Er staat geen pauzeknop op de geografie. Wat nabij is, zal ons steeds beïnvloeden. Dat geldt voor Afrika, voor het Midden-Oosten, voor Turkije en voor Rusland. En dat leidt tot de permanente uitdaging om met dat nabuurschap om te gaan, om onze invloed te handhaven en om partnerschappen vorm te geven. Tegenwoordig lijkt het evenwel alsof Europa die realiteit negeert.
...

Er staat geen pauzeknop op de geografie. Wat nabij is, zal ons steeds beïnvloeden. Dat geldt voor Afrika, voor het Midden-Oosten, voor Turkije en voor Rusland. En dat leidt tot de permanente uitdaging om met dat nabuurschap om te gaan, om onze invloed te handhaven en om partnerschappen vorm te geven. Tegenwoordig lijkt het evenwel alsof Europa die realiteit negeert. Neem Rusland. Europa heeft niet het minste benul hoe het met dat land om kan gaan, laat staan dat het er een strategie opna houdt. Europa zwalkt tussen hysterie en opportunisme. Natuurlijk was het Russische gebruik van chemische wapens op Britse bodem onaanvaardbaar. Maar het was in 2006 even onaanvaardbaar dat een andere voormalige Russische spion, Aleksandr Litvinenko, vergiftigd werd. Nog geen twee maanden na dat incident mocht de Russische ambassade een winterfestival organiseren op Trafalgar Square. Dat was in de tijd van Labourpremier Tony Blair. Als die man al een strategie had, dan was het zo veel mogelijk Russische oligarchen ertoe aanzetten hun miljarden in Londen te parkeren. Intussen waren de Duitsers druk met het bevorderen van de economische betrekkingen en positioneerden wij Zeebrugge als opslagplaats voor Russisch aardgas. Tussen 2007 en 2016 verdiende Rusland een dikke 1000 miljard euro aan Europa. Natuurlijk wisten we destijds al dat de groeiende handelsbetrekkingen niet meteen tot democratisering in Rusland leidden, wat diplomaten toen nog benadrukten. Natuurlijk wisten we dat het van kwaad naar erger ging met de mensenrechten en dat Vladimir Poetin op alle mogelijke manieren wraak zou nemen voor het feit dat de Amerikanen een belangrijk raketverdedigingsverdrag hadden opgeblazen en de NAVO, tegen verschillende beloftes in, toch naar Polen en de Baltische Staten uitbreidde. Uiteraard wisten we ook dat de miljarden die Moskou aan de olie- en gasuitvoer verdiende deels de militaire modernisering mogelijk maakten waarvoor we nu zo bevreesd zijn. Nadat vlucht MH-17 was neergehaald door een Russische raket, legden we sancties op, maar de economische prijs die het land betaalde, geraamd op zo'n 30 miljard euro, werd nog steeds ruimschoots overtroffen door wat Rusland verdiende met de uitvoer van energie. Datzelfde opportunisme slaat nu door in de andere richting. Nu de Britse burgers met hun brexit te kennen hebben gegeven dat zij het hyperkapitalisme in Londen niet echt zien zitten en het land tegen een erg pijnlijke economische correctie aankijkt, worden plots wél tegenmaatregelen genomen en probeert eerste minister Theresa May haar politieke zwakte te compenseren met stoere taal ten aanzien van Moskou. Wat we nodig hebben - zo snel mogelijk - is een volwassen verstandhouding met Rusland. Dat betekent dat we afspraken maken over hoe we omgaan met onze gedeelde invloedssfeer. We hebben allebei baat bij stabiliteit in Wit-Rusland, Moldavië en Oekraïne, we zouden daar beiden toe kunnen bijdragen, maar de voornoemde landen zouden in zekere zin ongebonden moeten blijven. Daarnaast zijn er afspraken nodig over het opstellen van wapens. Militair machtsevenwicht en afschrikking zullen steeds belangrijk blijven, maar we kunnen minstens overeenkomen dat een aantal raketsystemen op een bepaalde afstand van de grens moet blijven, dat er afspraken komen over cyberoorlogvoering, enzovoort. Er zou zelfs kunnen worden nagedacht over samenwerking inzake terrorisme en de beveiliging van energienetwerken. De voorbije kwarteeuw met Rusland was moeilijk en daarvoor dragen beide partijen de verantwoordelijkheid. Het trauma van de Sovjetonderdrukking is groot. In de periode tussen de val van de Sovjet-Unie en pakweg 2003 was het Westen dan weer te voortvarend en lieten de Verenigde Staten, als overblijvende supermacht, hun invloed gelden zonder zich al te druk te maken om de gevoeligheden van Moskou. Nu worden we geconfronteerd met Russische vergelding, een asymmetrisch gevecht waarbij Moskou zijn relatieve zwakte compenseert door hybride oorlogvoering en door de Europese verdeeldheid uit te spelen. Nochtans dwingt de geopolitieke context ons tot samenwerking. Zowel de Europese Unie als Rusland is verzwakt. Zowel wij als Rusland kijken aan tegen twee fenomenale uitdagingen: de opmars van China en de rusteloosheid in het Zuiden. Het wordt een enorme uitdaging, maar we hebben geen andere keuze. We mogen ons niet verder laten meeslepen door hysterie en de irrationele koers van het team-Trump. Het is één zaak te voorkomen dat het bondgenootschap met de Verenigde Staten springt, maar we kunnen ons evenmin veroorloven om Rusland verder in de armen van China, Iran en consorten te drijven.