Laten we er niet flauw over doen: België heeft een probleem met migratie. Dat hebben we deels aan onszelf te wijten. Het is, bij ons, misgelopen met de integratie. Volgens de OESO presteren kinderen van vreemde origine hier ongeveer 20 procent slechter op school dan autochtone leerlingen. Nergens in Europa is de kloof zo groot. Volgens Eurostat ligt de werkloosheid bij mensen van vreemde origine in België bijna drie keer hoger dan bij autochtonen. Opnieuw: nergens in Europa is de kloof zo groot. En ten slotte dragen mensen van vreemde origine jaarlijks gemiddeld 5800 euro minder belastingen bij dan autochtonen: dat is op twee na het slechtste resultaat van alle OESO-leden. Ondertussen hebben andere landen migratie wél omgebogen in een kans: daar dragen nieuwkomers volop bij aan de economie.
...

Laten we er niet flauw over doen: België heeft een probleem met migratie. Dat hebben we deels aan onszelf te wijten. Het is, bij ons, misgelopen met de integratie. Volgens de OESO presteren kinderen van vreemde origine hier ongeveer 20 procent slechter op school dan autochtone leerlingen. Nergens in Europa is de kloof zo groot. Volgens Eurostat ligt de werkloosheid bij mensen van vreemde origine in België bijna drie keer hoger dan bij autochtonen. Opnieuw: nergens in Europa is de kloof zo groot. En ten slotte dragen mensen van vreemde origine jaarlijks gemiddeld 5800 euro minder belastingen bij dan autochtonen: dat is op twee na het slechtste resultaat van alle OESO-leden. Ondertussen hebben andere landen migratie wél omgebogen in een kans: daar dragen nieuwkomers volop bij aan de economie. Sommigen zullen nu tegenwerpen dat België relatief veel Noord-Afrikaanse migranten telt, en dat de integratie van die groep ook elders moeilijker verloopt. Maar waarom komt dat in ons land dan zo veel sterker tot uiting? De concentratiebuurten, de concentratiescholen, de concentratie-noem-maar-op: generaties lang hebben we dat probleem getolereerd. Wellicht zal het ook een generatie kosten om het op te lossen. Bezorgdheid bij de bevolking is het gevolg, zeker nu de migratiedruk op Europa toeneemt. Je moet het maar meemaken: je voor pakweg 10 euro per uur uit de naad werken, de druk voelen van de oprukkende automatisering aan de ene kant en nog goedkopere buitenlandse arbeidskrachten aan de andere kant, en dan doodleuk horen verkondigen: 'We hebben méér migratie nodig.' Of met een klein pensioentje in een klein appartementje de eenzaamheid doden, vijf hoog ergens in Antwerpen-Noord, en dan vernemen: 'Er zijn weer enkele duizenden asielzoekers geregulariseerd.' De sociale lijm laat los, en dat maakt meer mensen angstig. Het is een natuurlijk zelfverdedigingsmechanisme. Klagen over de negatieve impact van migratie heeft weinig zin. Dat doen we al bijna twintig jaar. Resultaten voorleggen zou relevanter zijn. In welke mate is de onderwijsachterstand al weggewerkt, worden nieuwkomers geactiveerd op de arbeidsmarkt, pakken we gettovorming aan, bestrijden we de vereenzaming bij ouderen, en bieden we nieuwe kansen aan de huidige verliezers van de globalisering? De uitdagingen zijn bekend, het is tijd om te handelen. En vooral: om te stoppen met te doen alsof, door bijvoorbeeld eindeloos de nadruk te leggen op het 'opkuisen' van achterstandswijken, zonder de onderliggende problemen aan te pakken. Of door te roepen dat we kordaat vluchtelingen weren, terwijl we eigenlijk niet strenger zijn dan andere Europese landen. Electoraal loont dat misschien, ja. Maar de kans is groot dat we later opnieuw zullen vaststellen: 'Ook onze generatie heeft het verprutst.' Het kan niet genoeg herhaald worden: de beste manier om met de migratiedruk om te gaan, is de veerkracht van de samenleving vergroten. Dat vraagt om coördinatie tussen alle beleidsdomeinen, van veiligheid tot onderwijs, in plaats van de huidige bestuurlijke confetti. We zullen ook een doortastender buitenlandbeleid moeten voeren. In pakweg Algerije en Tunesië over het terugkeerbeleid overleggen is zinvol, maar bovenal hebben we een globale strategie nodig. Een strategie die de vluchtelingenproblematiek koppelt aan veiligheid, goed bestuur en economische groei. Met macht komt verantwoordelijkheid. Als we vanuit ons eigenbelang de migratiedruk willen verlichten, moeten we onze macht ook aanwenden om de landen rond Europa een perspectief te bieden. Europa heeft een 'achtertuin eerst'-diplomatie nodig. Landen als België zouden het voortouw moeten nemen, door in die achtertuin investeringen aan te moedigen, het onderwijs een duw te geven, duurzame landbouw te promoten, en aan veiligheid te bouwen. Zo zouden we de oorzaken van de migratiecrisis mee aanpakken. En nee, schuldgevoel hoeft dat beleid niet voort te stuwen. Medemenselijkheid zou er de motor van zijn. En ook: een scherpzinnigere interpretatie van ons eigenbelang.