Dinsdag stemmen de 650 Britse parlementsleden over het terugtrekkingsakkoord dat premier Theresa May de afgelopen tweeënhalf jaar moeizaam heeft onderhandeld met de Europese Unie. De stemming, die normaal in december was gepland, werd door May aanvankelijk uitgesteld omdat ze tegen een zware nederlaag aankeek. Ze ging vervolgens naar Brussel en omstreken om enkele staatshoofden en regeringsleiders om toegevingen te vragen.

May wist maar al te goed dat ze van een kale reis zou thuiskomen. Bedoeling was vooral om aan de Britse parlementsleden duidelijk te maken dat het Verenigd Koninkrijk geen onderhandelingsmarge meer heeft om substantiële veranderingen te eisen. Haar akkoord is het beste van wat hoe dan ook een slecht scenario zal worden, beargumenteert de eerste minister. Aan het remain-kamp waarschuwt May: het is mijn akkoord of een bikkelharde no-deal brexit. Bij het Leave-kamp klinkt het omgekeerde: er komt helemaal geen brexit als haar akkoord het niet haalt.

'Een nieuwe premier gaat de problemen waar het Verenigd Koninkrijk voor staat ook niet kunnen oplossen.'

Hendrik Vos, professor Europese politiek

Hoewel het merendeel van de parlementsleden liever geen brexit boven een harde brexit verkiest, in heeft het Leave-kamp één groot voordeel. Wordt er tegen 29 maart geen akkoord gevonden, dan verlaat het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie hoe dan ook op de hardst mogelijke manier. De brexiteers zijn bereid om een economische klap te incasseren in ruil voor complete soevereiniteit. Hoe het Verenigd Koninkrijk zich met deze soevereiniteit wil manifesteren op het wereldtoneel en voordelige handelsakkoorden wil afsluiten, blijft echter onduidelijk. Het remain-kamp is dus aan zet, wil het er voor zorgen dat een no-dealscenario wordt afgewend.

Onoverbrugbaar?

De strategie die May nu al enkele maanden hanteert, werpt voorlopig geen vruchten af. Maandagvoormiddag trok May naar Stoke-On-Trent, een provinciestad in de Midlands dat wordt bestuurd door een coalitie van de Conservatives en de UK Independence Party. Om haar boodschap kracht bij te zetten, gaf ze ook een toespraak in het Britse Lagerhuis. Maar ondanks Mays verbetenheid ziet het er niet goed uit. Binnen haar conservatieve partij zijn er een honderdtal parlementsleden - waaronder brexiteers Boris Johnson en Jacob Rees-Mogg - die vinden dat May te veel toegevingen heeft gedaan aan Brussel. Ze eisen dat May de uitslag van het referendum beter respecteert.

De Noord-Ierse Unionistische (DUP), die gedoogsteun geeft aan Mays minderheidsregering, is bezorgd dat het akkoord Noord-Ierland op termijn van de rest van Groot-Brittannië zal vervreemden. Indien er na de voorziene overgangsperiode van twee jaar geen toekomstige handelsrelatie wordt gevonden, blijft Noord-Ierland namelijk in de interne markt, terwijl Groot-Brittannië enkel in de douane-unie blijft.

De DUP eist garanties dat deze constellatie op termijn geen permanente status zal krijgen. Voorzitter van de Europese Commissie Jean-Claude Juncker stuurde maandagmiddag een brief naar May, waarin benadrukt dat hij zo'n tijdelijke oplossing koste wat het kost wil vermijden. Twee Britse parlementsleden dienden maandagvoormiddag een amendement in om te garanderen dat de noodoplossing - de zogenaamde backstop - afloopt op 31 december 2022. Op die manier wil men de druk op Brussel verhogen om een tijdslimiet toch toe te laten.

De sociaaldemocratische Labourpartij heeft op haar beurt geen inhoudelijke opmerkingen, aangezien de partij helemaal geen brexitstrategie heeft. De populaire partijleider Jeremy Corbyn zei zondag in de Andrew Marr Show op de BBC dat Labour alles in het werk zal stellen om een no deal te vermijden. Zijn voorkeur blijft uitgaan naar een oplossing waarbij 'het VK in de douane-unie blijft en problemen met Noord-Ierland worden vermeden'. Probleem is dat zoiets simpelweg niet kan. Corbyn is vooral uit op nieuwe verkiezingen om zelf aan de macht te komen, al bestaat ook het risico dat hij op die manier de verantwoordelijk voor de brexit in zijn nek krijgt gedraaid.

De Liberal Democrats willen dan weer niet weten van eender welke vorm van brexit. Kortom, May staat nog steeds voor de quasi onoverbrugbare uitdaging om de verschillende kampen alsnog tevreden te stellen. Maar de manoeuvreerruimte waarin ze kan bewegen, is nog kleiner dan die van een persoon in een dwangbuis. Geeft ze aan het ene kamp toe, dan schopt ze automatisch tegen de schenen van het andere.

Wat nu?

Wanneer May verliest, moet ze hoe dan ook binnen de drie parlementaire werkdagen (tegen 21 januari) met een plan B op de proppen komen. Maar vooral de grootte van haar nederlaag zal bepalen wat haar mogelijkheden zijn. Is de marge slechts klein, dan zalde vrees voor het no-dealscenario blijven gebruiken om de parlementsleden die tegen brexit zijn verder onder druk te zetten. 'Het is best mogelijk dat ze hetzelfde voorstel op tafel legt', zegt Hendrik Vos, professor Europese politiek aan de Universiteit Gent.

May hoopt dat zij die vrezen voor zo'n harde brexit uiteindelijk toch zullen kiezen voor Mays terugtrekkingsakkoord. Is de Europese Unie vervolgens bereid om nog enkele kleine toegevingen te doen, is een akkoord tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie binnen enkele weken een feit. Zeker wanneer May belooft om nieuwe verkiezingen te organiseren na 29 maart. Dan geeft ze de Labourpartij waar die al lang reikhalzend naar uitkijkt.

Maar draait de stemming op een zware nederlaag uit voor de Britse premier, dan kan het alle kanten uit. 'Er kunnen verschillende dynamieken ontstaan. Paniek op de financiële markten kan het pleit in het voordeel van May beslechten', voorspelt Vos. Labour is hoe dan ook van plan om een motie van wantrouwen in te dienen tegen de Britse premier, al ziet het er naar uit dat de partij onvoldoende steun zal vinden.

'Uitstel is geen afstel'

Intussen heeft Donald Tusk, president van de Europese Raad, zich bereid getoond om de brexitdatum voor een onbepaalde periode op te schuiven - al vereist dat de unanieme goedkeuring van de 27 lidstaten. Bovendien moet de regering van May zelf dat uitstel vragen. Dat moet May de tijd geven om naar creatieve politieke oplossingen te zoeken die het Verenigd Koninkrijk uit de huidige impasse moet leiden. Het zou May bovendien de tijd kunnen geven om een nieuw referendum te organiseren. Al klinkt dan de terechte opmerking welke vraag de inwoners van het Verenigd Koninkrijk voorgeschoteld moeten krijgen: Geen brexit of Mays deal? Mays deal of geen deal? Of geen brexit tegenover een harde brexit?

Bovendien - en belangrijker - is het maar de vraag of uitstel wel zoden aan de dijk stelt. 'May heeft meer dan twee jaar gehad om de politieke kloof in het parlement te overbruggen. Een bonus van enkele maanden gaat deze kwestie niet oplossen', merkt Vos op.

Blijven er nog twee mogelijke scenario's over. Ofwel schrijft de regering nog voor 29 maart nieuwe verkiezingen uit. Net als bij een nieuw referendum, zal de regering ook in dit geval om uitstel moeten vragen aan de 27 andere Europese lidstaten. Vos denkt echter dat een machtswissel weinig zoden aan de dijk zal stellen. 'De problemen waar het Verenigd Koninkrijk - en dus niet alleen premier May - voor staan, zijn in essentie onoplosbaar. Over het Kanaal schijnt dat maar niet door te dringen', waarschuwt Vos.

Ten slotte kan het Britse parlement aan de regering de opdracht geven om de brexit simpelweg af te blazen. Het Europees Hof van Justitie oordeelde in december dat het Verenigd Koninkrijk die actie op eigen houtje kan ondernemen, zonder goedkeuring van de Europese Unie. Het is best mogelijk dat die stemming enkele weken voor 29 maart zal plaatsvinden. In de praktijk betekent het dat de Britse parlementsleden moeten kiezen tussen de regen en de drop. Ofwel respecteren ze de uitslag van het referendum - dat weliswaar het gevolg was van een op leugens gebaseerde campagne - niet, ofwel dreigt er enorme economische schade over het Kanaal.