Staat de wereld aan de vooravond van 'een catastrofaal moreel falen'? De directeur-generaal van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), Tedros Adhanom Ghebreyesus, is er in elk geval niet gerust op. In een bijzonder scherp betoog laakte hij vorige week het 'vaccinnationalisme', de wereldwijde competitie tussen (vooral westerse) landen om zo snel en zo veel mogelijk het 'eigen volk' te kunnen bedienen. Die competitie gaat ten koste van vooral Afrikaanse landen, die, een enkele uitzondering niet te na gesproken, nog geen enkele dosis van de nieuwe vaccins hebben gezien.
...

Staat de wereld aan de vooravond van 'een catastrofaal moreel falen'? De directeur-generaal van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), Tedros Adhanom Ghebreyesus, is er in elk geval niet gerust op. In een bijzonder scherp betoog laakte hij vorige week het 'vaccinnationalisme', de wereldwijde competitie tussen (vooral westerse) landen om zo snel en zo veel mogelijk het 'eigen volk' te kunnen bedienen. Die competitie gaat ten koste van vooral Afrikaanse landen, die, een enkele uitzondering niet te na gesproken, nog geen enkele dosis van de nieuwe vaccins hebben gezien. Niet dat het scenario voor de WHO als een volslagen verrassing kwam. Om ervoor te zorgen dat ook armere landen zich tegen het virus zouden kunnen wapenen, ging in mei 2020 het Covax-project van start. Het initiatief, dat behalve door de WHO ook aangestuurd wordt door de Coalition for Epidemic Preparedness Innovations (CEPI), moet ervoor zorgen dat aan het eind van dit jaar minstens 20 procent van de bevolking van 192 landen een vaccin heeft gekregen. Een belangrijke geldschieter is de Europese Unie en, sinds het aantreden van Joe Biden, nu ook de Verenigde Staten. Aan nobele intenties dus geen gebrek, maar concreet leverde Covax nog geen enkele levering op. Blijkbaar tot frustratie van de WHO. 'Ik heb uiteraard begrip voor die frustratie', vertelt Luc Debruyne, die als strategisch adviseur voor CEPI nauw betrokken is bij het Covax-programma. 'De rijke landen willen nu - nog aangevuurd door de dreiging van gemuteerde versies van het virus - zo snel mogelijk 70 procent van de eigen bevolking gevaccineerd krijgen. Daardoor dreigt het globale verhaal vergeten te worden. Alleen Noorwegen heeft net als enige toegezegd om ook in de vroege fase al doses naar ontwikkelingslanden te sturen. Hopelijk krijgt dat voorbeeld navolging. Want in een pandemie moet je én voor jezelf, én voor de rest van de wereld zorgen. Dat is behalve een morele verplichting ook een kwestie van eigenbelang, Je kunt de wereldhandel niet heropenen als de helft van die wereld nog in brand staat.' Debruyne heeft begrip voor de kritiek op Covax, ook al is hij volgens hem voorbarig. 'Als alles verloopt zoals gepland zullen we in februari beginnen te vaccineren met onder andere het Pfizer-vaccin. De ambitie is om met Covax 2 miljard doses te kunnen bezorgen tegen het einde van 2021. Ik maak me sterk dat het zal lukken. Het beeld wordt nu wat vertekend door de eerste vaccins van Pfizer en Moderna. Die vaccins worden nu in hoog tempo verdeeld, maar zijn niet ideaal om in ontwikkelingslanden te verdelen. Het wordt een stuk makkelijker als we straks de "tweede generatie" vaccins kunnen gaan verdelen. Van die vaccins heb je maar één injectie nodig, en je kunt ze op "normale" koelkasttemperaturen bewaren.' Debruyne beseft dat, zelfs als Covax in zijn opzet slaagt, het probleem niet onmiddellijk uit de wereld zal zijn. 'Die 20 procent is natuurlijk veel te weinig. Er is veel meer nodig. Dat is onder meer een kwestie van te weinig budget. Terwijl het nogal vanzelfsprekend is dat dit een investering is die zichzelf vele malen terugbetaalt. Elke maand minder pandemie brengt miljarden op. Die les hebben we nog altijd niet geleerd.' Een mondiaal probleem vergt een mondiale aanpak, zo stelt ook hoogleraar internationale politiek David Criekemans (UAntwerpen). Maar die aanpak is er niet. 'De rest van de wereld moet het met schamele overschotten stellen. Dat is een grove inschattingsfout. Als we eerst louter voor onszelf kiezen, is het een kwestie van tijd vooraleer een resistente variant opduikt en de hele pandemie van voren af aan herbegint. Bovendien zijn de globale productie- en leveringsketens zo vervlochten dat we een gezonde wereldbevolking nodig hebben voor ons eigen economisch herstel. Dit is een klassiek voorbeeld van solidariteit uit eigenbelang.' En de Europese Unie? Volstaat haar voortrekkersrol in Covax? Cindy Franssen (CD&V), lid van het volksgezondheidscomité in het Europees Parlement, vindt dat het meer mag zijn. 'Nu de vaccinatie-uitrol in de EU op toerental komt, moeten we dringend nadenken over onze buitenlandse verplichtingen. Covax is een uitstekend initiatief, maar komt te traag op gang. Het móét sneller. Daarnaast ontbreekt het de Unie aan een uitgewerkte strategie voor de overschotten. Zonder gemeenschappelijke aanpak spelen we ons geopolitieke gewicht nauwelijks uit.' Hoe langer de EU daarmee wacht, hoe meer andere mogendheden in het gat zullen springen. Volgens professor Fabienne Bossuyt, gespecialiseerd in Oost-Europa en Centraal-Azië aan de vakgroep politieke wetenschappen (UGent), zitten die mogendheden niet stil. 'Voor China is het een uitgelezen kans om zijn besmeurde blazoen op te poetsen na de manier waarop het met de corona-uitbraak is omgegaan. In onder meer Afrika en de Arabische wereld is het daar volop mee bezig. Voor Rusland liggen de kaarten anders. Het zit verveeld met de beperkte productiecapaciteit, en het coronavirus grijpt er nog steeds hevig om zich heen. Maar ook daar koestert men ambities. Een Russische academicus die dicht bij het Kremlin aanleunt, stuurde me onlangs een bericht dat hij was ingeënt en dat het Sputnik-vaccin wel degelijk werkt. Blijkbaar willen ze die boodschap uitdrukkelijk de wereld insturen.' Aan de oostflank van de EU komen die problemen expliciet tot uiting. Georgië heeft vaccins uit China van de hand gewezen, in afwachting van een voorlopig onbestaand aanbod uit Brussel. Buurland Azerbeidzjan heeft via Turkse weg Chinese dosissen aangekocht. Oekraïne kampt met een acuut gebrek aan vaccins en vreest pas tegen de zomer van volgend jaar de helft van zijn bevolking te hebben ingeënt. 'Sommige landen staan al lange tijd te trappelen om tot de Europese Unie toe te treden. Ze richten hun blik naar het Westen en verwachten een uitgestoken hand. Als die er niet of onvoldoende komt, zullen ze vanzelfsprekend andere oorden opzoeken.' Met die bezorgdheden in het achterhoofd stuurden dertien Oost- en Zuid-Europese lidstaten een brief naar de Hoge Vertegenwoordiger van het Europese Buitenlandbeleid, Josep Borrell. Op de Europese top kondigde Europees Raadsvoorzitter Charles Michel en Commissievoorzitster Ursula von der Leyen dat ze een versnelling hoger willen schakelen. 'Daar is het hoog tijd voor', stelt Criekemans. 'Qua vaccinontwikkeling staat de Unie op de eerste plaats. We mogen trots zijn op dat succes. Maar we laten die voorsprong door onze vingers glippen. Het is een kwestie van tijd vooraleer China zijn vaccins als publiek goed aan de wereld ter beschikking stelt en we achter de feiten aanhollen. Dat kan gevolgen hebben die decennialang kunnen aanslepen. De Europese Commissie benadrukt al meer dan een jaar dat ze geopolitieke ambities heeft. Wel, dan is dit het uitgelezen moment.'