Na een strijd van drie jaar haalde Access Info Europe einde juli zijn slag thuis: op basis van de Wet openbaarheid van bestuur kreeg de ngo toegang tot de financiële verslagen van officiële missies van de Eurocommissarissen in de eerste 2 maanden van 2016. Knack, dat in samenwerking met Access Info Europe de gegevens over de Belgische Eurocommissaris voor Werk, Sociale Zaken, Vaardigheden en Arbeidsmobiliteit Marianne Thyssen (CD&V) opvroeg, analyseerde alle vrijgegeven documenten.
...

Na een strijd van drie jaar haalde Access Info Europe einde juli zijn slag thuis: op basis van de Wet openbaarheid van bestuur kreeg de ngo toegang tot de financiële verslagen van officiële missies van de Eurocommissarissen in de eerste 2 maanden van 2016. Knack, dat in samenwerking met Access Info Europe de gegevens over de Belgische Eurocommissaris voor Werk, Sociale Zaken, Vaardigheden en Arbeidsmobiliteit Marianne Thyssen (CD&V) opvroeg, analyseerde alle vrijgegeven documenten. In januari en februari 2016, zo blijkt, voerden de 28 Eurocommissarissen 261 officiële missies uit. Ze bezochten 26 Europese lidstaten en 23 landen buiten de Europese Unie. Doorgaans ging het om korte bezoeken: 6 op de 10 missies duurden niet langer dan 2 dagen. Het doel van de missies was erg uiteenlopend: zittingen van het Europees Parlement in Straatsburg, het World Economic Forum in Davos, officiële bezoeken aan landen enzovoort. Het totale kostenplaatje van al die trips: 492.249 euro. Per Eurocommissaris is dat gemiddeld 8790 euro per maand. De Eurocommissarissen overnachtten in de aangegeven periode 467 keer in het buitenland, wat neerkomt op 8 overnachtingen per persoon per maand. Het vaakst onderweg was Günther Oettinger, Europees Commissaris belast met Begroting en Personeelszaken. Tijdens 13 missies naar 6 Europese landen sliep hij in 2 maanden tijd 35 keer in het buitenland. Een analyse van de 261 missies toont dat de Europese Commissie over het algemeen zuinig met haar reisbudget omspringt. Heel wat overnachtingen kostten minder dan 200 euro. Tijdens amper 5 missies betaalden Eurocommissarissen meer dan 500 euro voor een hotelkamer per nacht. De duurste overnachting, in Addis Abeba, kostte 629 euro. Marianne Thyssen gaf het hoogste aantal missies aan: 16. Opmerkelijk is dat 7 daarvan nieuwjaarsrecepties betroffen: 'Nationale nieuwjaarsreceptie CD&V in Antwerpen' (48,30 euro), 'CD&V nieuwjaarsontbijt in Ninove' (48,30 euro), 'Séances de voeux Conseil Economique et Social de Wallonie, Liège' (48,30 euro), 'CD&V nieuwjaarsreceptie (Veerle Heeren)' (19,32 euro), 'Nieuwjaarsreceptie Lubbeek' (19,32 euro), 'Nieuwjaarsreceptie in Westerloo - Kristof Welters' (19,32 euro) en 'Mission "Afdeling" in Wuustwezel' (19,32 euro). De gedeclareerde kosten voor die 7 samen bedroegen 230 euro. Op het eerste gezicht lijkt het misschien wat vreemd dat Thyssen zich door de Commissie laat betalen om nieuwjaarsrecepties bij te wonen - nota bene van haar eigen partij - maar volgens haar woordvoerder is er een logische uitleg voor: 'Voor werkgerelateerde missies buiten Brussel wordt Eurocommissarissen gevraagd een missieaanvraag in te vullen. Ze krijgen daarvoor een dagvergoeding die wordt berekend in functie van de duur van de missie.' Voor 6 uur of minder is dat 19,32 euro, voor 6 tot 12 uur is dat 48,30 euro. 'Lid zijn van de Europese Commissie is een politieke functie', vervolgt de woordvoerder. 'Evenementen bijwonen maakt integraal deel uit van de job. Commissarissen zijn overal ter wereld ambassadeurs van Europa, ook in hun thuisland. Van hen wordt verwacht dat ze actief en geregeld interageren met burgers, belanghebbenden en hun vertegenwoordigers, met als doel de standpunten en voorstellen van de Commissie die een impact op hun dagelijkse leven hebben uit te leggen en te bespreken. Dat is precies wat Eurocommissaris Thyssen gedaan heeft op die evenementen, waar ze toespraken gaf over het beleid van de EU.' In de vrijgegeven Commissie-documenten is Thyssen de enige van de 28 Eurocommissarissen die nieuwjaarsrecepties opgaf als missiedoel, maar het is uiteraard niet uit te sluiten dat ook andere collega's tijdens gedeclareerde reizen in het buitenland zulke recepties hebben bijgewoond. De duurste missie staat op naam van Federica Mogherini, hoge EU-vertegenwoordiger voor Buitenlandse Zaken en Veiligheidsbeleid. Voor topontmoetingen in Azerbeidzjan en Armenië, van 29 februari tot 2 maart 2016, maakte ze gebruik van een gecharterd vliegtuig, een air taxi of luchttaxi in het jargon. Kostprijs: 75.118 euro. Met een wisselende delegatie van 6 tot 8 personen vloog Mogherini daarmee naar Bakoe, vervolgens naar Jerevan en daarna terug naar Brussel. Door een luchttaxi te gebruiken, kon ze in 2 dagen in de beide landen een maximaal aantal ontmoetingen bijwonen. De gedragscode van de Commissie laat het gebruik van zo'n luchttaxi toe wanneer er geen commerciële vluchten beschikbaar zijn, wanneer die niet passen in de agenda van de Eurocommissaris, of om veiligheidsredenen. Ook commissievoorzitter Jean-Claude Juncker deed een beroep op de luchttaxi toen hij op 25 en 26 februari 2016 een officieel bezoek bracht aan Rome, waar hij verschillende Italiaanse toppolitici ontmoette. Kostprijs: 26.351 euro. 8 andere delegatieleden reisden mee, wat de kostprijs per persoon op een kleine 3000 euro bracht. Commerciële vluchten kostten toen weliswaar 1738 euro per persoon, maar waren volgens de Commissie geen optie vanwege Junckers agenda. Ook missies met commerciële vluchten vielen soms duur uit. Voorbeelden zijn het driedaagse bezoek van Europees commissaris voor Internationale Samenwerking en Ontwikkeling Mimica Neven aan Burkina Faso (bijna 8000 euro) of zijn vierdaagse trip naar Guatemala (ruim 10.000 euro). De uitleg? Wanneer langeafstandsvluchten om agendaredenen niet tijdig kunnen worden geboekt, jaagt dat de prijs de hoogte in. Dat de Europese Commissie de voltallige missieonkosten publiek maakt, is een belangrijk precedent. Toch is Helen Darbishire, oprichter en directeur van Access Info Europe, niet helemaal tevreden: hoewel documenten voor heel het jaar 2016 waren opgevraagd, gaf de Commissie alleen info over twee maanden vrij. 'We vragen gewoon basisinformatie over de manier waarop de Commissie publieke middelen aanwendt. Elke belastingbetaler mag toch weten waarvoor zijn geld wordt gebruikt?' De calvarietocht begon ruim drie jaar geleden, toen Access Info Europe voor het eerst de reisonkosten van de Commissie opvroeg. Darbishire: 'In eerste instantie gaf ze alleen de algemene totalen vrij. Later kregen we data waarin de namen van de Eurocommissarissen en de reisdata waren zwartgemaakt. Door vervolgens de gegevens van elke Eurocommissaris afzonderlijk op te vragen, konden we meer informatie inwinnen. Zo ontvingen we eind 2016 alvast de kostennota's van 6 commissarissen uit een periode van twee maanden in 2015. De interessantste vaststelling toen was dat Jean-Claude Juncker een luchttaxi van 63.126 euro had genomen om terug te vliegen van de G20-top in het Turkse Antalya, omdat de geplande terugkeer met een vliegtuig van het Belgische leger niet kon doorgaan.' In een volgende stap, begin 2017, lanceerde Access Info een publiekscampagne waarin het Europese burgers opriep om via een onlineformulier de reisonkosten van de Europese Commissie op te vragen (en waar Knack aan deelnam). Van die campagne zijn de vrijgegeven documenten over januari en februari 2016 het resultaat. De reisonkosten uit de andere 10 maanden van 2016 ook publiek maken zou volgens de Commissie leiden tot een 'buitensporige administratieve last': een personeelslid zou er 75,5 werkdag aan moeten besteden. De Commissie benadrukt voorts dat haar financiële beheer onderworpen is aan een nauwgezette controle door het Europees Parlement en de Europese Rekenkamer. 'We zijn een van de meest gecontroleerde organisaties ter wereld', klinkt het. 'Ons transparantiebeleid is verregaand en omvangrijk.' Access Info Europe heeft de transparantiekwestie intussen aangekaart bij de Europese Ombudsman. Helen Darbishire: 'We hopen dat de Ombudsman een discussie op gang brengt over welke uitgaven de Europese Commissie sowieso publiek zou moeten maken. Niet alleen als antwoord op concrete aanvragen, maar uit eigen beweging. Omdat dat normaal is in een moderne democratie.'