten van de Mens.'

Is dat geen mooi humanitair gebaar?

Btisam Akarkach: Niet als je de rol kent die El Yazami in het drama van de Rif speelt. Hij heeft de massale arrestaties en mensenrechtenschendingen nooit veroordeeld. Riffijnse activisten worden aan de lopende band gearresteerd, en in de gevangenissen wordt gefolterd en verkracht. Volgens Amnesty International worden op het proces van Casablanca onder dwang afgelegde getuigenissen gebruikt als bewijsstukken à charge. Intussen wordt de pers steeds meer gemuilkorfd. Verschillende journalisten zitten in de gevangenis, andere zijn het land ontvlucht. De repressie treft vooral burgerjournalisten en internetactivisten, want de mainstream media zijn erg volgzaam.

Hoe is de stemming nu in Al Hoceima, het epicentrum van het protest?

Akarkach: De repressie laat zich voelen, straatprotest is de facto onmogelijk geworden. Bij eerdere demonstraties werden al 2000 betogers opgepakt, 500 zitten nog altijd vast. Ik heb zelf gezien hoe hard het er toegaat toen ik vorige zomer de begrafenis bijwoonde van een jongen die door een politiekogel werd geveld. De binnenstad was hermetisch afgegrendeld, agenten gooiden met stenen, terwijl andere de betogers filmden, wat de volgende dagen tot een nieuwe golf van arrestaties leidde.

Met stenen gooiende agenten? Vlogen de projectielen niet in de andere richting?

Akarkach: Nee, de protestbeweging is principieel geweldloos. Dat heeft Nasser Zefzafi altijd benadrukt, zelfs vanuit de gevangenis. Alle mobilisaties via de sociale media gaan gepaard met dezelfde oproep: pleeg geen geweld en reageer niet op provocaties.

De frustraties in de Rif krijgen veel weerklank in grootsteden zoals Rabat, Tanger en Casablanca. Vreest de Marokkaanse overheid voor een nieuw hoofdstuk in de Arabische Lente?

Akarkach: Nee, dat is framing door het regime. De opstand weet al anderhalf jaar zijn geweldloze karakter te behouden, ondanks de toenemende repressie. Dit is geen revolutie, maar een burgerbeweging die alleen maar redelijke eisen stelt: een eigen universiteit, een volwaardig ziekenhuis, investeringen in infrastructuur en werkgelegenheid. Concrete maatregelen tegen de achterstelling van de Rif. De Hirak-beweging wil de regering niet omverwerpen of de monarchie niet afschaffen.

Het protest ten tijde van de Arabische Lente werd geleid door intellectuelen die over de hoofden van het volk spraken. Ze gebruikten woorden die de doorsnee Riffijn niet eens snapte. De leiders van de Hirak hebben daar lessen uit getrokken, ze spreken de taal van het volk. Riffijns, maar evengoed Darija, Marokkaans Arabisch. Er waren zelfs plannen om ook in het Frans, Nederlands, Duits en Spaans te communiceren om de jongeren in de diaspora nauwer te betrekken. Die betrokkenheid is nieuw en voor het regime erg verontrustend, wat blijkt uit de repressie die nu ook de diaspora treft. De procureur van Casablanca heeft een zwarte lijst opgesteld met tien online activisten uit verschillende Europese landen. Ze riskeren in Marokko te worden opgepakt, zoals vorige week is gebeurd met de Belgische Facebookactivist Wafi Kajoua.

Het proces tegen de leiders van de Rifopstand nadert zijn ontknoping. Opvallende afwezige in Casablanca is Nawal Ben Aïssa, de jonge vrouw die na de arrestatie van Zefzafi op de voorgrond trad. Wat is er van haar geworden?

Akarkach: Ze is in februari al veroordeeld tot een voorwaardelijke straf en een geldboete, een effectieve manier om haar, als moeder van drie, monddood te maken. Dat doet niks af aan haar verdienste: voor vrouwen in de conservatieve Rif is ze een rolmodel.

Opstand in de Rif, Btisam Akarkach (red), Epo, 182 pag, 20?

Mohamed VI werd bij zijn aantreden in 1999 ingehaald als een hervormingsgezinde monarch. Hoe staat hij tegenover het protest in de Rif?

Akarkach: De koning schittert door afwezigheid. Het is waar dat in de eerste jaren van zijn bewind hervormingen werden doorgevoerd, zoals meer persvrijheid. Dat duurde totdat journalisten kritische vragen gingen stellen bij de verknoping van politieke en economische belangen binnen de makzhan, een onvertaalbaar begrip dat staat voor het establishment van monarchie en centrale overheid.

Ik heb vorig jaar in Al Hoceima de nationale feestdag met de koninklijke speech meegemaakt. Het gerucht ging dat de koning gratie zou verlenen aan de gevangen Hirak-leiders. Ik wilde de historische speech in een café bijwonen. Bleek dat ze de satellietzender niet konden vinden, omdat er nooit naar een kanaal van de overheid werd gekeken. Uiteindelijk heeft de koning geen gratie verleend, maar wel het machtsvertoon van de ordediensten in de Rif goedgepraat.

Hoe moet het verder met de Hirak?

Akarkach: De alertheid van de diaspora is groter dan ooit. In Marokko dwingt de repressie tot creativiteit. Zo werd onlangs via Facebook een boycot gelanceerd tegen drie bekende merken waarin de makzhan grote belangen heeft. Behalve een keten van pompstations worden ook de Marokkaanse Danone-producten geviseerd. Die oproep is een groot succes, en niet alleen in de Rif. De Hirak is nog niet dood.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.