De zaak begon met het ontslag van minister Jody Wilson-Raybould op 12 februari. Wilson-Raybould was minister van Justitie tot ze in de loop van januari gedegradeerd werd tot minister van Veteranenzaken, ondergeschikt aan de minister van Defensie. Aanvankelijk werd aangenomen dat Wilson-Raybould ontslag had genomen omdat ze een stap achteruit had moeten zetten. Maar toch wezen perslekken erop dat er meer aan de hand moest zijn.
...

De zaak begon met het ontslag van minister Jody Wilson-Raybould op 12 februari. Wilson-Raybould was minister van Justitie tot ze in de loop van januari gedegradeerd werd tot minister van Veteranenzaken, ondergeschikt aan de minister van Defensie. Aanvankelijk werd aangenomen dat Wilson-Raybould ontslag had genomen omdat ze een stap achteruit had moeten zetten. Maar toch wezen perslekken erop dat er meer aan de hand moest zijn. Voor een parlementscommissie gaf Wilson-Raybould eind februari uitleg over de ware redenen voor haar ontslag - ze voelde zich opzijgezet omdat ze als minister van Justitie (Attorney-General) had geweigerd tussen te komen ten voordele van het bouwbedrijf SNC-Lavalin. Eerste minister Justin Trudeau en zijn medewerkers hadden haar onderworpen aan wat ze omschreef als 'verholen dreigementen'. SNC-Lavalin, dat zijn hoofdzetel heeft in Montreal, stelt in Canada ruim 9000 mensen tewerk. In 2015 werd een onderzoek geopend nadat was gebleken dat het bedrijf in de voorafgaande periode steekpenningen betaald had voor projecten in Libië. Een deel van dat smeergeld was gegaan naar familieleden van de toenmalige dictator Moammar Kadhafi. Volgens het onderzoek van de Canadese recherche was voor 48 miljoen Canadese dollar (31,6 miljoen euro) aan smeergeld betaald, en had het bedrijf vervolgens ook op frauduleuze wijze 130 miljoen (85,6 miljoen euro) afgeluisd van Libische organisaties.Sindsdien heeft Canada, onder impuls van datzelfde SNC-Lavalin, wetgeving voorzien waarbij in dergelijke gevallen een financiële schikking getroffen kan worden. Want bij een veroordeling komt het bedrijf de komende tien jaar niet in aanmerking voor Canadese overheidscontracten, wat volgens de directie een faillissement kan veroorzaken. SNC-Lavalin was met het smeergeld in Libië niet aan zijn proefstuk toe. In 2013 werd het bedrijf door de Wereldbank gesanctioneerd vanwege ontoelaatbare praktijken bij een project in Bangladesh. Ook toen bedroeg de sanctie dat SNC gedurende tien jaar geen contracten zal krijgen waar de Wereldbank bij betrokken is. Het bedrijf argumenteerde in de Libië-affaire dat de schuldige topfiguren zijn weggestuurd, en dat een veroordeling de huidige werknemers en de pensioengerechtigden van het bedrijf zal treffen.In het eventuele geval van een Canadese veroordeling van SNC deden twee scenario's de ronde. In het eerste zou het bedrijf gewoon de boeken sluiten. In het tweede zou het verhuizen naar het buitenland. De Britse hoofdstad Londen was een van de mogelijkheden die naar voor werd geschoven als alternatieve locatie. In beide scenario's zouden vele duizenden banen verdwijnen in Montreal, en vooral in Papineau, dat deel van Montreal waar premier Trudeau verkozen is en binnenkort opnieuw verkozen moet worden. Nogal wat experts menen dat deze scenario's overdreven dramatisch zijn. SNC-Lavalin heeft namelijk nog voor miljarden aan orders uitstaan en zou best kunnen overleven ondanks een veroordeling en sanctie.Begin september 2018 had de procureur beslist om toch een proces te beginnen en niet te opteren voor de schikking. Toenmalig minister van Justitie Jody Wilson-Raybould onderzocht de zaak en sloot zich een dag of tien later bij die aanpak aan. Ze bracht premier Trudeau op de hoogte. Wilson-Raybould getuigde dat haar administratie en zijzelf sindsdien enkele tientallen keren contact hebben gehad - al dan niet telefonisch - met de diensten van de premier. Eén keer kwam Trudeau zelf tussen. Ook het ministerie van Financiën probeerden druk uit te oefenen. Ze probeerden haar allemaal zo brengen dat ze op zijn minst haar beslissing opnieuw in overweging zou nemen en eventueel een rapport van een buitenstaander zou bestellen om alle opties te bekijken. In totaal waren er over een periode van vier maanden elf mensen betrokken bij die pogingen om haar onder druk te zetten. Wilson-Raybould oordeelde dat het ging om onrechtmatige tussenkomsten, want een minister van Justitie moet een beslissing over een vervolging los van politieke druk kunnen nemen. Dat is een basiselement van het Canadese democratische systeem: juridische beslissingen moeten losstaan van de politieke context, en al zeker los van politieke druk. In meerdere van deze tussenkomsten, onder meer tijdens haar overleg met premier Justin Trudeau, werd verwezen naar het electoraal belang van de beslissing. 'Hij herinnerde me eraan dat hij verkozen was in Papineau', nadat Trudeau eerder had gezegd dat haar beslissing 'vele banen zou kosten'. Ze vroeg hem of dit van zijn kant politieke bemoeienis was. Hij zei van niet.Later dit jaar, wellicht in oktober, vinden er parlementsverkiezingen plaats in Canada. Als SNC-Lavalin inderdaad failliet gaat of vertrekt, kan dat electorale gevolgen hebben. Wilson-Raybould interpreteert haar 'degradatie' tot minister van Veteranenzaken als een sanctie omdat ze niet gewillig genoeg geweest was. Bovendien vermoedt ze dat Trudeau in haar plaats een meer gewillige minister van Justitie wil aanstellen. Het ontslag van Wilson-Raybould zorgde voor een watervaleffect. Kort daarna nam ook Gerald Butts ontslag. Butts, boezemvriend en topmedewerker van de premier, was een van degenen die volgens de ex-minister druk op haar had uitgeoefend. Butts ontkende de feiten en zei op te stappen omdat zijn vriendschap met de premier een complicerende factor was eens er verdenkingen rezen. Dat was nogal typisch voor de omfloerste reacties van de ploeg Trudeau, die niet ontkende dat de contacten die Wilson-Raybould had opgesomd er inderdaad waren geweest. De ploeg Trudeau wees op interpretatieverschillen, zonder heel concreet te worden. Vervolgens nam vorige week een tweede minister ontslag, Jane Philpott, die in de ploeg Trudeau onder meer verantwoordelijk was geweest voor de belangrijke departementen Gezondheid en Inheemse Aangelegenheden. Zij geloofde eerder Wilson-Raybould dan de premier, bleek uit haar verklaring. 'Het is een fundament van het wetssysteem dat onze minister van Justitie niet mag blootstaan aan politieke druk of beïnvloeding met betrekking tot het instellen van vervolging. Spijtig genoeg heb ik mijn vertrouwen verloren in de manier waarop de regering omgaat met deze materie.'De oppositie eiste algauw het ontslag van de premier, die zelf vergeefs probeerde de aandacht af te leiden en zijn klimaatbeleid onder de aandacht te houden. Vanaf woensdag ontwikkelde de ploeg Trudeau een iets duidelijkere verdedigingsstrategie. Topadviseur Gerald Butts kwam voor de parlementaire commissie uitleggen waarom hij ontslag had genomen en hoe hij terugkeek op zijn contacten met de voormalige minister van Justitie . Butss zag het verloop van de feiten van meet af aan 'heel anders' dan Wilson-Raybould. Hij benadrukte dat haar beslissing om SNC te vervolgen door hem en door premier Trudeau niet beschouwd werd als definitief. In zijn ontmoeting met Wilson-Raybould had premier Trudeau haar enkel gevraagd nog even over de zaak na te denken. Ze had beloofd dat te doen, wat voor Trudeau en Butts betekende dat ze tot andere inzichten kon komen. Tot op de dag van het verdict in een rechtszaak blijft de minister de mogelijkheid hebben om een financiële regeling voor te stellen, aldus Butts. Dat Wilson-Raybould maar tien dagen had genomen om in september haar besluit te nemen, vond Butts rijkelijk kort. Men had weliswaar Wilson-Raybould enkele keren gevraagd nog eens na te denken over haar besluit, maar men had er ook altijd aan toegevoegd dat de uiteindelijke beslissing haar toekwam. 'Zij voelde het blijkbaar aan als druk, terwijl wij gewoon wilden bereiken dat ze de zaak met een open geest bleef bekijken.' Butts vraagt zich af waarom Wilson-Raybould niet eerder haar bezwaren had geuit. 'Waarom hebben we de discussie erover nu pas, en bracht de minister de zaak niet in september, oktober, november of december ter discussie?', klonk het. Bovendien vond hij tien telefoontjes en tien vergaderingen over een periode van vier maanden - wat hij overigens reduceerde tot 'twee telefoontjes en twee ontmoetingen per maand', helemaal niet zoveel voor een beslissing over 9000 banen. Wel integendeel, meende Butts, Trudeau wilde 'de werknemers van het bouwbedrijf in de ogen kunnen kijken en hen kunnen vertellen dat de financiële regeling een eerlijke kans had gekregen.' De kabinetsherschikking, waarbij Wilson-Raybould gedegradeerd werd, had volgens hem niets te maken met SNC. Het was trouwens niet de bedoeling dat het een degradatie zou worden. Trudeau had haar Inheemse Zaken aangeboden, maar Butts en Trudeau waren hierbij uit het oog verloren dat Wilson-Raybould, als levenslang tegenstander van de wetgeving voor inheemse zaken, zou weigeren aan het hoofd te komen van dat ministerie.Donderdag gaf ook premier Trudeau, tijdens een persbijeenkomst, eindelijk zijn versie van de feiten. Ook hij legde er de nadruk op dat het hem niet duidelijk was geworden dat de beslissing van Wilson-Raybould uit september door haar als definitief werd beschouwd. Trudeau verontschuldigde zich niet voor de gang van zaken. 'Ik blijf erbij dat er geen onbetamelijke druk is uitgeoefend'. Maar hij gaf wel toe dat de ' het vertrouwen geërodeerd was, en als premier en leider van het kabinet had ik dat horen te weten.'In zijn opmerkingen sloeg die erosie voornamelijk op zijn verhouding met de twee ministers die ontslag genomen hadden. Maar ook zijn kiespubliek verliest vertrouwen in de premier, die wellicht in deze week opnieuw zijn kabinet zal herschikken. Volgens de meest recente peilingen is het vertrouwen in de premier naar een dieptepunt gezakt, met exact een derde van de kiezers (33,3 procent) dat hem blijft ondersteunen, terwijl 57 procent van de gepeilde kiezers zijn beleid afkeurt. Veel meer Canadezen geloven de ontslagnemende ministers eerder dan de premier. Volgens de peilingen liggen de Liberalen van Trudeau tegenwoordig twee procent achterop bij de Conservatieven.De zaak SNC-Lavalin is op minstens drie terreinen schadelijk voor de premier. Kiezers begrijpen wellicht het dilemma tussen de zorg voor banen (en pensioenen, en banen bij toeleveringsbedrijven) en de vrije rechtsgang. Maar Trudeau voerde in 2015 zijn campagne rond optimisme, openheid, eerlijkheid en ethisch bestuur. De premier zou de erfgenaam worden van Barack Obama, en later als de tegenpool beschouwd worden van de immer scheve schaatsen rijdende Donald Trump. Trudeau was de progressieve hoop in tijden van algehele verruwing en verrechtsing. Canada ving onder zijn bewing Syrische vluchtelingen op, terwijl de VS de grenzen op een kier wurmde of voor bepaalde bevolkingsgroepen probeerde te sluiten. Canada gaf weerwerk aan Saoedi-Arabië en verleende asiel aan een Saoedische prinses daar waar Trump de Saoedi's niets in de weg legde toen ze columnist Jamal Khashoggi liquideerden. Er waren sinds de verkiezing van Trudeau wel al enkele schandaaltjes geweest, maar met de zaak SNC-Lavalin komen er echt krassen op zijn imago van godenkind en linkse hoop. Wat Canadezen zich ook voorstelden bij open, ethisch, eerlijk en optimistisch bestuur: de affaire SNC-Lavalin toont aan dat de regering Trudeau niet aan de eigen standaarden heeft voldaan. In het kabinet leefden twee versies van de werkelijkheid naast elkaar, en minstens twee ministers geloofden dat er heimelijk en onethisch werd gehandeld. Het meest positieve dat erover te vertellen valt, is dat er wellicht geen wetten overtreden zijn, alleen ethische regels en gebruiken.Een tweede punt waarmee Trudeau scoorde tijdens de campagne was gelijkberechtiging en de pariteit in het kabinet voor vrouwen. Nu hebben twee topvrouwen ontslag genomen. En de manier waarop minister Jody Wilson-Raybould door medestanders van Trudeau werd verguisd, deed vele vrouwen (en mannen) naar adem happen. Het was haar fout, was de versie van bronnen in het kamp van Trudeau (nooit van de premier zelf). Zij was onduidelijk geweest in haar communicatie. Ze had het verkeerd begrepen. Ze had emotioneel gereageerd. Ze had maar duidelijker nee moeten zeggen en van zich moeten afbijten. Het derde punt waar Trudeau averij oploopt betreft inheemse aangelegenheden. Hij wil de verhouding met de inheemse bevolking verbeteren, hij heeft zich uitvoerig verontschuldigd voor misstanden uit het verleden, maar nu nemen twee ministers ontslag die cruciaal waren voor diezelfde inheemse bevolking: Wilson-Raybould is zelf inheems, en Jane Philpott was als ex-minister van Inheemse Aangelegenheden een grote pleitbezorgster en organisatrice van hervormingen. Zoals Philpott het zei in haar ontslag-toespraak: 'Er valt soms een prijs te betalen voor wie principieel handelt. Maar de prijs ligt hoger voor wie de principes laat varen.'