"Brexit betekent brexit. En we gaan er een succes van maken." Dat waren de woorden die Theresa May tijdens een korte speech uitsprak toen ze op 11 juli 2016, in de nasleep van het brexit-refendum, was aangeduid als de nieuwe leider van de Conservative Party en als toekomstige eerste minister. Haar pogingen om die brexit af te ronden, zouden daarna steevast een schaduw blijven werpen op haar verblijf in Downing Street 10. May reed daardoor een hobbelig parcours, waarbij ze haar parlementaire meerderheid uit handen gaf en er niet in slaagde om een akkoord over de brexit door het Britse parlement te krijgen. Na een bijna drie jaar durende lijdensweg kondigt ze uiteindelijk aan om op 7 juni op te stappen als partijleider.

May is al 53 wanneer ze als politicus echt op de voorgrond treedt: in mei 2010 wordt ze minister van Binnenlandse Zaken in de eerste regering van David Cameron. Hoewel die functie in de Britse politiek maar zelden lange tijd door dezelfde persoon wordt uitgeoefend, kan May ook na de parlementsverkiezingen van 2015 haar law-and-orderbeleid op Binnenlandse Zaken gewoon blijven uitvoeren.

Dat May er vervolgens nog in slaagt om de allerhoogste politieke functie in haar land te bereiken, is een gevolg van het dossier waarmee ze later onlosmakelijk verbonden wordt: de brexit. Want wanneer bij een referendum op 23 juni 2016 net geen 52 procent van de Britten ervoor kiest om uit de EU te stappen, kondigt eerste minister Cameron zijn ontslag aan.

May, die zelf maar een koele minnaar van de EU is maar zich met enige terughoudendheid toch achter de Remain-campagne van Cameron had geschaard, wordt begin juli door haar partijgenoten aangeduid als opvolger. Zo wordt ze op 11 juli 2016 leider van de Tories en twee dagen later ook de eerste vrouwelijke regeringsleider in het Verenigd Koninkrijk sinds het aftreden van Margaret Thatcher in 1990.

In een eerste korte toespraak benadrukt ze met de woorden "brexit betekent brexit" dus meteen dat ze de uitslag van het referendum wil respecteren. May dwingt vervolgens respect af door steevast voorop te gaan in die strijd, ook op momenten dat de hardliners en overtuigde brexiteers ervoor kiezen ontslag te nemen. Toch is haar parcours allerminst foutloos te noemen.

In een poging om voor die brexit een bredere steun te krijgen in het Britse parlement, beslist May in april 2017 bijvoorbeeld om vervroegde parlementsverkiezingen te laten organiseren. Maar haar campagne, die inzet op "sterk en stabiel" leiderschap, blijkt geen succes. Na afloop van de verkiezingen van 8 juni 2017 blijkt May haar hand serieus te hebben overspeeld. De Tories blijven wel de grootste partij, maar verliezen hun meerderheid in het parlement. May moet haar toevlucht zoeken tot gedoogsteun van DUP, een protestantse unionistische partij uit Noord-Ierland. Een keuze die meteen ook een beslissing in een van de belangrijkste brexitkwesties, de Ierse grens, bemoeilijkt.

Een voorlopig brexitakkoord dat de EU en het Verenigd Koninkrijk in november 2018 bereiken, stuit dan ook meteen op weerstand. Niet enkel bij DUP en leden van de oppositie, maar ook eurosceptische leden én pro-EU-aanhangers binnen haar partij keren zich af van haar akkoord. Verschillende ministers - onder wie brexitminister Dominic Raab - stappen al snel op uit de regering.

Drie pogingen om het akkoord door het hopeloos verdeelde Britse parlement te krijgen, draaien vervolgens uit op een mislukking. Ook een uitstel van de brexit brengt geen oplossing. En zelfs de belofte van May om op te stappen bij een goedkeuring van het akkoord, kan haar tegenstanders niet overtuigen.

In december 2018 overleeft ze nog wel een vertrouwensstemming binnen de partij, maar de kritiek op haar blijft wel aanzwellen. Een mislukte poging om samen met Labour-leider Jeremy Corbyn tot een akkoord te komen, heeft haar positie sinds vorige week nog verder ondergraven. Donderdag raakte dan ook nog bekend dat het 1922 Committee binnen de Conservatieve partij broedt op een verandering van de partijregels, die het mogelijk zou maken om May via een nieuwe motie van wantrouwen de deur te wijzen.

Vrijdag - uitgerekend de dag nadat de Britten enigszins tegen wil en dank naar de stembus trokken voor de Europese verkiezingen - zag May zich dan ook genoodzaakt om zelf haar terugtreden aan te kondigen en zo de hete brexit-aardappel naar iemand anders door te schuiven. Op 7 juni stapt ze op als leider van de Conservatieve Partij. Ze blijf premier blijft tot er een nieuwe partijleider wordt gekozen.

Hoewel er grote aandacht is uitgegaan naar de brexit, heeft May tijdens haar premierschap uiteraard nog andere problemen op haar bord gekregen. Zo is aanvankelijk ook de Schotse roep tot onafhankelijkheid nog een belangrijk thema. In een referendum in 2014 had 55 van de Schotten nog tegen de onafhankelijkheid gestemd, maar omdat er in Schotland grote tegenstand tegen de brexit bestaat komt die eis opnieuw aan de oppervlakte. Na de verkiezingsnederlaag die de Scottish National party in juni 2017 lijdt, wordt een nieuwe onafhankelijkheidsreferendum echter uitgesteld.

Voorts wordt May tijdens haar ambtstermijn geconfronteerd met enkele terreurdaden in Groot-Brittannië. De meest dodelijke aanslag vindt op 22 mei 2017 plaats in Manchester (22 doden), maar ook Londen wordt verschillende keren getroffen.

Ook de besparingen in de gezondheidszorg, de dodelijke brand in de Grenfell Tower in Londen en de zaak-Skripal - die leidt tot diplomatieke spanningen met Moskou - zorgen tijdens haar ambtstermijn voor opschudding.