Sinds de mislukte staatsgreep van juli 2016 holt de Turkse oppositie hopeloos achter de feiten aan. Onder de noodtoestand, die de Turkse president brede en directe beslissingsmacht geeft, werden de media vleugellam gemaakt, werden tienduizenden van gülenisme verdachte ambtenaren, rechters, advocaten en soldaten gearresteerd, en werden de kopstukken van de pro-Koerdische HDP-partij gearresteerd op beschuldiging van terrorisme. In april 2017 wijzigde president Recep Tayyip Erdogan per referendum de grondwet, waardoor Turkije na de volgende verkiezing van een parlementair systeem overgaat naar een presidentieel systeem.
...

Sinds de mislukte staatsgreep van juli 2016 holt de Turkse oppositie hopeloos achter de feiten aan. Onder de noodtoestand, die de Turkse president brede en directe beslissingsmacht geeft, werden de media vleugellam gemaakt, werden tienduizenden van gülenisme verdachte ambtenaren, rechters, advocaten en soldaten gearresteerd, en werden de kopstukken van de pro-Koerdische HDP-partij gearresteerd op beschuldiging van terrorisme. In april 2017 wijzigde president Recep Tayyip Erdogan per referendum de grondwet, waardoor Turkije na de volgende verkiezing van een parlementair systeem overgaat naar een presidentieel systeem. Ondanks de dominantie van Erdogans AKP in het staatsapparaat en de media is de populariteit van de zittende president tanende. De economie sputtert: de werkloosheid en de inflatie nemen toe, en de lira verliest al maanden gestaag van zijn waarde. Erdogans eigenzinnige economische strategie en plannen om zijn invloed op het beleid van de Turkse centrale bank te vergroten, versterken de onzekerheid. Door de parlements- en presidentsverkiezingen te vervroegen naar 24 juni (oorspronkelijk zouden er pas in 2019 verkiezingen volgen) wil Erdogan zijn houdbaarheidsdatum voor zijn. De oppositie toont voor het eerst in enkele jaren weer strijdlust én een zekere vorm van onderlinge solidariteit. Met Muharrem Ince heeft de kemalistische, centrumlinkse CHP eindelijk weer een leider die een breed deel van het Turkse publiek aanspreekt. Ondanks zijn seculiere instelling naar kemalistische traditie neemt Ince het op voor ambtenaren die de hoofddoek willen dragen. Met die instelling hoopt Ince de traditionele religieus-conservatieve AKP-achterban te verleiden. Met voormalig minister van Binnenlandse Zaken Meral Aksener heeft Erdogan opnieuw een rechts-conservatieve tegenkandidaat. Haar Iyi-partij, die pas in oktober vorig jaar werd opgericht, scoort vanuit het niets rond de 20 procent. Toen Iyi uitgesloten dreigde te worden van de komende verkiezingen op basis van een technische aangelegenheid, toonde Ince zich bereid om Aksener enkele parlementsleden uit te lenen. Op die manier profiteert Iyi van de regel dat partijen met minimaal 20 parlementsleden altijd mogen deelnemen aan verkiezingen. Als Erdogan bij de komende presidentsverkiezingen minder dan de helft van de stemmen behaalt, dan komt er een tweede ronde, waarbij de twee populairste kandidaten het tegen elkaar opnemen. Dat hij uiteindelijk de eerste president van het nieuwe presidentiële stelsel wordt, lijkt op voorhand een uitgemaakte zaak. Het is echter verre van zeker dat Erdogan ook een parlementaire meerderheid behaalt. Ondanks de nogal ongemakkelijke coalitie met de extreemrechtse MHP lijkt de AKP niet aan de nodige parlementszitjes te komen. Zonder parlementaire meerderheid zou Erdogan het knap lastig kunnen krijgen. Zo hebben de oppositiepartijen al aangekondigd dat ze een eventuele meerderheid in zetels willen gebruiken om de noodtoestand op te heffen. Het is zeer de vraag of Erdogan zich bij zo'n scenario zou neerleggen. De kans is groot dat de vervroegde verkiezingen van 24 juni de voorbode zijn van... vervroegde verkiezingen.