In de Oostenrijkse stad Salzburg vindt momenteel een informele Europese top plaats. De 28 regeringsleiders en staatshoofden begonnen woensdagavond met een dinner in het befaamde Felsenreitschule theater, waar een deel van The Sound of Music werd opgenomen. Naast migratie staat vooral de brexit bovenaan de agenda. Terwijl de deadline van 29 maart 2019 onherroepelijk dichterbij komt, is een overeenkomst tussen Brussel en Londen nog niet in zicht. De brexit krijgt stilaan alle kenmerken van een slepende ziekte. De Britse regering staat met de rug tegen de muur. Hoe is het toch zover kunnen komen? En krijgt Brits premier Theresa May alsnog toegevingen uit de brand gesleept om haar achterban te sussen?

Gewonde May

Op 29 maart 2017 activeerde kersvers May Artikel 50 van het Verdrag van Lissabon. Kort nadien besloot ze om vervroegde verkiezingen te organiseren om zo haar meerderheid in het parlement te versterken. Op die manier hoopte de Britse premier om haar onderhandelingspositie in Brussel kracht bij te zetten. Maar voor May draaide de verkiezingen uit op een nachtmerrie. Wanneer ze op 21 april de verkiezingen onverwachts aankondigde, stond haar partij een slordige achttien procent voor in de peilingen.

De Conservatieve Partij is zo verdeeld dat de vijanden van May zelfs een alternatieve partijdag hebben georganiseerd.

Na de stembusgang bedroeg haar voorsprong nog maar drie procent en verloren de Conservatives de meerderheid in Westminster. De Noord-Ierse DUP, die niet wil weten van een splitsing tussen Noord-Ierland en Groot-Brittannië, haalde de angel uit de crisis door Mays minderheidsregering gedoogsteun te geven. Daarbovenop dwong het Britse parlement midden december het recht af om het uiteindelijke brexitakkoord al dan niet naar de prullenmand te verwijzen. De macht van May verdween als sneeuw voor de zon.

De gewonde Britse regering moest intussen al mankend naar Brussel voor de start van de onderhandelingen. Zes moeilijke onderhandelingsrondes later kwamen de Europese onderhandelaar Michel Barnier en de toenmalige brexitminister David Davis tot een principeakkoord over de modaliteiten van de uitstap. Er werden afspraken gemaakt over de rechten van Europese burgers in het Verenigd Koninkrijk en de som die Londen de komende jaren aan Brussel verschuldigd is.

Bovendien werd provisoir afgesproken dat er geen fysieke grenscontroles zouden komen aan de grens tussen Ierland en Noord-Ierland. Dat laatste hoort namelijk bij het Verenigd Koninkrijk en zal de Europese Unie dus mee verlaten. Voorwaarde van de Europese Unie was enkel dat Noord-Ierland wel bij de zogenaamde douane-unie zou blijven. Alle producten, personen en diensten van derde landen die de Europese douane-unie binnenkomen, worden onderworpen aan controle en taksen. Bovendien moeten ze voldoen aan standaarden die door de Europese Unie worden gezet. Concreet betekende het akkoord dat Noord-Ierland aan de Europese regelgeving onderhevig zou blijven.

Ierse puzzel

Maar beide kampen aan weerskanten van het kanaal wisten zeer goed dat de laatste woorden hierover nog niet gezegd waren. Eenmaal de onderhandelingen over de toekomstige handelsrelatie tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie terug van start gingen, werd duidelijk dat de fundamenten van het eerder gesloten vergelijk enorm wankel waren. De hoeksteen van de brexitcampagne was voor velen de soevereiniteit van het Verenigd Koninkrijk ten opzichte van Brusselse 'eurofiele technocraten'.

De Europese Unie moet net als het Verenigd Koninkrijk toegevingen doen.

Theresa May, Brits premier

Dan maar fysieke grenscontroles aan de grens tussen beide delen van het eiland? Probleem is dat zoiets om historische redenen niet is toegelaten. Na de dertig jaar durende spanningen tussen de protestante Unionisten (die bij het Verenigd Koninkrijk willen blijven) en de katholieke nationalistische Republikeinen (die bij Ierland willen horen) werd in 1998 het Goedevrijdagakkoord gesloten. Het akkoord verankerde de vrede tussen beide kampen en bepaalde onder meer dat de fysieke grens tussen beide delen van het eiland (die tijdens het conflict door militairen werd bewaakt) onder de auspiciën van de Europese Unie moest verdwijnen. Zo gezegd zo gedaan.

Maar nu de wegen tussen Londen en Brussel zullen scheiden, ligt de kwestie terug helemaal bovenaan de onderhandelingsstapel. Als het Verenigd Koninkrijk noch fysieke grenzen wil, noch toestaat dat Noord-Ierland onder Europese regelgeving blijft vallen, dan dreigt de totale patstelling. Hoe moet de Europese Unie de producten, kapitaal, personen en diensten van buiten de Europese Unie (het Verenigd Koninkrijk) controleren zonder fysieke grensbewaking? En wat als die de andere richting uitgaan?

In Londen werd voorgesteld om het probleem met een hoogtechnologisch camerasysteem op te lossen. Daarbij zou het Verenigd Koninkrijk de invoertarieven voor de Europese Unie verzamelen en vervolgens doorstorten op de rekening van Brussel. Probleem is dat zo'n technologie nog niet voorhanden is en dat de Europese Unie haar bevoegdheden niet zomaar aan een derde landen wil uitbesteden. En omdat de zeventwintig Europese lidstaten zich als een onvermurwbaar blok opstellen, moet May met ongelijke wapens strijden.

Intussen wordt er door de onderhandelaars nagedacht over het idee om de controles niet aan de grens uit te voeren, maar wel in de havens en meer landinwaarts. Al zal moeten blijken of de brexiteers met die toegeving zullen kunnen leven.

Voor Brussel is het duidelijk: wie wil genieten van de baten, moet delen in de kosten.

Gordiaanse knoop

De Ierse grens is niet de enige gordiaanse knoop die de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk moeten ontwaren. Sinds maart dit jaar onderhandelen beide partijen over de toekomstige handelsrelatie die Londen en Brussel na 29 maart 2019 zullen onderhouden. Ook daar wringt het schoentje. Pas midden juli kwam Theresa May met het zogenaamde Chequers Proposal waarin het ze de rode lijnen voor de toekomstige betrekkingen uiteenzette.

Haar voorstel kon in Londen op weinig goeddunken rekenen. Zowel toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Boris Johnson als Davies vonden dat het de definitieve capitulatie van het Verenigd Koninkrijk aan de Europese Unie inhield. Bij wijze van protest stuurden ze hun C4 naar Downing Street 10.

Maar ook in Brussel werd het voorstel op weinig applaus onthaald. May stelt namelijk voor om enkel voor kapitaal, goederen en diensten in de Europese interne markt te blijven. Dat hoeft niet te verbazen. In 2017 voerde het Verenigd Koninkrijk voor 309 miljard euro aan goederen en diensten naar de Europese Unie uit. Bovendien heeft het Verenigd Koninkrijk een handelstekort van 75 miljard euro. Dat wil zeggen dat het veel meer uit de Unie importeert, dan dat het uitvoert. Dat maakt dat het Verenigd Koninkrijk na een eventuele harde brexit op zoek moet naar andere gunstige importlanden.

Maar van het vrij verkeer van personen wil May daarentegen niets weten. De Vote Leave- campagne zette namelijk hard in op het migratiethema en voor May is het wegens interne partijdruk enorm moeilijk om van die lijn af te wijken. Maar voor de Europese Unie zijn deze vier vrijheden een en ondeelbaar. Ook Noorwegen, Liechtenstein en IJsland maken deel uit van de interne markt. Zij moeten er zonder verpinken het vrij verkeer van personen erbij nemen en betalen mee aan de Europese agentschappen waar ze deel van uitmaken.

Race tegen de tijd

In Salzburg zal May de komende dagen proberen om de Europese Unie toch tot toegevingen te dwingen. Dat wordt alvast geen sinecure. Brussel stelt zich onwrikbaar op terwijl een deel van Mays achterban wel degelijk tegemoetkomingen verwacht. Komt ze zonder concessies terug, dreigt een eventueel akkoord in het Britse parlement te stranden.

De aanvankelijke deadline om midden oktober te landen, is met twee weken uitgesteld.

Dat laatste willen May en haar entourage alvast vermijden. Een hoge ambtenaar uit het ministerie van Financiën zei woensdag dat een tweede referendum niet uitgesloten is indien het Brits parlement het voorstel van May verwerpt. Daarmee wordt de druk op de Brexiteers danig verhoogd. De angst leeft dat de Europese Unie doelbewust zo weinig zal toegeven, dat het akkoord in het parlement zal stranden. Wordt er vervolgens een nieuw referendum georganiseerd, dan blijven de Britten misschien toch in de Unie.

Aanvankelijk beoogden Brussel en Londen om midden oktober te landen over de tweede fase van de onderhandelingen. Maar omdat er amper vooruitgang is geboekt, werd die deadline met twee weken verlaat. Zowel Barnier als Brits onderhandelaar Dominic Raab geloven nog steeds in een akkoord, al waarschuwen beide heren dat een no-deal nog steeds een realistische piste is. Europees president Donald Tusk heeft intussen de druk verhoogd door midden november een bijkomende Europese top over brexit te organiseren waarop het akkoord kan worden ondertekend. Zal er tegen dan een overeenkomst op tafel liggen?

Het is bovendien maar de vraag of May dan nog in het zadel zit. De interne kritiek in haar partij zwelt verder aan. Eind september vindt de partijdag van de Britse Conservatieven plaats. Daar zal May proberen om de rangen terug te sluiten. De sterren staan voor May niet meteen gunstig. Uit protest organiseren enkele rivaliserende conservatieve parlementsleden begin oktober zelfs een alternatieve partijbijeenkomst. Ondertussen kijkt Labourleider Jeremy Corbyn likkebaardend toe hoe May zichzelf in de vernieling rijdt.

Met een opiniestuk dat woensdag in de Duitse krant Die Welt verscheen, roept May de Europese Unie op om toch toegevingen te doen. 'Om tot een succesvol akkoord te komen, moet de Europese Unie haar positie bijstellen, net zoals het Verenigd Koninkrijk heeft gedaan', aldus May. Barnier heeft de afgelopen dagen wel enkele kleine symbolische toegevingen voorgesteld, maar in essentie zal de Europese Unie niet van haar rode lijn afwijken.