Een maand na de grote bevrijding van meer dan vierduizend gevangenen in Kinshasa, vallen gewapende mannen de gevangenis van Beni aan en openen ze de deuren voor 966 aanwezige gevangenen. Van de 936 voortvluchtigen werden er meer dan driehonderd verdacht van betrokkenheid in de bloedbaden die de afgelopen twee jaar meer dan duizend doden eisten in de streek van Beni. Voor de bevolking opent hiermee een nieuwe akte in een tragisch stuk theater en gaat de laatste hoop op gerechtigheid te gronde.

In Congo moet je dezer dagen lang zoeken om de kleine lichtpuntjes te vinden aan de wel erg bewolkte hemel.

In Congo moet je dezer dagen lang zoeken om de kleine lichtpuntjes te vinden aan de wel erg bewolkte hemel. Het hoeft niet meer gezegd dat het land in een erg diepe crisis verkeert. De termijn van Kabila is verstreken en alle vredevolle oplossingen eindigden op een dood spoor. Het geloof in de democratie is dood en begraven en het land vervalt verder in een erg gevaarlijke chaos. De bevolking blijft vredevol verzet plegen, maar, aan haar lot overgelaten, speelt de vermoeidheid haar parten.

De regio van Beni beslaat slechts een fractie van het enorme land. Maar wat er zich daar de laatste twee jaar heeft afgespeeld, kan als scenario dienen voor wat andere delen van het land nog te wachten staat.

De bloedbaden die in oktober 2014 begonnen, bleken al snel een politiek kluwen. Met het project Beni Files registreerden we meer dan 600 getuigenissen van meer dan 90 incidenten, waarbij meer dan 1000 mensen het leven lieten.

Minstens een deel van de aanvallen zijn niet uitgevoerd door de naburige rebellengroep die al meer dan twee decennia in de regio vertoeft. Waarschijnlijk staken deze (van oorsprong) Oegandese rebellen slechts het vuur aan de lont van een lokale en regionale politieke machtstrijd. Diverse spelers leken elk om beurt een aanval te bestellen om zo de woede van de bevolking te heroriënteren in de richting van het kamp van de ander. Dit bloederige pingpongspel liep danig uit de hand. Meer dan duizend burgerslachtoffers later weet niemand nog wie de vijand is. De mannen van de MONUSCO, de VN-vredesmissie, stonden erbij en keken ernaar.

Maar toen, even plots als het begon, stopte het moorden in Beni. De Congolese overheid kondigde een grootschalig massaproces aan tegen meer dan driehonderd verdachten. De bevolking fronste even de wenkbrauwen, want zonder een serieus onderzoek konden hoogstens enkele kleine vissen worden veroordeeld en zouden ongetwijfeld ook onschuldige figuranten mee de prijs moeten betalen. Dit stuk theater leek gepaard te gaan met de komst van een relatieve rust, en daarom leken de meeste burgers, zij het met argwaan, deze nieuwe situatie als aanvaardbaar te beschouwen.

2017 leek trouwens het jaar te worden waarin de provincie Kasai alle aandacht van de internationale media zou wegkapen. Nadat de Verenigde Naties er meer dan veertig massagraven wist te lokaliseren, riepen opnieuw heel wat westerse landen dat er absoluut een onafhankelijk onderzoek moest gebeuren naar deze gruweldaden.

Dit discours klonk de nabestaanden van Beni wel erg bekend in de oren. Het bloed van de slachtoffers van Beni was amper koud, en ze werden al vergeten. Dezelfde verontwaardiging, beloften en discours herhaalden zich in Kasai, en meer dan ooit wisten de mensen van Beni hoe loos deze woorden waren. De internationale reacties leken wel recht uit een oud draaiboek 'diplomatie voor passief medelijden' te komen.

De internationale reacties leken wel recht uit een oud draaiboek 'diplomatie voor passief medelijden' te komen.

Tien maanden na de start van het publiek tribunaal in Beni waren al 86 verdachten veroordeeld. Van minstens een tiental van hen konden enkele van de getuigen van de Beni Files de betrokkenheid bevestigen. Tweehonderd gevangenen wachtten in de centrale gevangenis van Beni hun beurt af. Tot gisteren dus.

Nadat de militaire hoofdaanklager zijn zondagochtendwandeling langs de gevangenis van Beni afwerkte en hij vervolgens het vliegtuig naar Goma besteeg, openden enkele gewapende mannen op klaarlichte dag het vuur. Acht medewerkers van de gevangenis en drie toevallige bezoekers kwamen om in een kort vuurgevecht. 930 gedetineerden namen de benen. Voor dertig bewoners van de gevangenis is het kennelijk genoeg geweest, ze bleven gisteren liever zitten waar ze waren. Misschien hebben zij stilaan genoeg gezien?

Samen met de rest van de bevolking wachten ze, moe gestreden, het vervolg af. De enkele moedige getuigen, die het tribunaal toch een kans hadden gegeven, zoeken nu ook een nieuwe schuilplaats op en de chaos neemt verder haar beloop. Er lijkt voor hen maar een één zekerheid te bestaan: na de doden van Beni en Kasai, zullen er nog anderen volgen en vroeg of laat nemen die daders ook wel weer de benen.