'Fuck off.' Dat is de standaardreactie in de protestantse en katholieke arbeiderswijken van Belfast als je zegt dat je journalist bent. Sinds de molotovcocktails en bakstenen begin april opnieuw over de vredesmuren vlogen in het noordwesten van de Noord-Ierse hoofdstad, is de spanning er om te snijden. De onlusten stopten weliswaar uit respect voor Phil the Greek - de bijnaam van de Britten voor de overleden prins Philip - maar er hoeft maar iets te gebeuren en het zal weer ontvlammen, daar is iedereen in Noord-Ierland van overtuigd.
...

'Fuck off.' Dat is de standaardreactie in de protestantse en katholieke arbeiderswijken van Belfast als je zegt dat je journalist bent. Sinds de molotovcocktails en bakstenen begin april opnieuw over de vredesmuren vlogen in het noordwesten van de Noord-Ierse hoofdstad, is de spanning er om te snijden. De onlusten stopten weliswaar uit respect voor Phil the Greek - de bijnaam van de Britten voor de overleden prins Philip - maar er hoeft maar iets te gebeuren en het zal weer ontvlammen, daar is iedereen in Noord-Ierland van overtuigd. Het is maandagavond, drie dagen na de dood van Philip, en de rust in Belfast lijkt voorlopig teruggekeerd. Om zeven uur 's avonds gaan de poorten van Lanark Way normaal dicht, nu staan ze om acht uur nog altijd wijd open. Ze scheiden Shankill Road, waar de unionisten wonen - zij die bij Engeland willen blijven -, van Falls Road en Springfield Road, waar de pro-Ierse katholieken zitten. De 'vredesmuren', stalen en ijzeren afscheidingen, delen de stad al sinds 1969 in tweeën. De bedoeling is om fysieke confrontaties tussen beide partijen te temperen. De afscheidingen werden destijds opgezet als tijdelijke maatregel, maar ze staan er dus nog altijd. Belfast zonder muren is ondenkbaar. Op de interface, zoals de kruispunten worden genoemd waar de wijken in elkaar overgaan, is het doodstil. We steken over naar de pro-Ierse republikeinse buur. Ook hier is het opvallend rustig. 'Stilte voor de storm', zegt Ewan Suttle, straathoekwerker in West-Belfast en overtuigd unionist. 'De kans is groot dat de rellen na de officiële rouwperiode voor prins Philip weer beginnen.' Suttle woont zelf op een interface en wijst naar de gesloten hekken achter hem: 'Dat is onze wijk.' We bevinden ons pal op de scheiding van de twee buurten, vertelt hij. 'Negentig procent van de bewoners uit mijn wijk is nog nooit naar de pro-Ierse kant overgestoken. Ze durven gewoon niet.' Het lijkt te absurd om waar te zijn, maar het is de dagelijkse realiteit in Belfast. Hoewel het ook niet allemaal kommer en kwel is. Sinds het Goedevrijdagakkoord in 1998 een einde maakte aan de Troubles, de ruim dertigjarige strijd tussen de protestantse en katholieke bewoners, zijn er succesvolle initiatieven op poten gezet om het diepgewortelde wantrouwen aan beide zijden te verzachten. Maar de recente onlusten hebben de oude sektarische sentimenten opnieuw aangewakkerd. Veel jongeren hebben vaders en ooms die betrokken waren in de strijd tussen katholieken en protestanten. Zij krijgen de wederzijdse afkeer met de paplepel ingegoten. Eind maart gingen de loyalistische pro-Britse jongeren de straat op met brandbommen en bakstenen. Dat gebeurde nadat de politie had aangekondigd de bijna tweeduizend bezoekers die vorige zomer de begrafenis van IRA-kopstuk Bobby Sorey bijwoonden niet te zullen vervolgen. De massa mensen, onder wie enkele prominente leiders van de katholieke pro-Ierse partij Sinn Féin, had zich niets van de coronamaatregelen aantrokken. De katholieke IRA (Irish Republican Army) is de voormalige Ierse paramilitaire terreurbeweging. De beslissing om iedereen vrijuit te laten gaan, was de druppel voor de pro-Britse relschoppers. Ze zagen er het zoveelste bewijs in dat de politie de kant van de katholieken kiest. 'Natuurlijk speelt ook de lockdown een rol', zegt Ewan Suttle terwijl we de straat oversteken naar de Ierse wijk. 'De jongeren zijn gefrustreerd door het lange binnenblijven. Ze vervelen zich, hebben te veel vrije tijd en zitten constant op de sociale media. Via WhatsApp en Telegram wordt opgeroepen om de straat op te gaan. Dat paramilitaire organisaties aan zowel protestantse als katholieke zijde de jeugd opstoken om rel te schoppen, wil niet iedereen toegeven. Maar hun invloed is nog altijd onmiskenbaar aanwezig. In de pro-Britse buurten voeren de UDA (Ulster Defence Association) en de UVF (Ulster Volunteer Force) de plak, aan de andere kant zijn de IRA en een amalgaam aan afsplitsingen ervan actief. Ze houden zich bezig met afpersing, drugshandel en prostitutie. Een jonge vrouw die zoals de meeste bewoners niet met naam genoemd wil worden, vertelt dat een vriendin haar schoonheidssalon in de protestantse buurt moest sluiten omdat ze 200 euro per maand aan beschermingsgeld moest betalen aan de UVF. Omdat ze dat door de coronamaatregelen onmogelijk kon ophoesten, heeft ze haar zaak opgegeven. Ze werkt nu van thuis uit. 'De armoede is groot', zegt Suttle. 'De werkloosheid in deze buurten bedraagt zeventig tot tachtig procent. Een ideale voedingsbodem voor criminaliteit. Heel wat jongeren stoppen met school, hangen rond op straat, dealen in drugs en betalen beschermingsgeld.' Ook het aantal tienerzwangerschappen is opnieuw gestegen, weet Suttle. 'Er wonen veel alleenstaande moeders in de wijken. Ze hebben geen diploma en leven van een uitkering.' Op een pleintje tussen de huizen staat een groepje tienermeisjes bijeen. Als een politieauto passeert, schieten de jongeren plots van overal tevoorschijn. Ze rennen langs ons heen het plein op, recht naar de politie. Een jongetje van een jaar of acht legt zijn hand nieuwsgierig op het pistool in de holster van een van de agenten. 'We komen gewoon controleren of alles rustig is', legt de politieman uit. 'De kinderen zijn op zoek naar actie. Vaak zetten ze dingen in de fik, uit pure verveling.' Onder de verveling, de dagelijkse sleur en de sektarische verschillen zit nog een andere reden voor de onvrede: de brexit. Sinds het vertrek uit de Europese Unie voelen de loyalisten zich steeds meer verwijderd van het Verenigd Koninkrijk. Londen wil niet aan het Goedevrijdagakkoord raken, dat onder andere inhield dat er geen harde grens zou komen tussen de Ierse republiek en het Britse noorden. Daarom werd bij de brexitonderhandelingen besloten de douanegrens in de Ierse Zee te leggen en kreeg Noord-Ierland een speciale status toegekend. Het maakt nog steeds deel uit van het Verenigd Koninkrijk maar moet zich wel houden aan de Europese economische regels. De harde grens op zee houdt in dat de goederen vanuit het Verenigd Koninkrijk worden gecontroleerd voor ze in Noord-Ierland aankomen. Dat heeft gevolgen. Vooral de eerste weken na de brexit liep de bevoorrading niet meer zo vlot als voorheen. Een aantal producten was bijna niet te verkrijgen, of het duurde drie keer langer dan normaal voor ze arriveerden. Inmiddels is het beter, maar de prijzen zijn gestegen. Dat draagt bij tot de angst, woede en onrust bij de pro-Britse bewoners. Ze voelen zich verraden door premier Boris Johnson en beseffen dat ze ook van Europa niet veel hoeven te verwachten. Terwijl de economische gevolgen van de brexit langzaam doordringen, zijn ze ook bang hun identiteit als Brit in Noord-Ierland te verliezen. Of, zoals Ewan Suttle het zegt: 'Niemand wil ons nog.' Voor de pro-Ierse republikeinen of nationalisten die er wonen, zou de brexit daarentegen wel eens de ultieme kans kunnen zijn om zich voorgoed van het Verenigd Koninkrijk los te maken en Ierland te herenigen. De meerderheid van de bewoners van Noord-Ierland stemde tegen de brexit. Sinn Féin, de voormalige politieke vleugel van de IRA, werd vorig jaar de grootste partij in de Ierse Republiek. Volgens de laatste opiniepeilingen verliest de leidende partij in Noord-Ierland, de DUP (Democratic Unionist Party), stemmen aan zowel Sinn Féin als aan de meer extreme unionistische partij Traditional Ulster Voice (TUV). Daarnaast winnen meer gematigde partijen aan invloed ten nadele van Sinn Féin en de DUP. De DUP van premier Arlene Foster verliest dus stemmen aan beide kanten. De extremisten vinden dat de DUP niet voldoende oppositie voert tegen de brexitafspraken over Noord-Ierland. De meer gematigde stemmen zijn vooral teleurgesteld in haar kwakkelende houding tegenover de brexit. Volgens analisten is de kans groot dat Sinn Féin de grootste partij wordt bij de volgende verkiezingen voor het parlement, de Assemblee, in 2022. Waarmee de kwestie van een referendum over een Ierse hereniging opnieuw ter sprake komt. Maar ook die realiteit willen de unionisten niet onder ogen zien. 'Het zal zeker tien tot dertig jaar duren voor er sprake is van een eenwording van Ierland', zegt Suttle overtuigd. 'En het zal niet zonder bloedvergieten gebeuren.' Aan Ierse zijde zijn ze er dan weer van overtuigd dat het niet langer dan vijf jaar zal duren, en kijken ze uit naar de volgende Ierse verkiezingen in 2025. Maar ook daar beseffen ze dat het niet zonder slag of stoot zal gaan. In de protestantse buurten spreken de graffiti en de muurschilderingen boekdelen: ' No surrender to the EU' en ' No Irish sea border'. Op een bord bij een verlaten terrein lezen we dat de protesten van de PUL, de protestantse unionistische loyalisten, zijn opgeschort uit respect voor de Queen en de koninklijke familie. Maar dat ze zullen worden voortgezet na de rouwperiode. De talrijke murals in Belfast zijn een populaire bezienswaardigheid voor toeristen. De lokale taxichauffeurs werd zo vaak gevraagd uitleg te geven over de bloederige geschiedenis dat het idee ontstond om begeleide tours voor toeristen te organiseren door de protestantse en katholieke wijken. De gidsen bestaan uit ex-gevangenen, zowel voormalige IRA-leden als mannen van de UDA en de UVF, de paramilitaire bewegingen aan protestantse kant. Het initiatief kreeg heel wat kritiek. Veel bewoners van Belfast vinden het niet kunnen dat er geld verdiend wordt met de ellende en het bloedvergieten uit het verleden. En dat een voormalige terrorist er tekst en uitleg over geeft, is er helemaal over. Maar de toeristen zijn er dol op. Manager Robbie Campbell zegt dat het juist de bedoeling is om de toeristen een persoonlijke visie op de geschiedenis te geven. Makkelijk is het niet, zegt hij aan de telefoon. De oude demonen spelen de ex-gevangenen nog altijd parten. We spreken af met Gerard, een ex-lid van de INLA, het Irish National Liberation Army, een socialistische paramilitaire organisatie opgericht door kopstukken van de Official IRA, een afsplitsing van de IRA. Zonder blikken of blozen steekt hij van wal: 'Ik heb twee keer in de gevangenis gezeten. De eerste keer was omdat ik een bom had geplaatst tijdens een vergadering van het Britse politieke establishment. Ik was negentien en stond volledig achter de doelstelling van de INLA om Noord-Ierland bij Ierland te voegen en er een socialistische republiek van te maken. De protestanten waren verkeerd, wij waren de goeien. Zo simpel zag ik het.' De bom ging af, vertelt Gerard, maar niemand raakte gewond. 'We werden opgemerkt door Britse soldaten, alle politici werden tijdig geëvacueerd.' Na vijf jaar kwam hij weer op vrije voeten en zette hij zijn terreuractiviteiten voort. 'Ik pleegde aanslagen, heb mensen vermoord, pakte verraders binnen onze beweging aan.' Tot hij op zijn negenentwintigste opnieuw in de gevangenis belandde, op verdenking van een bankoverval. Gerard zat opgesloten toen de Great Escape plaatsvond, de beroemde ontsnapping in 1983 van 38 IRA-gevangenen uit de beruchte Maze-gevangenis in Belfast. Zelf zat hij vast tot 1984. De tijden zijn veranderd en dat is maar goed ook, vindt de ex-terrorist. 'Het geweld tijdens de Troubles was onvoorstelbaar en ik maakte daar deel van uit. Toen ik vrijkwam, werd ik geconfronteerd met de gevolgen van mijn daden. Ik heb Britse families ontmoet waarvan de vader, broer of zoon was overleden. Dat zet je aan het denken, natuurlijk. Er is niets zwart-wit aan dit conflict. Het gaat om honderden tinten grijs.' De huidige rellen zijn niets vergeleken met het geweld van weleer, zegt Gerard. 'We zijn er wel degelijk op vooruitgegaan. Maar het is zoals in Berlijn. Je kunt de muur weghalen maar hij zal altijd in de hoofden van de mensen blijven zitten. Dát is het probleem in Noord-Ierland. Die Mauer im Kopf. ' Gerard zet ons af aan de poorten van Lanark Way. Daar worden we opgewacht door Mark, zijn pro-Britse collega. 'Niet vergeten', zegt Gerard als hij afscheid neemt: 'Wij zijn de goeien, zij de slechten.' Mark moet erom lachen. Maar intussen is het bittere ernst, klinkt het zodra Gerard uit het zicht verdwenen is. Mark is geen ex-gevangene maar hij nam tijdens de Troubles wel een radicale positie in als soldaat bij het Ulster Defence Regiment, een infanterieregiment van het Britse leger. Hij heeft drie zonen en maakt zich grote zorgen om de jeugd, zegt hij. 'Op het vlak van werkgelegenheid en huisvesting is er heel wat verbeterd tussen de unionisten en de republikeinen. Maar als het over onderwijs gaat, is de segregatie nog springlevend. En dat zal nog lang duren. Je kunt beide bevolkingsgroepen meenemen naar een plaats buiten de stad en we komen goed met elkaar overeen. Maar zodra we terug in onze buurt zijn, zullen we apart van elkaar leven.' Hij wijst naar de poorten. 'Zij daar, wij hier. Geloof me, dat zal niet veranderen. Niet in de eerste vijftig jaar. En nu we ook nog met de brexit worden geconfronteerd, hou ik mijn hart vast.' Een oplossing voor de situatie in Noord-Ierland is allesbehalve gemakkelijk, zegt Daniel Keohane, senior research fellow bij de Dublin City University. 'Maar er zijn wel mogelijkheden. Om te beginnen moet er een langere transitieperiode komen voor het Noord-Ierse protocol waarover de Britse regering en de EU onderhandeld hebben. Het is allemaal veel te snel gegaan door de lastminute-onderhandelingen over de handelspositie van Noord-Ierland. De EU mag gerust meer uitstel geven aan de implementatie van het protocol.' Volgens Keohane ligt het grootste brexitprobleem bij de afspraken rond het vervoer van planten en dieren en de afgeleide producten ervan. 'Er waren altijd al controles op dierlijke of plantaardige producten die van het Verenigd Koninkrijk naar Noord-Ierland gingen maar nu zijn die strenger gemaakt. Een tijdelijk akkoord over de handel in die sector zou al heel wat problemen wegnemen.' Keohane is ervan overtuigd dat de rellen in Noord-Ierland opnieuw zullen opflakkeren. 'Het zijn georganiseerde onlusten. Ik schat in dat het na de begrafenis van prins Philip snel weer zal beginnen. We gaan nog roerige tijden tegemoet.'