Vandaag heeft de onderzoekscommissie naar de aanslagen haar rapport voorgesteld met een een aantal aanbevelingen en eisen die de veiligheidsstructuur in België moet verbeteren. Premier Charles Michel heeft reeds beloofd dat de federale regering de nodige hervormingen zal blijven doorvoeren om de terreurdreiging het hoofd te bieden en de veiligheid van de burgers te garanderen. Samen met de Nationale Veiligheidsraad zal de regering de aanbevelingen van de onderzoekscommissie snel en nauwkeurig analyseren. Ze zal ook samenwerken met het parlement om het wettelijk arsenaal te versterken waar dat nodig is.

Hieronder een overzicht van wat er allemaal wordt voorgesteld en aanbevolen door de onderzoekscommissie:

Staatsveiligheid

Vooreerst duikt de Staatsveiligheid opvallend vaak op in de aanbevelingen. De commissie pleit voor een 'substantieel ruimer budget' om de Staatsveiligheid te versterken op vlak van personeel, opleiding, informatietechnologie en materiële middelen. Topman Jaak Raes had daar nadrukkelijk op aangedrongen. Voor een fusie met de militaire inlichtingendienst ADIV pleit de commissie niet. Maar er moet wel een 'gemeenschappelijke strategische sturing' komen en er kan worden nagedacht om hen fysiek onder één dak samen te brengen. Bovendien moeten de Staatsveiligheid en ADIV personeel kunnen uitwisselen, moeten hun databanken gekoppeld worden en moeten ze flexibeler kunnen aanwerven. Voorts wil de onderzoekscommissie dat de Staatsveiligheid disruptief kan optreden om de 'schadelijkheid' van personen of entiteiten te reduceren. Ze moet ook langdurig infiltratieoperaties kunnen opzetten. En ze zou best verbindingsofficieren posteren op bepaalde ambassades.

Politie en Gerecht

Meer middelen zijn ook nodig voor de federale politie. Het personeelskader moet volledig worden opgevuld zodat ze 'al haar taken naar behoren kan uitoefenen', luidt het. Vandaag zijn slechts 11.000 van de 13.500 plaatsen ingevuld. 'Dit is een politieke keuze: hoeveel hebben we over voor veiligheid', zo verwoordde N-VA'er Peter De Roover het. 'Maar ook rationaliseringsoefeningen zijn mogelijk. Niet iedereen in de hele keten wordt efficiënt ingezet.' De structuur wordt niet fundamenteel omgegooid en er klinkt ook geen pleidooi voor het volledig weghalen van de schotten tussen bestuurlijke en gerechtelijke politie. Ook de vijf gespecialiseerde terro-FGP's (federale gerechtelijke politie) blijven behouden. Wel moet veel meer worden samengewerkt en informatie uitgewisseld. En de commissie ziet kansen in bepaalde specialisaties per FGP. Nieuw is dat de commissie pleit voor vijf 'Joint Intelligence Centres' en evenveel 'Joint Decision Centres' in de vijf gerechtelijke arrondissementen. In die laatste zouden politie, inlichtingendiensten, OCAD en federaal parket wekelijks moeten bekijken wie best welke acties onderneemt in bepaalde dossiers. De huidige strikte scheiding tussen de betrokken diensten wordt dus expliciet verlaten. Het federaal parket beschikt nu niet over een eigen recherchecapaciteit en dat wil de onderzoekscommissie ook nadrukkelijk zo houden. Wel wil de commissie dat periodiek wordt bekeken hoe groot de voor het federaal parket gereserveerde recherchecapaciteit bij de FGP's moet zijn, wat flexibiliteit biedt in piekperiodes. De onderzoekscommissie zou ook graag grotere politiezones zien, maar pleit niet voor een verplichte oefening. Ongetwijfeld speelde het bekende verzet tegen een fusie van de zes Brusselse politiezones daarin een belangrijke rol.

Kruispuntbank Veiligheid

Eén van de belangrijke conclusies van de onderzoekscommissie is voorts dat inlichtingen en informatie nog te weinig circuleren tussen de veiligheidsdiensten die erover zouden moeten beschikken. Een centrale Kruispuntbank Veiligheid - naar analogie met de Kruispuntbank Sociale Zekerheid - moet dat manco voor altijd de wereld uit helpen. De commissie kiest bewust niet voor een nieuwe databank, maar voor een koppeling van de bestaande gegevensbanken, benadrukte CD&V-fractieleider Servais Verherstraeten, die het voorstel op tafel had gelegd. Denk bijvoorbeeld aan de Algemene Nationale Gegevensbank van de politie en de databanken van OCAD, het orgaan voor de dreigingsanalyse.

Strafuitvoering

Bepaalde aspecten van de strafuitvoering moeten ook strenger, oordelen de commissieleden. Zo zouden terroristen of geradicaliseerden die voorwaardelijk vrijkomen in principe niet naar het buitenland mogen reizen. Wil de strafuitvoeringsrechtbank afwijken van adviezen van het parket of de gevangenisdirecteur rond voorwaardelijke invrijheidsstelling, dan moet dat ook uitgebreider gemotiveerd worden. En de rechters moeten via een speciale procedure kunnen beschikken over inlichtingen en info rond radicalisering van wie ze voor hen krijgen. Voorts stelt de onderzoekscommissie voor om gevangenisdirecteurs een veiligheidsmachtiging en toegang te geven tot de OCAD-lijst met Syriëstrijders, om ervoor te zorgen dat ze bezoekers makkelijker kunnen screenen. En de justitiehuizen en lokale politiezones zouden de voorwaarden van voorwaardelijk invrijheidgestelden efficiënter moeten kunnen controleren.

Varia

Het vijfhonderd pagina's tellende rapport bevat voorts nog een hele reeks andere aanbevelingen. Denk aan het onder één dak brengen van OCAD en het Crisiscentrum of het verhuizen en ruimer ondersteunen van de verbindingsofficier in Turkije. De commissieleden willen ook dat België gelijkgestemde EU-lidstaten op sleeptouw neemt om op middellange termijn te evolueren naar een Europese inlichtingendienst. Vandaag bestaat daar echter geen rechtsgrondslag voor. Voorts moet de functie van wijkagent aantrekkelijker gemaakt, moet de wijkwerking geherwaardeerd met het oog op preventie en moeten de politiekorpsen diverser. 'De verschillende gemeenschappen uit de samenleving moeten aanwezig zijn bij de politie, zodat alle mensen de politie vertrouwen en haar info geven over radicalisering, extremisme en terreur. We hebben dat gekoppeld aan een aanbeveling voor een diverse en gemeenschapsgerichte wijkpolitie', aldus Meryame Kitir (sp.a), die het belang van preventie onderstreept. Ook Groen-college Stefaan Van Hecke beklemtoont dat het 'geen 'veiligheid-eerst-en-al-de-rest-later'-rapport geworden is'. 'Voorstellen zoals burgerinfiltratie, de verlenging van de aanhoudingstermijn tot 72 uur, de invoering van 'onsamendrukbare straffen' of de invoering van de noodtoestand hebben er geen plaats in gekregen', merkt hij op. 'Integendeel: het rapport hamert heel zwaar op de nood aan maatregelen die effectief en proportioneel zijn en waarbij steeds gewaakt wordt over de fundamentele grondrechten en de maximale bescherming van de privacy.'

Vandaag heeft de onderzoekscommissie naar de aanslagen haar rapport voorgesteld met een een aantal aanbevelingen en eisen die de veiligheidsstructuur in België moet verbeteren. Premier Charles Michel heeft reeds beloofd dat de federale regering de nodige hervormingen zal blijven doorvoeren om de terreurdreiging het hoofd te bieden en de veiligheid van de burgers te garanderen. Samen met de Nationale Veiligheidsraad zal de regering de aanbevelingen van de onderzoekscommissie snel en nauwkeurig analyseren. Ze zal ook samenwerken met het parlement om het wettelijk arsenaal te versterken waar dat nodig is.Hieronder een overzicht van wat er allemaal wordt voorgesteld en aanbevolen door de onderzoekscommissie: Vooreerst duikt de Staatsveiligheid opvallend vaak op in de aanbevelingen. De commissie pleit voor een 'substantieel ruimer budget' om de Staatsveiligheid te versterken op vlak van personeel, opleiding, informatietechnologie en materiële middelen. Topman Jaak Raes had daar nadrukkelijk op aangedrongen. Voor een fusie met de militaire inlichtingendienst ADIV pleit de commissie niet. Maar er moet wel een 'gemeenschappelijke strategische sturing' komen en er kan worden nagedacht om hen fysiek onder één dak samen te brengen. Bovendien moeten de Staatsveiligheid en ADIV personeel kunnen uitwisselen, moeten hun databanken gekoppeld worden en moeten ze flexibeler kunnen aanwerven. Voorts wil de onderzoekscommissie dat de Staatsveiligheid disruptief kan optreden om de 'schadelijkheid' van personen of entiteiten te reduceren. Ze moet ook langdurig infiltratieoperaties kunnen opzetten. En ze zou best verbindingsofficieren posteren op bepaalde ambassades. Meer middelen zijn ook nodig voor de federale politie. Het personeelskader moet volledig worden opgevuld zodat ze 'al haar taken naar behoren kan uitoefenen', luidt het. Vandaag zijn slechts 11.000 van de 13.500 plaatsen ingevuld. 'Dit is een politieke keuze: hoeveel hebben we over voor veiligheid', zo verwoordde N-VA'er Peter De Roover het. 'Maar ook rationaliseringsoefeningen zijn mogelijk. Niet iedereen in de hele keten wordt efficiënt ingezet.' De structuur wordt niet fundamenteel omgegooid en er klinkt ook geen pleidooi voor het volledig weghalen van de schotten tussen bestuurlijke en gerechtelijke politie. Ook de vijf gespecialiseerde terro-FGP's (federale gerechtelijke politie) blijven behouden. Wel moet veel meer worden samengewerkt en informatie uitgewisseld. En de commissie ziet kansen in bepaalde specialisaties per FGP. Nieuw is dat de commissie pleit voor vijf 'Joint Intelligence Centres' en evenveel 'Joint Decision Centres' in de vijf gerechtelijke arrondissementen. In die laatste zouden politie, inlichtingendiensten, OCAD en federaal parket wekelijks moeten bekijken wie best welke acties onderneemt in bepaalde dossiers. De huidige strikte scheiding tussen de betrokken diensten wordt dus expliciet verlaten. Het federaal parket beschikt nu niet over een eigen recherchecapaciteit en dat wil de onderzoekscommissie ook nadrukkelijk zo houden. Wel wil de commissie dat periodiek wordt bekeken hoe groot de voor het federaal parket gereserveerde recherchecapaciteit bij de FGP's moet zijn, wat flexibiliteit biedt in piekperiodes. De onderzoekscommissie zou ook graag grotere politiezones zien, maar pleit niet voor een verplichte oefening. Ongetwijfeld speelde het bekende verzet tegen een fusie van de zes Brusselse politiezones daarin een belangrijke rol. Eén van de belangrijke conclusies van de onderzoekscommissie is voorts dat inlichtingen en informatie nog te weinig circuleren tussen de veiligheidsdiensten die erover zouden moeten beschikken. Een centrale Kruispuntbank Veiligheid - naar analogie met de Kruispuntbank Sociale Zekerheid - moet dat manco voor altijd de wereld uit helpen. De commissie kiest bewust niet voor een nieuwe databank, maar voor een koppeling van de bestaande gegevensbanken, benadrukte CD&V-fractieleider Servais Verherstraeten, die het voorstel op tafel had gelegd. Denk bijvoorbeeld aan de Algemene Nationale Gegevensbank van de politie en de databanken van OCAD, het orgaan voor de dreigingsanalyse. Bepaalde aspecten van de strafuitvoering moeten ook strenger, oordelen de commissieleden. Zo zouden terroristen of geradicaliseerden die voorwaardelijk vrijkomen in principe niet naar het buitenland mogen reizen. Wil de strafuitvoeringsrechtbank afwijken van adviezen van het parket of de gevangenisdirecteur rond voorwaardelijke invrijheidsstelling, dan moet dat ook uitgebreider gemotiveerd worden. En de rechters moeten via een speciale procedure kunnen beschikken over inlichtingen en info rond radicalisering van wie ze voor hen krijgen. Voorts stelt de onderzoekscommissie voor om gevangenisdirecteurs een veiligheidsmachtiging en toegang te geven tot de OCAD-lijst met Syriëstrijders, om ervoor te zorgen dat ze bezoekers makkelijker kunnen screenen. En de justitiehuizen en lokale politiezones zouden de voorwaarden van voorwaardelijk invrijheidgestelden efficiënter moeten kunnen controleren. Het vijfhonderd pagina's tellende rapport bevat voorts nog een hele reeks andere aanbevelingen. Denk aan het onder één dak brengen van OCAD en het Crisiscentrum of het verhuizen en ruimer ondersteunen van de verbindingsofficier in Turkije. De commissieleden willen ook dat België gelijkgestemde EU-lidstaten op sleeptouw neemt om op middellange termijn te evolueren naar een Europese inlichtingendienst. Vandaag bestaat daar echter geen rechtsgrondslag voor. Voorts moet de functie van wijkagent aantrekkelijker gemaakt, moet de wijkwerking geherwaardeerd met het oog op preventie en moeten de politiekorpsen diverser. 'De verschillende gemeenschappen uit de samenleving moeten aanwezig zijn bij de politie, zodat alle mensen de politie vertrouwen en haar info geven over radicalisering, extremisme en terreur. We hebben dat gekoppeld aan een aanbeveling voor een diverse en gemeenschapsgerichte wijkpolitie', aldus Meryame Kitir (sp.a), die het belang van preventie onderstreept. Ook Groen-college Stefaan Van Hecke beklemtoont dat het 'geen 'veiligheid-eerst-en-al-de-rest-later'-rapport geworden is'. 'Voorstellen zoals burgerinfiltratie, de verlenging van de aanhoudingstermijn tot 72 uur, de invoering van 'onsamendrukbare straffen' of de invoering van de noodtoestand hebben er geen plaats in gekregen', merkt hij op. 'Integendeel: het rapport hamert heel zwaar op de nood aan maatregelen die effectief en proportioneel zijn en waarbij steeds gewaakt wordt over de fundamentele grondrechten en de maximale bescherming van de privacy.'