Na meer dan twee jaar onzekerheid over de Noord-Amerikaanse Vrijhandelsovereenkomst (NAFTA) hebben Canada, Mexico en de Verenigde Staten een nieuwe deal. De United States-Mexico-Canada Agreement (USMCA) is het kind gedoopt. 'Een historische transactie, veruit de belangrijkste deal ooit', noemde president Donald Trump het akkoord in zijn kenmerkende stijl.
...

Na meer dan twee jaar onzekerheid over de Noord-Amerikaanse Vrijhandelsovereenkomst (NAFTA) hebben Canada, Mexico en de Verenigde Staten een nieuwe deal. De United States-Mexico-Canada Agreement (USMCA) is het kind gedoopt. 'Een historische transactie, veruit de belangrijkste deal ooit', noemde president Donald Trump het akkoord in zijn kenmerkende stijl.NAFTA was een ramp geweest, heette het nog. Amerikaanse arbeiders verloren ruim vier miljoen fabrieksbanen aan lageloonland Mexico, waaronder een op vier uit de autosector. Amerika incasseerde meer dan tweeduizend miljard dollar handelstekort met Mexico en Canada. Slaat de Noord-Amerikaanse handel onder het USMCA nu een nieuwe weg in? Nee, zeggen twee experts aan Knack.be. De veranderingen zijn relatief miniem, en zullen bevoorradingsketens in de handelszone niet radicaal gaan omgooien. Verhuizen fabrieksbanen dan terug naar de VS vanuit lageloonland Mexico? Ook al niet. Bedrijven hebben al een oplossing klaar om goedkoop te blijven produceren, gaat het. 'Trump mag dan wel geobsedeerd zijn door het handelstekort met Mexico, maar USMCA gaat dat niet zomaar even terugdraaien', zegt Andrés Rozental, voormalig Mexicaans topdiplomaat en zakenconsultant. 'Integendeel: sinds Trump voor het eerst van leer trok tegen NAFTA, is het trade deficit alleen maar toegenomen. De waarde van de peso is immers gedaald recent: Mexicaanse uitvoer naar de VS blijft gestaag groeien.'USMCA treft een regeling voor onder meer e-commerce en datastromen, waar nog geen sprake van was bij de start van NAFTA in 1994. Amerikaanse zuivelproducenten krijgen ook makkelijker toegang tot de Canadese markt, die eerder aanzienlijke handelsbarrières opwierp voor kaas- en melkproducten uit Amerika. Veruit het belangrijkst, zowel financieel als politiek, is echter de automobielsector. Amerikaanse autofabrikanten zoals General Motors en Ford hebben hun voetafdruk in Mexico de voorbije kwarteeuw inderdaad aanzienlijk uitgebreid (naast Europese en Aziatische bedrijven). Arbeiders verdienen er een kwart van hun Amerikaanse collega's. Bij heel wat toeleveranciers is het nog veel minder: een startsalaris bedraagt in productiehub Ciudad Juarez omgerekend 6,5 euro per dag. USMCA zou dat in theorie ietwat moeten bijstellen: veertig procent van de onderdelen van een Noord-Amerikaanse auto moet nu komen van 'hogeloonfabrieken', waar arbeiders tenminste zestien dollar per uur verdienen. Daarnaast moet 75 procent van de onderdelen in Noord-Amerika gemaakt zijn (eerder was dat 62,5 procent). Kunnen autofabrikanten niet voldoen aan die voorwaarden, dan moeten ze een invoerheffing betalen van 2,5 procent. Zitten autofabrikanten nu met de handen in het haar om die nieuwe regels? Allesbehalve, zegt Manuel Ochoa, vicepresident business development bij consultancybedrijf Tecma Group uit El Paso, dat bedrijven adviseert die in Mexico willen werken. Zowat alle bedrijven voldoen nu al aan de nieuwe voorwaarden, zegt Ochoa. Want: USMCA laat toe dat ook onderzoek en ontwikkeling (R&D) en de investeringskost als auto-onderdelen beschouwd worden, een nieuwigheid. Die kosten liggen in Canada en de VS, aan lonen van minstens zestien dollar, en vallen dus onder de veertig-procentregel. 'We hebben het onderzocht: slechts drie bedrijven, waaronder Fiat en Audi, voldoen niet aan de voorwaarden, maar daar brengen ze snel verandering in', zegt Ochoa. Autobouwers zouden er bovendien geen graten in zien om indien nodig de regels te overtreden en een invoertaks van 2,5 procent te betalen, weten de twee experts. Immers: die strategie komt nog stukken goedkoper uit dan productie opnieuw in de VS onder te brengen. 'Maar zelfs dat is niet nodig: het zaakje is nu al min of meer geregeld.' Wat betekent dat? 'Bedrijven blijven mooi waar ze zitten in Mexico', zegt Ochoa. 'Al die banen gaan niet opeens terug naar de VS, geen enkele autobouwer denkt eraan te verhuizen.' Was dat niet Trumps bedoeling met de hele heronderhandeling? Ochoa moet erom lachen. 'Dat klopt.' Ook Andrés Rozental ziet weinig veranderen: 'Die 40 procent kan Trump als een overwinning afschilderen, maar ik heb van geen enkel bedrijf gehoord, tot dusver, dat productie naar de VS gaat verhuizen. De bevoorradingsketens in Noord-Amerika blijven zoals ze zijn.' 'De overwinning voor Trump is vooral politiek: met de tussentijdse verkiezingen in zicht kan hij zich op de borst kloppen en zeggen dat hij zijn verkiezingsbelofte heeft waargemaakt', vervolgt Rozental. 'Hij heeft een andere naam op NAFTA geplakt.' Ook moet USMCA nog goedgekeurd worden door volksvertegenwoordigers in de drie deelnemende landen. Al is dat niet zeker: 'Amerikaanse autobouwers zeggen dat hun auto's duurder gaan worden, tussen 500 en 2000 dollar per wagen', zegt Rozental. 'Dat gaat nog een struikelblok worden wanneer de tekst voorgelegd wordt aan het Amerikaanse Congres: ik ben er niet zeker van dat volksvertegenwoordigers dat gaan appreciëren.'Het Witte Huis voert ook nog gesprekken met Europa over hetzelfde thema. Trump dreigt er immers mee om de import van Europese auto's en auto-onderdelen fors duurder te maken. Hij vindt het bijzonder onrechtvaardig dat de VS de import van Europese wagens slechts aan 2,5 procent belasten, terwijl de Europese Unie 10 procent heft op Amerikaanse auto's.Waarnemers zeggen dat Trump zich gesterkt kan voelen door deze win: het werpt vruchten af om een knuppel in het hoenderhok te gooien. Wat kan dat betekenen voor de onderhandelingen met de Europese Commissie en ook de ontluikende handelsoorlog met China? 'Ik geloof dat dit van voorbijgaande aard is: volgens mij doet Trump het veel meer voor politieke dan voor economische redenen', zegt ex-diplomaat Andrés Rozental. 'Veel zal ook afhangen van de tussentijdse verkiezingen in Amerika: de Democraten zijn doorgaans niet zo happig op vrijhandelsakkoorden. Als het Huis in november naar de Democraten gaat, wat waarschijnlijk lijkt, dan is er opeens veel minder bereidheid om akkoorden te heronderhandelen met wie dan ook.'