'Ik accepteer niet dat het oosten opnieuw bepaalt wie in Duitsland kanselier wordt. Het kan niet zijn dat de gefrustreerden over de lotsbestemming van Duitsland beslissen.' Aan het woord is Edmund Stoiber, voormalig partijleider van de Christlich-Soziale Union (CSU), tijdens de campagne voor de kanseliersverkiezingen van 2005.
...

'Ik accepteer niet dat het oosten opnieuw bepaalt wie in Duitsland kanselier wordt. Het kan niet zijn dat de gefrustreerden over de lotsbestemming van Duitsland beslissen.' Aan het woord is Edmund Stoiber, voormalig partijleider van de Christlich-Soziale Union (CSU), tijdens de campagne voor de kanseliersverkiezingen van 2005. Stoiber wist waarover hij sprak. In 2002 leek de toenmalige minister-president van Beieren af te stevenen op een klinkende verkiezingsoverwinning. Na vier jaar aan de macht leek de sociaaldemocratische kanselier Gerhard Schröder uitgeregeerd. In de peilingen bungelde zijn SPD de hele campagne op een schijnbaar onoverbrugbare afstand. Tot op enkele weken van de verkiezingen de hemelsluizen opengingen en de Elbe buiten zijn oevers trad. Voor Schröder was de ongeziene watersnood een onverhoopte reddingsboei: als een Mozes op rubberlaarzen snelde hij de Oost-Duitse bevolking te hulp. Zijn kordate aanpak van de wateroverlast zorgde ervoor dat de SPD in Oost-Duitsland zijn hoogste score ooit haalde. Zo kreeg de SPD nipt enkele duizenden stemmen meer dan de christendemocraten en kon Schröder een nieuwe coalitie met de groenen sluiten. Oost-Duitsland blijkt bij zowat elke Bondsdagverkiezing een opmerkelijke invloed uit te oefenen. Ook in 2005 redde het balorige oosten het vel van de sociaaldemocraten. Omdat de liberale FDP amper stemmen haalde in Oost-Duitsland, was Merkel tijdens haar eerste kanselierschap gedwongen om een 'grote coalitie' te maken met de SPD. Toen Merkel in 2009 dan toch met haar liberale voorkeurspartner aan de slag kon, zorgde de slechte score in het oosten voor een uiterst krappe coalitie. In 2013 haalde de FDP niet eens de nationale kiesdrempel, wegens - alweer - een afstraffing in de oude DDR. Op zich is de Oost-Duitse bevolking natuurlijk geen doorslaggevende factor. Met 12,3 miljoen mensen tellen de vijf oostelijke deelstaten amper 15 procent van de totale Duitse bevolking. Bovendien liggen de opkomstcijfers er gevoelig lager dan in de rest van Duitsland. Bij de vorige Bondsdagverkiezingen ging in Saksen-Anhalt bijvoorbeeld maar 62 procent van de kiesgerechtigden stemmen, terwijl in bijna alle westelijke deelstaten meer dan 70 procent van de kiezers kwam opdagen. Omdat de zetelverdeling per lidstaat gebeurt, heeft een groep gemotiveerde stemmers in Oost-Duitsland dus een grotere impact. De Oost-Duitse kiezer is ook volatieler dan zijn honkvaste westelijke landgenoten. 'Politieke partijen zijn er minder verankerd dan in West-Duitsland', zegt Duitslandkenner Dirk Rochtus (KU Leuven). 'Dat geldt vooral voor de SPD, omdat die tijdens het communisme volledig werd overgenomen door de marxistisch-leninistische Sozialistische Einheitspartei Deutschlands. De CDU heeft dat probleem minder, omdat de DDR wel een soort christendemocratische partij gedoogde. Eigenlijk is Die Linke, de opvolger van de SED, er nog steeds de meest verankerde partij.' Ook in 2017 lijkt het oosten weer zijn invloed te laten gelden. Sinds de opkomst van de anti-islamitische Pegida-beweging geldt de oude DDR als de heimat van de Wutbürger, de boze burger die zich afzet tegen het status quo en zich vooral richt tegen het genereuze vluchtelingenbeleid van Angela Merkel. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de extreemrechtse Alternative für Deutschland net in Oost-Duitsland zijn grootste successen boekt. In alle oostelijke deelstaten scoort de partij ondertussen tussen de 11 en de 22 procent in de peilingen. In de deelstaatverkiezingen in Mecklenburg-Vorpommern, Saksen en Thüringen werd de partij van Frauke Petry bij de regionale verkiezingen van vorig jaar al de op een na grootste partij. Voor Merkel is campagne voeren in haar heimat - Merkel werd geboren in Hamburg, maar is opgegroeid in het Oost-Duitse Quitzow - een uitdaging. Op campagnemeetings in het oosten zorgt AfD altijd voor een luidruchtige maar weliswaar beperkte aanwezigheid, die de in Oost-Duitsland geboren kanselier van 'verraad' beschuldigt. Dat de partij net in de voormalige socialistische heilstaat zo succesvol is, heeft verschillende redenen. Veel heeft te maken met de bevolkingssamenstelling. Omdat de DDR vijftig jaar lang afgesneden was van de maatschappelijke evoluties in West-Europa, is het oosten een stuk blanker. Dat isolement geldt bij uitstek voor het zogenaamde Tal der Ahnungslosen ('Dal der ontwetenden'), de noordoostelijke en zuidoostelijke regio's waar het onmogelijk was om (clandestien) West-Duitse televisie of radio te ontvangen en inwoners tijdens het communisme dus letterlijk keine Ahnung hadden hoe de West-Duitse samenleving evolueerde. 'Oost-Duitsland is tot 1989 een etnisch homogene gemeenschap gebleven', zegt Rochtus. 'Bovendien heeft de overgang naar het kapitalisme voor veel werkloosheid en malaise gezorgd. Ondanks de miljarden die West-Duitsland al bijna dertig jaar in de voormalige DDR investeert, voelen veel Oost-Duitsers zich behandeld als tweederangsburgers. Sinds 2015 heeft de vluchtelingencrisis die onzekerheid alleen maar aangewakkerd.' Daarbij moet wel opgemerkt worden dat Alternative für Deutschland in de eerste plaats een burgerlijke beweging is. 'In tegenstelling tot Vlaanderen en Nederland, waar het Vlaams Blok of de PVV in belangrijke mate uit teleurgestelde arbeiders bestaat, zijn AfD-kiezers over het algemeen middenklassers zonder echte economische problemen', zegt Hanco Jürgens, wetenschappelijk medewerker van het Duitslandinstituut van de Universiteit van Amsterdam. 'Veel Oost-Duitsers hadden in 1990 best wel zin in democratie en een grote Mercedes, maar ze hadden er geen idee van dat een geglobaliseerde economie ook meer migratie met zich meebrengt. Veel AfD-stemmers zijn dus kiezers die normaal gezien op de liberalen of de christendemocraten stemmen, maar nu om identitaire redenen naar rechts zijn opgeschoven.' De kans dat Oost-Duitsland Merkel alsnog ten val brengt, lijkt miniem. Toch kan het stemgedrag in de voormalige DDR de zittende kanselier nog steeds het leven zuur maken. Een hoge score voor de AfD zou vooral de liberale FDP zetels kunnen kosten. Op die manier zouden de Oost-Duitsers ervoor kunnen zorgen dat Merkel geen ander alternatief heeft dan de 'grote coalitie' met de SPD voort te zetten. Of hoe de boze burger in zijn drang naar vernieuwing uiteindelijk misschien wel het ultieme status quo in de hand werkt.