Stephanie Kelton staat in haar keuken het fornuis schoon te maken en windt zich op. Alweer heeft een gevestigd econoom op een conferentie haar radicale theorie belachelijk gemaakt, zonder precies te weten waar het om gaat. De 49-jarige Amerikaanse econome is adviseur geweest van Democratische toppolitici zoals Bernie Sanders en Alexandria Ocasio-Cortez en is een bekend televisiegezicht. In dit gesprek legt ze uit waarom de wereld anders is dan we denken.
...

Stephanie Kelton staat in haar keuken het fornuis schoon te maken en windt zich op. Alweer heeft een gevestigd econoom op een conferentie haar radicale theorie belachelijk gemaakt, zonder precies te weten waar het om gaat. De 49-jarige Amerikaanse econome is adviseur geweest van Democratische toppolitici zoals Bernie Sanders en Alexandria Ocasio-Cortez en is een bekend televisiegezicht. In dit gesprek legt ze uit waarom de wereld anders is dan we denken. U hebt eens gezegd dat onze opvattingen over staatsschulden er helemaal naast zitten. Kunt u dat toelichten? Stephanie Kelton: Stel je een wereld voor waar geen geld is. Je leeft in een land met 15 miljoen mensen die thuis zitten omdat ze geen baan vinden. Restaurants hebben nauwelijks klanten, er is geen kat te zien in de winkels. U kunt me nog volgen? Ja. Kelton: Goed. Maar in dat land is tegelijk ook enorm veel werk: de schoolgebouwen zijn aftands, de wegen liggen er slecht bij. Elk verstandig mens zou zeggen: als er dingen zijn die gedaan moeten worden en er zijn mensen die ze graag willen doen, dan ligt het toch voor de hand wat er moet gebeuren? De staat zou projecten kunnen opleggen om de infrastructuur te moderniseren. Maar? Kelton: Op dat moment gaat het plotseling over geld. Want veel politici en economen zeggen: dat kunnen wij ons niet permitteren, we zouden meer schulden moeten maken. En als we te veel schulden maken, gaat de staat failliet. En wat zegt u? Kelton: Ik zeg: dat is het verkeerde uitgangspunt. De Amerikaanse staat heeft zijn eigen munt. Amerika kan niet failliet gaan. De mensen zeggen altijd dat ze zo veel schulden hebben, dat de buikriem steeds meer moet worden aangehaald. Maar de staat heeft geen buikriem. Waarom niet? Kelton: De idee dat staten slechts over een beperkte hoeveelheid geld beschikken, is ontstaan in een periode waarin munten meestal op de een of andere manier gekoppeld waren aan edelmetalen zoals goud of zilver. Tegenwoordig is dat niet meer zo. Geld wordt gewoon gedrukt, of beter gezegd: door een computer gemaakt. En je kunt er zoveel van bijmaken als je maar wilt. Dat klinkt alsof je tegen een kind zou zeggen: van snoep word je niet dik. Eet er maar op los. Kelton: Nee, nee. Staatsuitgaven moeten worden begrensd. Maar die grens is niet afhankelijk van de grootte van de schulden, wel van de hoogte van de inflatie. Wat bedoelt u daarmee? Bij het woord inflatie denken wij normaal gezien aan massale werkloosheid en controleverlies door de overheid. Kelton: Dat bedoel ik niet. Inflatie is ook een nevenverschijnsel van economisch handelen. Om bij hetzelfde beeld te blijven: inflatie ontstaat als de restaurants vol zitten en als de mensen elkaar in de winkels verdringen. Want dan is er op een bepaald moment gebrek aan arbeidskrachten, waardoor het horecapersoneel hogere lonen kan eisen en restaurantuitbaters hun prijzen verhogen. In zo'n situatie is het verkeerd om de economie nog meer aan te wakkeren door het verlenen van overheidssteun, want dan zou het systeem oververhitten. Maar als veel mensen zonder werk zitten, blijven bestaansmiddelen onbenut die door de staat kunnen worden ingezet. Het is precies dat wat nu in de meeste industriestaten gebeurt. Je hebt dikke kinderen en magere kinderen, en de magere kinderen kunnen zonder problemen meer snoep verdragen?Kelton: Zoiets, ja. En als de overheid bij de verdeling van het snoep niet goed uitkijkt en per ongeluk zo veel geld uitgeeft dat de economie plotseling inderdaad warmloopt? Kelton: Dan moet de staat weer minder gaan uitgeven, of de belastingen verhogen. De voorwaarde is dan wel dat politici daartoe bereid zijn. Kunt u begrijpen dat mensen zeggen: dat slaat toch nergens op? Kelton: Natuurlijk, het gaat in tegen het gevoel. Als ik als privépersoon te veel schulden maak, dan dreigt het faillissement. Maar bij een staat met een eigen munt is dat anders. Dat moet men begrijpen. Als het allemaal zo gemakkelijk is, waarom zijn er dan landen zoals Zimbabwe of Venezuela? Daar is het inflatiepercentage hoog en miljoenen mensen hebben geen werk. Kelton: Omdat inflatie ook nog andere oorzaken heeft. In Zimbabwe is er een landhervorming geweest, grote boerderijen werden in beslag genomen en de landbouwproductie is gedaald. Voedsel werd steeds duurder en zo is er een spiraal van steeds snellere prijsstijgingen ontstaan. Maar dat is niet te vergelijken met de situatie bij ons. Uw theorie wordt onder economen de Modern Monetary Theory (MMT) genoemd. Hoe bent u daar opgekomen? Kelton: Ik was al als student geïnteresseerd in geld als economisch concept. Ik stond daar nogal alleen mee. Geld kwam in de toenmalige economische modellen praktisch niet voor. Een van mijn professoren - hij werd later hoofdeconoom bij de bank Citigroup - zei ooit tegen me: 'Als je gelooft dat geld belangrijk is, dan geniet je er waarschijnlijk ook van om jezelf in de kelder af te ranselen met een rubberen slang.' Toen heb ik me maar met een paar gelijkgezinden in de literatuur ter zake verdiept. We lazen de boeken aan elkaar voor en op een bepaald snapte ik het. Wanneer was dat? Kelton: In 1997. Ik heb het boek van hefboomfondsmanager Warren Mosler gelezen. Hij beweert in dat boek dat een overheid niet aangewezen is op belastingen om zichzelf te financieren. Ik dacht bij mezelf: dat kan toch niet, dat gaat toch in tegen alles wat ik tot nu toe geleerd heb. U dacht dus precies hetzelfde als wat uw critici nu zeggen. Kelton: Ja. En daarom heb ik er heel grondig onderzoek naar gedaan. Ik heb maandenlang gepraat met mensen van het ministerie van Financiën, van de Centrale Bank. En uiteindelijk ben ik tot de conclusie gekomen dat hij gelijk heeft, dat wij, als economen, de hele tijd op een dwaalspoor hebben gezeten. Dat was voor mij een soort copernicaans moment. Kent u de film The Matrix?Ja. Kelton: Daar heb je die beroemde scène waarin Keanu Reeves de keuze heeft om een blauwe of een rode pil te nemen. Als hij de blauwe pil neemt, blijft alles bij het oude. Neemt hij de rode pil, dan beseft hij dat de wereld slechts een verzinsel is dat door intelligente machines in stand wordt gehouden om de mensen tot slaven te maken. Ik heb de rode pil genomen. MMT is populair bij jongeren. Hebt u een idee hoe dat komt? Kelton: Jonge mensen beseffen hoe desastreus de planeet eraan toe is en willen iets veranderen. Maar alles wat ze van ouderen te horen krijgen, is: dat is te duur, dat kunnen we niet betalen. Door MMT zijn ze in staat de dingen groter te zien. Uw theorie kan de wereld redden? Kelton: Dat niet. De strijd tegen de klimaatverandering vraagt een gezamenlijke inspanning van wetenschappers, economen, vakbonden en politici. Maar MMT maakt een einde aan de mythe dat wij ons de redding van de wereld niet kunnen permitteren. Wij zeggen: het probleem is niet het geld. Dat is onze bijdrage. Maar je zou ook kunnen argumenteren dat politici gewoon de juiste prioriteiten moeten stellen. Wie meer wil uitgeven aan milieubescherming zou bijvoorbeeld kunnen besparen op bewapening. Kelton: Maar zo gaat het in de praktijk niet. Als een politicus in het Amerikaanse Congres zegt: 'Ik heb meer geld nodig voor het klimaat, laten we minder uitgeven aan defensie of de belastingen verhogen', dan is er meteen luid protest. Het leger heeft een sterke lobby, en hogere belastingen zijn politiek moeilijk te realiseren. Uiteindelijk gebeurt er dan vaak helemaal niets. Het gevolg: de planeet blijft aftakelen en we hebben een verouderde infrastructuur. En dat alleen omdat we per se willen blijven geloven dat we niet genoeg geld hebben. Dat slaat nergens op. Ik laat tijdens mijn voordrachten graag een foto zien van een bever bij zijn dam. Wat hebben bevers hiermee te maken? Kelton: Wacht even. Ik laat de foto zien en vraag: 'Waar zou de bever het geld vandaan halen om de dam te bouwen?' Dan begint iedereen te lachen. En dan zeg ik: 'Hij heeft waarschijnlijk gewoon gedacht: aan de overkant liggen er takken en stokken. Als ik die haal, kan ik mijn dam bouwen. En dat is het punt waar wij mensen, de kroon van de schepping, staan. We hebben beton, we hebben arbeidskrachten, en we zitten te kijken en vragen ons af waar het geld vandaan moet komen. Dan vraag ik me af: wie is hier gek? Dieren volgen hun instinct, mensen kunnen keuzes maken. Hoe wilt u verhinderen dat politici dure maar nutteloze verkiezingsbeloftes doen als ze de drukpersen van het papieren geld controleren? In de meeste landen zijn de centrale banken om die reden onafhankelijk. Kelton: Zijn ze dat? Ook de Amerikaanse centrale bank, het Federal Reserve System, maakt deel uit van de overheid en is uiteindelijk ondergeschikt aan het Amerikaanse Congres. Als het parlement morgen 30 miljard dollar meer zou willen uitgeven, dan kan het dat gewoon doen. Wat is uw bewijs? Kelton: Mijn bewijs is dat ik twijfel aan de these dat politici fundamenteel altijd zo veel mogelijk geld willen uitgeven en dat ze bijgestuurd moeten worden met een verhaal dat niet klopt, over een zogenaamd dreigend staatsbankroet. U was vooral raadgever voor Democratische politici. Is MMT een rechtse of een linkse theorie? Kelton: Het een noch het ander. MMT legt samenhangen bloot. Je zou er ook oorlogen mee kunnen financieren, hoewel ik daar zelf niet voor ben. Het is een interessante gedachte dat men zich tijdens de Tweede Wereldoorlog ook niet om de staatsschuld bekommerd heeft. Er werd gezegd: alles staat op het spel, dit moeten we gewoon doen. Bij de klimaatverandering staat ook alles op het spel. U neemt telkens Amerika als voorbeeld. Bij ons in Europa zat Griekenland een paar jaar geleden zo diep in de schulden dat het tot een van de grootste staatsfaillissementen uit de economische geschiedenis heeft geleid. Hoe verklaart u dat? Kelton: Griekenland heeft geen eigen munt meer. De Grieken gebruiken de euro, en die wordt niet alleen door de Griekse centrale bank, maar door de Europese Centrale Bank gecontroleerd. Die stelt haar politiek niet alleen op Griekenland af. Is het beter om de nationale munt weer overal in te voeren? Kelton: Het probleem is dat de euro de verbindingslijn tussen staat en centrale bank heeft doen knappen. Je kunt die verbindingslijn ook weer herstellen door de eurozone te laten ontwikkelen in de richting van één staat. Dat zou ik persoonlijk beter vinden, omdat het Europese project dan niet in gevaar zou komen. U hebt ooit gezegd, verwijzend naar een citaat van Mahatma Gandhi: 'Eerst negeren ze je, dan lachen ze je uit, daarna geven ze kritiek en vervolgens heb je gewonnen.' In welke fase bevindt u zich op dit moment met uw theorie? Kelton: (lacht) In fase drie. Dat is toch al iets. Kerstin Kohlenberg en Mark Schieritz, Die Zeit