Wong en zo'n 20.000 anderen kwamen vorig jaar bijeen om de slachtoffers van het Plein van de Hemelse Vrede-protest te herdenken. De gebeurtenissen van 4 juni 1989 in Peking worden elk jaar in Hongkong herdacht, maar dat mocht vorig jaar voor het eerst niet vanwege de coronapandemie. Wong, die ook wel wordt gezien als een van de gezichten van de prodemocratische beweging, werd vorig jaar veroordeeld tot 13,5 maand cel voor het bijwonen van een ongeoorloofd protest tegen de regering.

Donderdag zijn naast Wong vier districtsraadsleden schuldig bevonden. Zij hebben vier tot zes maanden celstraf opgelegd gekregen. Wong en twee van hen worden ook nog vervolgd voor het overtreden van de omstreden veiligheidswet die Peking in Hongkong heeft ingevoerd. Sinds de invoering van de veiligheidswet een jaar geleden worden geregeld belangrijke prodemocratische activisten vervolgd. Voorafgaand aan de invoering van die wet was het ruim een jaar zeer onrustig in Hongkong. Er werden massaal protesten gehouden tegen de regering en voor meer democratie. Die eindigden meermaals in botsingen met de veiligheidsdiensten.

Hongkong is sinds 1997, het jaar waarin het Verenigd Koninkrijk zijn toenmalige kroonkolonie teruggaf aan China, een autonome regio binnen China. Er werd toen voor de eerstvolgende vijftig jaar afgesproken dat Hongkong een groot deel van zijn onafhankelijkheid zou behouden, maar die vrijheden worden langzaamaan ingeperkt. Door die afspraken is het in Hongkong bijvoorbeeld toegestaan om de opstand in Peking te herdenken.

Chinese studenten in Peking protesteerden in de zomer van 1989 wekenlang tegen de communistische regering en voor meer democratische vrijheden. De veiligheidstroepen maakten met veel geweld een einde aan de betogingen op het Plein van de Hemelse Vrede. Het is niet bekend hoeveel mensen er precies omkwamen, maar volgens schattingen gaat het om duizenden dodelijke slachtoffers.

Wong en zo'n 20.000 anderen kwamen vorig jaar bijeen om de slachtoffers van het Plein van de Hemelse Vrede-protest te herdenken. De gebeurtenissen van 4 juni 1989 in Peking worden elk jaar in Hongkong herdacht, maar dat mocht vorig jaar voor het eerst niet vanwege de coronapandemie. Wong, die ook wel wordt gezien als een van de gezichten van de prodemocratische beweging, werd vorig jaar veroordeeld tot 13,5 maand cel voor het bijwonen van een ongeoorloofd protest tegen de regering. Donderdag zijn naast Wong vier districtsraadsleden schuldig bevonden. Zij hebben vier tot zes maanden celstraf opgelegd gekregen. Wong en twee van hen worden ook nog vervolgd voor het overtreden van de omstreden veiligheidswet die Peking in Hongkong heeft ingevoerd. Sinds de invoering van de veiligheidswet een jaar geleden worden geregeld belangrijke prodemocratische activisten vervolgd. Voorafgaand aan de invoering van die wet was het ruim een jaar zeer onrustig in Hongkong. Er werden massaal protesten gehouden tegen de regering en voor meer democratie. Die eindigden meermaals in botsingen met de veiligheidsdiensten. Hongkong is sinds 1997, het jaar waarin het Verenigd Koninkrijk zijn toenmalige kroonkolonie teruggaf aan China, een autonome regio binnen China. Er werd toen voor de eerstvolgende vijftig jaar afgesproken dat Hongkong een groot deel van zijn onafhankelijkheid zou behouden, maar die vrijheden worden langzaamaan ingeperkt. Door die afspraken is het in Hongkong bijvoorbeeld toegestaan om de opstand in Peking te herdenken. Chinese studenten in Peking protesteerden in de zomer van 1989 wekenlang tegen de communistische regering en voor meer democratische vrijheden. De veiligheidstroepen maakten met veel geweld een einde aan de betogingen op het Plein van de Hemelse Vrede. Het is niet bekend hoeveel mensen er precies omkwamen, maar volgens schattingen gaat het om duizenden dodelijke slachtoffers.