Professor Vivek Shandas (49) trok op maandag 28 juni op onderzoek uit.
...

Professor Vivek Shandas (49) trok op maandag 28 juni op onderzoek uit. Hij bestudeert aan Portland State University de gevolgen van de klimaatopwarming voor steden. Die maandag zou bij verre de allerheetste dag worden uit de geschiedenis van zijn eigen stad, Portland. Het was geen voorbeeld van systematisch onderzoek, legt hij enkele weken later via Google Meet uit. Dat systematisch onderzoek gebeurt wereldwijd. Hij neem er zelf aan deel. Het is grondig en gepland. Dit keer ging het om een kleine, spontane operatie. Hij en zijn zoon wipten in de gekoelde gezinsauto en reden naar plekken waarover Shandas eerder gegevens had verzameld. Hij wilde onder meer naar de heetste en de koelste punten van de stad. Vader en zoon waren voorzien van heel precieze apparatuur om op twee meter hoogte de luchttemperatuur te meten, en van infraroodcamera's die ze op hun telefoon schroefden en waarmee ze de temperatuur aan de grond vastlegden. Bij vorige hittegolven, toen het 35 graden werd of iets meer, bedroeg het verschil in luchttemperatuur tussen heetst en koelst 9 graden. Dit keer, bij een maximumtemperatuur die volgens meteorologen op 46,6 graden Celsius lag, vond Shandas veel grotere verschillen. Op het koelste punt, bij op een heuveltje gebouwde woningen aan Forest Park, het grootste park van de stad, bedroeg de temperatuur 39 graden, terwijl in een zone met veel beton 52 graden Celsius werd opgemeten. 13 graden verschil. Dat was, besefte de professor, het verschil tussen leven en dood. Het is ook niet toevallig het verschil tussen een rijkere en een arme buurt. Maar het kon nog erger dan 52 graden. 'In het noordwesten van de stad zijn er veel gebouwen opgetrokken uit beton, metaal en spiegelglas. In de late namiddag reflecteerde de zon via dat glas op de grond. Op dat moment bedroeg de bodemtemperatuur op het asfalt 104 graden Celsius. Mijn idee is dat het glas een rol speelde, omdat je behalve de directe zoninslag ook de spiegeling door het gebouw had. Dat leidde ook tot een stijging van de luchttemperatuur: 55 graden was het daar.' Shandas deed nog meer opmerkelijke vaststellingen, waarover verder meer, maar hoe was het voor hemzelf om in de hitte te werken? 'Dat viel wel mee,' zegt hij, 'we hoefden niet zo lang buiten te zijn, we konden snel weer in de gekoelde auto verdwijnen. Het grootste deel van de hittegolf bracht ik door in een huis met koeling. Er was echter het knagende onbehagen dat het voor mij oké was, maar voor anderen ongetwijfeld niet.' Van een groeiend onbehagen gewaagt ook Jennifer Vines, hoofd van de gezondheidsdienst in Multnomah County, het district waartoe Portland behoort. De VS zijn qua structuren niet veel eenvoudiger dan België. Tijdens rampen neemt het district in de staat Oregon het voortouw op stad en staat. Toen de meteorologen op dinsdag 22 juni alarm sloegen over een zich ontwikkelende hittekoepel - een hogedrukgebied dat warme lucht vasthoudt en voortdurend verhit - boven het noordwesten van de VS en over westelijk Canada, lette Vines goed op. 'Ik ben oud genoeg om te weten wat er in 1995 in Chicago is gebeurd.' Daar stierven ruim 700 mensen tijdens een hittegolf met temperaturen tot 41-42 graden, een graad of vijf minder dan wat Portland te wachten stond. 'Op woensdag kwam de leiding van het district samen. Onze eigen experts waren meteen overtuigd van de ernst van de situatie, vooral omdat het door de hittekoepel 's nachts nauwelijks zou afkoelen en omdat het drie dagen na elkaar extreem heet zou blijven.' Portland heeft in principe een mediterraan klimaat, gematigd, met soms hete dagen maar met nachten die afkoelen door een bries die van over de oceaan komt. Die bries maakt dat airconditioning in dit gebied onder normale omstandigheden niet noodzakelijk is. Vines communiceerde over de komende hitte met de term 'levensbedreigend'. 'We wilden duidelijk maken dat het niet zomaar eventjes zweten zou zijn. We besloten koeltecentra open te stellen.' En kwam de boodschap aan? 'Misschien in het begin niet,' geeft ze toe, 'maar later wel, toen allerlei evenementen in de buitenlucht afgelast werden'. Ze gaf eindeloos veel interviews. Ze verscheen op alle tv-zenders. Ze maakte propaganda voor de drie koeltecentra die dag en nacht open zouden blijven, en voor de gekoelde bibliotheken met verlengde openingsuren. Ze gaf noodnummers door. Er zouden uiteindelijk ruim 500 mensen in de koeltecentra overnachten en van voedsel worden voorzien - het bezoekersaantal overdag lag een stuk hoger. Er werden ruim 6000 maaltijden verstrekt. Er liep wel een en ander mis. Zo viel het noodnummer waarmee bewoners gratis vervoer konden aanvragen enige tijd uit. Maar in het algemeen leken de getroffen maatregelen te voldoen. Op zaterdag 26 juni werd het plaatselijke temperatuurrecord verpulverd met een maximum van 42,2 graden. Op zondag steeg het kwik naar 44,4 graden en op maandag werd het 46,6. Aanhoudende hitte en in dit geval stijgende extreme hitte werkt cumulatief, en dat bleek ook in Portland. 'Ik ging het weekend in met de wetenschap dat hitte dodelijk kan zijn en dat dit het soort hittegolf was dat kon doden', zegt Vines. 'Maar ik dacht niet dat het zo dodelijk zou worden.' Tot zondag leek het allemaal nog mee te vallen. Die dag vielen weliswaar de eerste hittedoden, maar je kon ze nog tellen op de vingers van één hand. Op maandag, de dag met een officiële temperatuur van 46,6 graden, de dag dat Vivek Shandas zijn metingen deed, liep het echter helemaal fout. Er kwamen 400 noodoproepen binnen van mensen in hittenood of met hartklachten. De extreme hitte doet hart en bloedvaten doldraaien, en hoe langer het hart de hitte moet bolwerken hoe lastiger dat wordt. De ziekenhuizen belden rond om beschikbare bedden te vinden. Ambulances reden af en aan. 'Het gezondheidssysteem is die dag niet in elkaar gestort, maar het scheelde bitter weinig', geeft Vines toe. En dat was nog het minste: 'Toen begonnen de dodencijfers te stijgen - dat was heftig.' Er waren 71 vermoedelijke hittedoden te betreuren in het district. Bij 54 van de 71 is de doodsoorzaak inmiddels bevestigd via een autopsie. Dat alles voor een bevolking van ongeveer 800.000 mensen. Na drie hitterecords op rij keerde in de nacht van maandag op dinsdag de verkoelende zeebries terug en kwam een einde aan de extreme hitte. Op 20 juni begon Portland een nationale campagne om toeristen terug te lokken. De stad heeft sinds ruim een jaar vooral een slechte pers gekregen. Manifestaties tegen politie en politiegeweld liepen uit de hand. Er viel een dode. Het gerechtsgebouw werd belegerd. Anarchisten en Black Lives Matter raakten het oneens over de te volgen tactiek. Er werden meermaals vernielingen aangericht. Delen van het politiekorps hebben ontslag genomen. De horeca barricadeerde zich achter planken. De stad kreeg, mede door coronabeperkingen, het daklozenprobleem maar niet onder controle. Portland had voordien een eerder goede reputatie, wegens het milde klimaat en de open-minded bewoners. De reclamecampagne wilde dat in herinnering brengen. Een week na de start van de campagne zat de stad in het midden van de hittegolf, met temperaturen die hoger lagen dan in woestijnstad Las Vegas of in het altijd zinderende Phoenix, Arizona. De daklozen zijn nog altijd alomtegenwoordig, ze bevolken het centrum, ze bemoeilijken doorgangen op trottoirs en langs wandelpaden aan de rivier. Kiezers hebben vorig jaar een rijkenbelasting goedgekeurd die de aanpak van de daklozenproblematiek moet financieren. Denis Theriault, communicatieverantwoordelijke van de daklozendienst van het district, is in elk geval enthousiast over de komende verdubbeling van middelen. Volgens hem gaat het bij de daklozen in hoofdzaak om plaatselijke mensen, die de gestegen huurprijzen niet langer kunnen betalen en zo op straat belanden. 'We helpen vijfduizend mensen per jaar, maar dat doet het totaal niet dalen.' Sinds de pandemie is er niet meer geteld, maar Theriault schat dat er vierduizend daklozen in de stad verblijven. Dat het er veel meer lijken, heeft ermee te maken, stelt hij, dat vele daklozen meerdere tenten opzetten om hun bezittingen in onder te brengen. Toen de hittegolf eraan kwam, rees de vraag wat men met hen zou aanvangen. Er kwam een grote vrijwilligersoperatie op gang. Het district stelde 80.000 flessen water ter beschikking, naast drank met elektrolyten en verkoelende handdoeken. De vrijwilligers brachten de daklozen tijdens de distributie van die goederen meteen op de hoogte van de koeltecentra. Van de 54 via autopsie bewezen overlijdens zijn er 2 daklozen. Ze stierven allebei in hun auto. 'Twee overlijdens zijn er twee te veel', zegt Theriault. ' Ik ben geboren in de buurt van Chicago. Ik was een tiener tijdens de hittegolf van 1995. We werken met erg kwetsbare bewoners. Ik had het me erger voorgesteld.' Waarom viel het al bij al mee? De verklaringen lopen uiteen. Misschien dat buitenslapen in hitte minder belastend is dan binnenslapen in een oververhit appartement. 'Daklozen zijn gemiddeld jonger', zegt Jennifer Vines. 'Ze zijn vaak gewend aan opvang. Ze vonden de weg naar de koeltecentra.' Theriault durft er geen eed op te zweren maar hij schat dat iets meer van de helft van degenen die in de koeltecentra overleefden daklozen waren. Een andere bevolkingsgroep, de ouderen, deed het veel minder goed. De grote meerderheid van de dodelijke slachtoffers waren alleenstaande bejaarden. De gemiddelde leeftijd van de overledenen was 70 jaar. Mary Rita Hurley, lid van de staatscommissie voor senioren, noemde die groep 'de onzichtbaren'. Maar hoe ze zichtbaar te maken, is een andere zaak. 'Ik ken zelf mijn buren in mijn appartementsblok niet', geeft ze toe. Zij denkt nu aan allerlei manieren om die bejaarden toch te bereiken bij volgende rampspoed. Misschien via lijsten van de ziekteverzekering (Medicare) voor gepensioneerden. Een van haar punten: het district heeft veel te veel op computerverkeer gerekend om informatie te verspreiden. Bejaarden zijn vaak nog niet online. Chris Voss (50) is het hoofd van de nooddiensten van het district. Hij moest de algemene reactie op de hittegolf coördineren. Wat liep er fout? Een van de kritieken is: je had op een dergelijke hittegolf moeten reageren zoals op een aangekondigde orkaan, met een algemene mobilisatie van alles wat beschikbaar is, desnoods met evacuatie van bewoners. Voss is niet overtuigd. 'Het is niet zo makkelijk om verplicht te evacueren. Bij orkanen wordt een evacuatie wel bevolen maar dwingt de politie nooit iemand om te vertrekken, laat staan dat er arrestaties worden verricht om het vertrek af te dwingen. Hier zou een algemene evacuatie geen zin hebben gehad. Airconditioning bood in ons geval de redding. Dat is intussen uit de cijfers gebleken. Er is niemand gestorven in een woning met centrale koeling. Er is één persoon gestorven met een aircotoestel aan het raam. En de rest is gestorven in appartementen met een defect aircotoestel of zonder enige koeling.' Ook een selectieve evacuatie was niet mogelijk. 'De overheid heeft geen gegevens over waar welke koeling geïnstalleerd is. We weten zelfs niet hoeveel woningen geen koeling hebben. De schattingen gaan van 25 tot 50 procent, de meest gehoorde schatting is 33 procent.' De gezondheidsdiensten van Jennifer Vines hebben de conciërges van appartementsgebouwen gebeld. Ze werden gevraagd om tijdens de hittedagen van deur tot deur te gaan en te kijken of alle bewoners oké waren. Ze hadden ook buren en bekenden opgeroepen om hun oudere kennissen in de gaten te houden. Maar die oproepen zijn blijkbaar in te beperkte mate opgevolgd. 'We vragen ons nu af of de mediawaarschuwing genoeg was', zegt Voss. 'Of hadden we zelf moeten aankloppen bij mensen om te zien of ze in orde waren? We hebben veel vrijwilligers. Technisch was dat zeker haalbaar. Maar ik denk eerlijk gezegd dat op het laatste nippertje aankloppen geen zin meer had. Het is niet vertrouwenwekkend als in tijden van crisis een bewoner opeens door een wildvreemde wordt benaderd. Als dat een paar jaar geleden was opgestart, was er een relatie tussen bewoner en vrijwilliger ontstaan en kon die vrijwilliger met meer overtuigingskracht praten.' Wat ook niet hielp, geeft Voss toe: de samenwerking met de stad was verre van optimaal. Het district had op medewerking van het stadsvervoer verhoopt en een hogere frequentie van bussen, zodat passagiers niet te lang op een gekoelde bus hoefden te wachten, en op gratis vervoer vanwege uitzonderlijke omstandigheden. Maar de vervoersmaatschappij ging niet in op de vragen. En de stad opende niet alleen de eigen gemeenschapsruimtes niet (die waren gesloten sinds de pandemie), ze sloot openluchtzwembaden omdat het personeel te veel aan de hitte zou worden blootgesteld. 'Je hoort soms dat mensen wel naar koeltecentra zouden zijn getrokken als ze dichter in hun buurt waren geweest. Ik weet niet of de uiteindelijke slachtoffers naar de stadslokalen zouden zijn gegaan, maar ik vond het jammer dat ze niet open waren.' 'Ik denk', zegt Voss, 'dat we in het geval van de bejaarden twee dingen tegenhadden: de geschiedenis en de leeftijd. Mensen op die leeftijd denken terug aan de tijd dat ze enkele dagen van 37 graden doorkwamen. Ze concluderen dat het ook dit keer wel zal meevallen, al zijn ze intussen ouder en kwetsbaarder en al werd het nu veel heter dan toen.' Een derde punt is: 'Onze bejaarden zijn vaak erg op hun onafhankelijkheid gesteld en niet graag iemand te laste.' In de pers verscheen het verhaal van een man uit een naburig district die zijn dochter had voorgelogen. Ze had aangeboden hem te komen halen, maar hij zei dat hij een aircoapparaat had gekocht en dat het best comfortabel was in zijn woning. Hij is dood teruggevonden in zijn oververhitte appartement zonder airconditioning. Op een minder drastisch niveau deden nog enkele nabestaanden aan de gezondheidsdiensten hun verhaal over hittedoden die een uitgestoken helpende hand hadden geweigerd. 'Alle overlijdens waren te voorkomen', geeft Voss toe. 'Dat is een vaststelling waar je niet blij van wordt. Maar er is veel nodig om ze inderdaad te voorkomen.' Moet er niet meer structureel worden veranderd? Zijn de politici, gelet op wat is gebeurd, geneigd mee te stappen in grotere verandering? 'Het laaghangende fruit', zegt Voss, 'zal wel geplukt worden'. Maar als het meer geld en moeite kost, dan valt het maar af te wachten of er wordt ingegrepen. De gouverneur heeft aangekondigd dat er subsidies komen voor koelingsapparaten voor mindergegoeden. Er komen nieuwe beschermende regels voor landarbeiders nadat een dagloner en seizoenarbeider uit Guatemala op een plantenkwekerij het leven heeft gelaten. Hij was door niemand verplicht in de hitte te werken, maar als hij niet werkte, verdiende hij ook niet, en hij had geld nodig voor een vruchtbaarheidsbehandeling van zijn echtgenote. Structurele ingrepen zullen op termijn bekeken worden. 'Moet er een verplichte centrale airconditioning komen in flatgebouwen? Of moeten we individuele airconditioning promoten? Kunnen de elektriciteitsleidingen dat aan, per gebouw of individueel? Zijn de daken stevig genoeg om centrale airco te dragen? Kunnen we bij uitbreiding van de airconditioning voldoende elektriciteit produceren om geen stroomuitval te hebben? Daarover worden nu rapporten samengesteld', zegt Voss. 'Mensen waren al gauw geneigd de hittekoepel toe te schrijven aan de klimaatverandering', zegt Erica Fleischman. Ze is directeur van het Oregon Climate Change Research Institute en zegt dat niets nog peerreviewed aangetoond is. Maar een snelle publicatie van internationale experts legt een verband tussen de klimaatverandering en de sterkte van de hittekoepel. Onder de huidige omstandigheden, aldus die publicatie van experts uit onder meer het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk, komt een hittekoepel van deze sterkte en hitte om de 1000 jaar voor. Dat zou 150 keer minder vaak zijn zonder klimaatopwarming. En: als de planeet nog 0,8 graden warmer wordt, wat rond 2040 kan gebeurd zijn, zouden dergelijke hittekoepels om de vijf tot tien jaar voorkomen. De staat Oregon en de districten bereiden zich al jaren voor op de klimaatverandering. Maar dergelijke temperaturen waren daarbij niet voorzien. Fleischman vindt dat niet verkeerd. 'Je kon je daar redelijkerwijs niet op voorbereiden. Een hittekoepel van deze sterkte, duur en hitte is extreem uitzonderlijk. En hij kwam tot stand op het moment van de langste dagen, met optimaal lange zonbestraling.' Of de snelle publicatie gelijk heeft en we dergelijke hittekoepels vaker zullen zien opduiken, valt af te wachten. Maar: 'Wat wel al duidelijk is: de klimaatverandering maakt dat extreme hitte, koude, stormen en neerslag frequenter voorkomen. Er zullen meer hittegolven komen, ze zullen langer duren en ze zullen heter zijn. Maar dan spreek ik van gewone hittegolven van 37 graden of zo, niet meteen weer 46. ' Hoe werk je aan een planning als alle extremen vaker voorkomen? 'We kunnen handelen naar wat we wel weten: we kunnen ons voorbereiden op die hittegolven. We weten dat overstromingen vroeger en heviger komen dan voorheen. Over die trends zijn we voor deze regio redelijk zeker. Maar andere dingen zijn gewoon moeilijk te voorspellen.' Terwijl we praten, zijn twee van de drie wegen die de staten Oregon en Nevada verbinden onberijdbaar wegens bosbranden, na ongewone droogte. Terug naar de tocht van Vivek Shandas en zoon op zoek naar extreme temperaturen. 'In zuidoost Portland voerden we een meting uit bij twee naburige gebouwen, het ene met een beplante, groene wand, het andere met een betonnen muur, sintelblok. Aan het groene gebouw bedroeg de temperatuur aan de grond 47 graden Celsius, aan het andere 69. We liepen langs die gebouwen en op het trottoir kon je het verschil duidelijk merken, dus ook de luchttemperatuur verschilde.' Langs groene daken merkte hij dan weer geen temperatuurverschil, toch niet op 2 meter hoogte of aan de grond. 'Groen is een van de goedkoopste langetermijnstrategieën. Bomen houden water vast en geven schaduw. Groene muren beperken de straling op de grond. De planten absorberen zonlicht.' Het probleem in Portland is water. De zomers zijn extreem droog, er valt geen regen van juni tot september, en het wordt zoeken naar planten die de zomers overleven. Of er moeten manieren gevonden worden om water bij te houden in tijden van overvloedige regen of overstromingen. Brengt de rivier door de stad, de Willamette, verkoeling? 'Water is een complexe aangelegenheid', zegt Shindas. 'Het water zelf voelt koel aan, maar als je even boven het oppervlak meet, is de temperatuur net zo heet als in de stad. De luchtdruk is iets lager boven water dan boven land, wat wind genereert die wel verkoelend werkt, zelfs in extreme hitte.' Maar in Portland zijn rond het water hoge gebouwen opgetrokken die de windstroming belemmeren. 'Dat is een afschuwelijk idee. Ik ben een groot fan van compact wonen, maar laat de rivier open. Anders blokkeer je de verkoelende werking.' 'Nog over hoge gebouwen en los van de rivier: ze geven schaduw, wat goed is, maar ze houden ook de hitte gevangen, door de luchtstroming te blokkeren. Dat laatste kan al gedeeltelijk ongedaan gemaakt worden door aanpalende gebouwen een ongelijke hoogte te geven, zodat er wel een luchtstroom ontstaat. Dat scheelt meteen in gevoelstemperatuur.' Luisteren plaatselijke politici naar zijn bevindingen? 'Ik ben uitgenodigd voor gesprekken', zegt Shindas, 'door mensen die het hebben over lessen die ze geleerd hebben, of die geleerd moeten worden, maar ik denk dat het bij gesprekken zal blijven. Een jaar geleden riep de stad Portland de noodtoestand uit over klimaatverandering. Er is sindsdien geen enkele betekenisvolle maatregel genomen. Ik wou dat ik wat dat betreft beter nieuws had.'