Op zaterdag 13 maart schoven de leiders van 'de Quad', het genootschap van de Verenigde Staten, India, Japan en Australië, aan de digitale vergadertafel. De Quad bestaat al tien jaar, maar kwam nooit echt van de grond. Deze keer heeft de formatie de wind in de zeilen. Zowat alle leden zijn door elkaar geschud door de coronapandemie, en werden vorig jaar opnieuw geconfronteerd met China's toenemende assertiviteit. Of de Quad nu eindelijk zijn koers heeft gevonden, hangt vooral af van de Verenigde Staten.
...

Op zaterdag 13 maart schoven de leiders van 'de Quad', het genootschap van de Verenigde Staten, India, Japan en Australië, aan de digitale vergadertafel. De Quad bestaat al tien jaar, maar kwam nooit echt van de grond. Deze keer heeft de formatie de wind in de zeilen. Zowat alle leden zijn door elkaar geschud door de coronapandemie, en werden vorig jaar opnieuw geconfronteerd met China's toenemende assertiviteit. Of de Quad nu eindelijk zijn koers heeft gevonden, hangt vooral af van de Verenigde Staten. In 2007 werd de Quad in het leven geroepen door Japan als antwoord op de hoogspanning met China. De vier zetten enkele overlegplatformen op en organiseerden een grote militaire oefening. Maar lang duurde de samenwerking niet. Het jaar nadien al koos de Australische regering onder leiding van de sinofiele Kevin Rudd eieren voor haar geld. De Australische mijnbouwsector haalde miljarden uit de uitvoer naar de Volksrepubliek. Ook India en Japan haakten af. Dat was het gevolg van economische belangen, maar vooral van het wantrouwen tegenover de Verenigde Staten. Want front vormen tegen China is een hachelijke zaak zonder harde garanties dat de Amerikanen te hulp zullen snellen als het ooit tot een oorlog komt. En die twijfel bestaat nog steeds. De schade die Donald Trump berokkende in de Aziatische partnerschappen is aanzienlijk. Joe Biden geeft een belangrijk signaal door hiervan een van zijn eerste topontmoetingen te maken, maar Delhi, Canberra en Tokio zullen wellicht nog even de kat uit de boom willen kijken tot duidelijk wordt dat de Democraten bij de komende tussentijdse verkiezingen standhouden. De binnenlandse Amerikaanse toestand is niet de enige factor. De drie willen ook spijkerharde veiligheidsgaranties. Vooral Japan beseft dat het een kwetsbaar doelwit is voor de duizenden raketten aan andere kant van de Oost-Chinese Zee. Het wil niet fungeren als stootkussen van de supermacht. Waar het al een tijd op aankomt, zijn meer nucleaire garanties. Amerika kan met andere woorden pas schuilen achter de Japanse archipel als Japan mag schuilen onder de Amerikaanse nucleaire paraplu. Zo niet zal Japan blijven balanceren tussen Peking en Washington, en wellicht ooit zelf aan kernwapens beginnen. India wil in de eerste plaats gerespecteerd worden als een volwaardige grootmacht. Het grensconflict met China, dat vorig jaar doden eiste, duwt het land weliswaar wat meer richting Amerika. Toch kan het heel moeilijk om met het feit dat Amerika China steevast op de eerste plek zet. Amerika zal India dus ernstiger moeten nemen. Het zal ook een keuze moeten maken tussen India en Pakistan. Het zal eindelijk werk moeten maken van stevige economische relaties, en Amerikaanse bedrijven krachtiger moeten motiveren om voor India te kiezen in plaats van voor China. Samenwerking tussen de Quadlanden is belangrijk voor het herstel van de machtsbalans in Azië. Ze hoeft niet noodzakelijk te leiden tot een soort nieuwe Triple Entente, de anti-Duitse alliantie aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog, of tot een harde indammingspolitiek, maar kan wel bijdragen aan het heroriënteren van handel en investeringen. De technologie en industrie van Japan en Amerika, gecombineerd met de grondstoffen van Australië en de bevolking van India zouden een formidabele dynamiek opleveren. Het zou het Chinese autoritarisme de wind uit de zeilen halen ten bate van de fragiele Indiase democratie. Chinese commentatoren zijn nog niet onder de indruk. Ze bekijken het hele gebeuren als signaalpolitiek, eerder dan realpolitik. Waarom zou het nu wel lukken? Bidens voorgangers, George W. Bush, Barack Obama en Donald Trump, hadden telkens de mond vol van de versterking van het Amerikaanse leiderschap, maar kozen uiteindelijk toch vooral voor de eigen zakelijke belangen. Het is nu aan Joe Biden om de daad bij het woord te voegen. Het opkrikken van de nucleaire garanties wordt het gevoeligste thema. Het gaat daarbij niet alleen om beloftes. Nee, er moeten stevige overlegstructuren komen met landen als Japan, een planning voor hoe de nucleaire afschrikking zich zal ontwikkelen, en een duidelijke rol voor Japan zelf - net zoals dat binnen de NAVO het geval is. Ook het economische luik is lastig. Amerika wil in de eerste plaats industrie naar huis halen, eerder dan ze te verplaatsen naar pakweg India. De grote multinationals staan niet bepaald te trappelen om de stabiliteit van het Chinese autoritarisme in te ruilen voor de rusteloze Indiase democratie. Zonder die twee fundamentele bijsturingen zal de Quad opnieuw uitdraaien op een teleurstelling. En het is duidelijk wie daarbij wint.