Komt er een wereld vóór en na corona, of wordt het straks gewoon weer business as usual? De globalisering en het idee dat open grenzen en economische integratie alleen maar weldaden opleveren, staan al jaren ter discussie. Het coronavirus heeft daar nog een schepje bovenop gedaan. Het gezaghebbende Britse tijdschrift The Economist, dat de liberale wereldeconomie genegen is, vroeg zich onlangs op zijn cover zelfs af of covid-19 de globalisering de doodsteek heeft gegeven.
...

Komt er een wereld vóór en na corona, of wordt het straks gewoon weer business as usual? De globalisering en het idee dat open grenzen en economische integratie alleen maar weldaden opleveren, staan al jaren ter discussie. Het coronavirus heeft daar nog een schepje bovenop gedaan. Het gezaghebbende Britse tijdschrift The Economist, dat de liberale wereldeconomie genegen is, vroeg zich onlangs op zijn cover zelfs af of covid-19 de globalisering de doodsteek heeft gegeven. 'We weten al langer dat de globalisering naast voordelen ook nadelen heeft', zegt hoogleraar economie Koen Schoors (UGent). 'Daar komen nu nog een aantal nadelen bij. Om te beginnen zien we dat het risico op pandemieën toeneemt. Virussen reizen razendsnel de wereld rond. Voorts blijkt dat economische afhankelijkheid riskant is. Als de boel in elkaar stuikt, kun je niet altijd vertrouwen op buitenlandse leveranciers. De coronacrisis laat zien dat de just-in-timemethode, zeker voor dingen die cruciaal zijn in je samenleving, ronduit gevaarlijk kan zijn.' Complexe mondiale aanleveringsketens blijken schokgevoelig en kwetsbaar. Als er lokaal iets misgaat, komt wereldwijd de hele keten in gevaar. Mondkapjes en medisch beschermingsmateriaal zijn tijdens de coronacrisis in heel wat westerse landen hét symbool van die kwetsbaarheid geworden. Een land als België had nauwelijks een voorraad mondkapjes, en toen de productie in China stilviel en China niets meer uitvoerde, stond ons zorgpersoneel met lege handen. China is op wereldvlak goed voor meer dan 40 procent van de export van medisch beschermingsmateriaal. Geen enkel Belgisch bedrijf bleek bovendien in staat om mondmaskers te produceren - voor velen het bewijs dat er een keerzijde is aan het onbeperkte uitbesteden van productieprocessen. Hetzelfde met beademingsmachines, die ook het resultaat zijn van wijdvertakte mondiale productieketens. In de VS dwong president Donald Trump autofabrikant General Motors met een oude oorlogswet om beademingsapparatuur te produceren. In de VS en Europa ontstond paniek toen India de export van bestanddelen van bepaalde geneesmiddelen in de ban deed vanwege het coronavirus. De laatste Europese paracetamolfabriek sloot immers al in 2008 de deuren. Bij ons vorderde minister van Binnenlandse Zaken Pieter De Crem (CD&V) voor coronatesten benodigde reagentia op in een Waals bedrijf, om te voorkomen dat ze zouden worden uitgevoerd. Door de coronacrisis zullen bedrijven en landen die mondiale productieketens, zo wordt verwacht, toch eens kritisch onder de loep nemen. 'Bedrijven zullen niet opeens hun hele aanleveringsketen weghalen uit China of India', zegt Koen De Leus, hoofdeconoom bij BNP Paribas Fortis. 'Heel wat producten kunnen alleen nog daar worden gemaakt, omdat de expertise daar zit, de arbeidskosten laag zijn en wij de grondstoffen niet hebben. Wel zullen bedrijven zich sterker bewust worden van het gevaar om van één leverancier afhankelijk te zijn. Het gaat ook niet alleen om het coronavirus. We dreigen in de nabije toekomst steeds meer verstoringen te krijgen in onze leveringsketens door de klimaatopwarming. Wat als straks half Bangladesh door een overstroming is weggespoeld en je enige leverancier daar zit? In die zin is de coronacrisis een wake-upcall. Bedrijven zullen er allicht voor kiezen - of door overheden worden gedwongen - om grotere voorraden aan te houden of om de risico's te spreiden over meerdere leveranciers en landen.' Vanaf de jaren 1990 kende de globalisering een aantal decennia een indrukwekkende stroomversnelling. De financiële crisis in 2008 was een eerste zware klap, en leidde tot een tempovertraging in de mondiale stromen van goederen en kapitaal. In 2018 begon president Donald Trump bovendien een handelsoorlog tegen China, waardoor de globalisering nog meer onder druk kwam te staan. Maar de huidige stilstand van de wereldeconomie, met gesloten grenzen en honderden miljoenen mensen in lockdowns, is ongezien. En niemand verwacht dat die wereldeconomie zomaar weer op gang komt. 'We zien al een tijdje een vertraging van de globalisering, wat ook wel slowbalisation wordt genoemd', zegt ook hoogleraar internationale economie Hylke Vandenbussche (KU Leuven). 'Dat Donald Trump is verkozen, is het gevolg van de onrust die de globalisering heeft veroorzaakt. Lokale gemeenschappen zijn ontwricht door delokalisatie van de industrie en binnen landen groeit de ongelijkheid. Steeds meer worden we ons bewust van de schaduwkanten van de globalisering, denk met name ook aan de klimaatschade. De publieke steun voor globalisering kalft ook af, getuige daarvan het protest tegen recente vrijhandelsverdragen of de groeiende weerstand tegen migratie. Al die dingen waren al bezig, maar als gevolg van corona zullen we, geloof ik, een enorme trendshift meemaken.' Een vooruitzicht dat The Economist alleen maar somber stemt. Neem afscheid van het grootste tijdperk van globalisering dat de wereld ooit heeft gekend, schrijft het blad, en maak je zorgen over wat ervoor in de plaats komt. Sommige tegenstanders van globalisering lijken dan weer haast in hun nopjes met de door de coronacrisis veroorzaakte economische ravage. Eindelijk een kans om een nieuwe klimaatvriendelijke en meer sociale economische orde te creëren. Maar een blessing in disguise is het coronavirus toch zeker niet. Door corona zal de wereldeconomie volgens het IMF met 3 procent krimpen, áls de pandemie in de herfst uitdooft, wat lang niet zeker is. Miljoenen mensen zullen in armoede belanden en honger lijden. Regeringen zullen in de verleiding komen om de nationalistische en protectionistische trom te roeren. Multilaterale instituties staan ter discussie en internationale samenwerking komt in het gedrang, uitgerekend op het moment dat die broodnodig zijn. De beroemde Israëlische historicus Yuval Noah Harari wijst erop dat bij het bestrijden van de grote problemen van deze tijd, zoals pandemieën en klimaatopwarming, isolationisme en afzondering niet de oplossing zijn maar onderdeel van de kwaal. Het afnemen van mondiale handelsstromen en wederzijdse economische afhankelijkheid, waarschuwen geopolitieke waarnemers, zal leiden tot (nog meer) toenemende spanning tussen landen en regio's, met name tussen het Westen en China. 'Zolang er geen vaccin is, komt de economie niet volledig opnieuw op gang', zegt econoom Koen De Leus. 'Dat betekent dat we gedurende lange tijd met hoge werkloosheid te maken zullen hebben. Dat is dan weer koren op de molen van populisten die de eigen markt willen afschermen van buitenlandse producten. Heel gevaarlijk, want zo dreig je in de negatieve spiraal van de Grote Depressie terecht te komen. Toen gingen de meeste landen importheffingen instellen, met als gevolg dat de wereldhandel sterk kromp, wat leidde tot massale werkloosheid en verpaupering. Als klein exportland is België sowieso heel kwetsbaar voor een mondiale recessie.' Het valt wel te verwachten dat Europa alles uit de kast zal halen om de nationalistische reflexen van individuele lidstaten te onderdrukken en de Europese interne markt zo veel mogelijk open te houden. Dat moet ook, want in een minder geglobaliseerde wereld winnen regionale economische machtsblokken aan belang. Maar ook voor Europa geldt deze crisis als een wake-upcall. De Commissie werkt aan een fonds om aandelen te kopen in zogenaamde strategische bedrijven en sectoren, zodat ze niet in buitenlandse, lees Chinese, handen vallen en zal buitenlandse investeringen extra screenen. Er is ook sprake van het opstellen van een lijst met strategische goederen, denk aan medicijnen en medisch beschermingsmateriaal, waarvan minstens een deel ook in Europa zou moeten worden geproduceerd. Robots, in combinatie met de uitrol van 5G, zouden weleens de grote winnaars van de coronacrisis kunnen worden. In tegenstelling tot mensen vormen robots immers geen gezondheidsrisico. Het automatiseren van de productie maakt het voor bedrijven rendabel om toch weer dichter bij huis te produceren. Wat op zijn beurt ook weer deglobalisering in de hand werkt. 'Robotisering en automatisering zullen een enorme push krijgen', voorspelt De Leus. 'De ontwikkelingen op het gebied van robotisering en artificiële intelligentie gaan bijzonder snel. Robots worden elk jaar goedkoper. En daar komt nu nog als groot voordeel bij: een robot krijgt geen corona. Die robotisering dreigt een groot probleem te worden voor de opkomende landen, die zich tot fabriek van de wereld hebben ontwikkeld.' Anderzijds werken door de coronacrisis ineens miljoenen werknemers thuis. Het besef dat veel dingen ook functioneren zonder fysieke nabijheid opent volgens sommigen nieuwe perspectieven voor het globaal inhuren van allerlei diensten. In die zin zou corona sommige vormen van globalisering juist een duwtje in de rug kunnen geven. 'Neem het wereldwijde freelancersplatform Upwork', zegt De Leus. 'Meer bedrijfsleiders zullen vandaag met zulke mogelijkheden rekening gaan houden. Waarom nog een lokale webdesigner vragen, als er toch geen fysiek contact nodig is, en als een Indiër via Upwork hetzelfde werk voor een vijfde van de prijs kan doen? Tot corona had bijna niemand van Zoom gehoord. Vandaag werkt iedereen ermee. De globalisering gold tot dusver toch vooral de industrie. De dienstensector moest het nog hebben van face-to-facecontacten. Maar door de digitalisering en thuiswerk kunnen ook die diensten veel meer onderhevig worden aan globalisering dan voorheen', besluit De Leus. 'De wereld wordt tot op zekere hoogte ook vlak voor diensten', denkt ook professor Vandenbussche. 'Ik doe nu examens online en dat lukt best goed. Je ziet bij ons aan de universiteit ook dat we plots heel veel seminaries, waarvoor vroeger sprekers werden ingevlogen uit Amerika of China, gewoon digitaal organiseren. Dat worden ongetwijfeld permanente veranderingen na corona: de globalisering van de dienstensector en het feit dat we veel meer digitaal zullen gaan doen.' Het per businessclass de wereld rondreizende vergadercircuit van zakenmensen, consultants en managers, komt na corona allicht ook niet meer terug. Landen pompen op dit moment enorme bedragen in hun economie. Het valt te hopen dat daarbij ook toekomstgerichte keuzes worden gemaakt. Want de coronacrisis valt samen met het moment waarop radicale hervormingen de noodzakelijke transitie naar een groene, duurzame economie moeten realiseren. Klimaatvriendelijke economische keuzes, die de aan de gang zijnde deglobalisering nog kunnen versnellen. 'De wereldhandel heeft heel wat mensen uit de armoede gehaald,' zegt professor Schoors, 'maar hij heeft ook geleid tot sociale dumping, denk aan de onderbetaalde naaisters in Bangladesh die onze kleren maken, en tot milieudumping. Heel veel productie is naar Zuidoost-Azië of Zuid-Amerika verplaatst omdat onze milieunormen daar niet gelden. Op dit moment wordt in Europa nagedacht over een CO2-heffing op geïmporteerde producten. Daardoor zal delokaliseren om aan milieuregels te ontsnappen niet langer lonen. En dan zullen productieprocessen met een hoge CO2-uitstoot, bijvoorbeeld van hoogwaardig staal, gedeeltelijk naar Europa terugkomen.' In de moeilijke zoektocht naar economisch herstel na de coronacrisis zullen we opnieuw, zo verwacht ook Schoors, sterker inzetten op de eigen, plaatselijke economie. 'Door de toenemende werkloosheid zal er meer aandacht komen voor wat we zelf kunnen. Grootschalige landbouw zal uiteraard niet verdwijnen, maar de korteketenlandbouw zal eindelijk de plaats krijgen die hij verdient. Ik verwacht ook nieuwe impulsen voor de circulaire economie. Europa zou kunnen zeggen: als je hier wilt verkopen, moeten de aparte onderdelen van je product online beschikbaar zijn of makkelijk 3D te printen. Dat kan hier een hersteleconomie creëren met veel lokale toegevoegde waarde.' 'De hoogdagen van de wereldwijde vrijhandel zijn even voorbij', denkt professor Schoors. 'Dat heeft weliswaar een prijs op het gebied van efficiëntie, maar zeker ook voordelen, met name voor het klimaat. We stonden op een kantelpunt. Dingen zoals thuiswerken, korteketens en robots zaten al in de pijplijn. Door de crisis die we beleven, zijn we dat kantelpunt voorbij. En nu komt er iets anders. Het creëren van nieuwe dingen gebeurt niet tijdens crisissen maar de doorbraak wel: die komt tijdens of na de crisis. Dan is er ineens een nieuw canvas mogelijk, want je moet toch alles opnieuw vormgeven.'