Deze week neem ik in Oostende deel aan een conferentie over diepzeemijnbouw dus. Ik zal er wat vertellen over de Chinese mijnbouwstrategie, maar ik wil er vooral wat meer opsteken over die nieuwe sector. Want het gaat snel. De wereldwijde honger naar mineralen voor hernieuwbare energie en batterijen neemt fors toe. De vraag naar kobalt, mangaan en nikkel, bijvoorbeeld, zal tegen 2050 verdrievoudigen, ook al zoekt de industrie naar goedkopere alternatieven.
...

Deze week neem ik in Oostende deel aan een conferentie over diepzeemijnbouw dus. Ik zal er wat vertellen over de Chinese mijnbouwstrategie, maar ik wil er vooral wat meer opsteken over die nieuwe sector. Want het gaat snel. De wereldwijde honger naar mineralen voor hernieuwbare energie en batterijen neemt fors toe. De vraag naar kobalt, mangaan en nikkel, bijvoorbeeld, zal tegen 2050 verdrievoudigen, ook al zoekt de industrie naar goedkopere alternatieven. Die mineralen kunnen in de oceanen worden gedolven. Technologisch staan Canadese en Belgische spelers al ver, maar vooral de Chinezen lonken naar de rijkdommen van de oceaan. Ze domineren nu al de verwerking van de meeste materialen die nodig zijn om batterijen, turbines en dergelijke te vervaardigen. In augustus voltooide China een belangrijke test met een graafmachine die 1,3 kilometer diep in de Zuid-Chinese Zee naar metalen zocht. Mijnbouw op zee, zo verklaarde de staatstelevisie, is de sleutel tot een groene planeet. Milieuverenigingen zijn bezorgd. Het delven van de kleine knollen op de zeebodem gebeurt door grote woelmachines, die verbonden zijn aan een soort stofzuiger om de metalen aan boord van een schip te halen. Die activiteit zou de zeebodem verstoren en met een gigantische wolk van zand het water vertroebelen, om maar te zwijgen van de impact op de vissen. De sector voert aan dat mijnbouw op zee minder schadelijk is dan de gigantische dagmijnen op het land, dat de metalen veel geconcentreerder en dus ook minder vervuilend zijn, en dat ook het transport doelmatiger is.De internationale gemeenschap talmt. De energiedoelstellingen botsen nu al op een tekort aan bijvoorbeeld chips. Als ook de mineralen schaars worden, worden de doelstellingen onhaalbaar. Een grondige vergelijking van de effecten van mijnbouw laat op zich wachten. De Europese Commissie neemt zich voor om het beleid te baseren op zo'n analyse, het Europees Parlement roept nu al op tot een moratorium. Maar landen als China, Canada en Noorwegen blijven gaan. Schone energie, dat mag duidelijk zijn, bestaat niet. Alle door de mens opgewekte vormen van energie berokkenen schade aan het milieu. Maar we moeten consequent zijn. Als we keuzes maken, mogen we de gevolgen niet schuwen. De Europese Unie nam zich voor om een groot deel van de benodigde mineralen intern te gaan delven, maar landen als Portugal krabbelen nu al terug van hun oorspronkelijke bereidheid om reserves van die mineralen aan te boren. De klemtoon verschuift daardoor van binnenlandse ontginning naar zogenoemde strategische allianties, met landen als Canada en Australië, die beloven de mineralen en metalen aan te leveren. Met andere woorden: het probleem verplaatst zich gewoon. Dat was al aan de gang. Dat Europa zijn handen minder vuil hoefde te maken aan mijnbouw, komt grotendeels doordat we flinke delen van die mijnbouw en verwerking hebben overgelaten aan de Chinezen. De siliciumfabrieken in China zijn een aanslag op het plaatselijke leefmilieu, en dat product bestemd voor zonnepanelen wordt wellicht ook nog eens verwerkt door dwangarbeiders uit Xinjiang. De Chinese nikkelraffinaderijen in Indonesië en Papoea-Nieuw-Guinea kennen het ene incident na het andere. Het enige wat wij in Europa zien, zijn de blinkende zonnepanelen en Tesla's. Het is hypocriet om CO2-doelen te proberen halen op de kap van de allerarmsten in de wereld, of door de productieketens en de negatieve effecten zo ver mogelijk weg te duwen: laat anderen de zonnepanelen maken, wij installeren ze wel. Laat anderen de batterijen maar maken, wij stoppen ze wel in onze auto's. En als er al eens een Belgisch bedrijf een rol van betekenis speelt in de ketens, zoals Umicore, dan zien velen het als een last. Waar de mineralen binnenkort ook vandaan komen, uit de zee of uit mijnen op het land, we moeten ons grondig bezinnen. Ook België moet een standpunt innemen. Wij worden een grote afnemer van allerhande nieuwe producten. Dan moeten we ook enkele bedrijven hebben die die dingen helpen maken. We kunnen ons niet specialiseren in alleen consumeren. En laat dat debat vooral met open geest en open vizier gevoerd worden.