Wolvenkeutels zijn als boeken, of toch tenminste als een goeie gazet. Ze verklappen hoeveel wolven er in een gebied leven, welke wolf ergens passeerde, hoe lang dat geleden is en wat hij de laatste 24 uur gegeten heeft. Maar ze geven hun geheimen enkel prijs als je ze weet te vinden. En dat wordt pas echt een makkie, met de juiste hond aan je zijde. Maak kennis met Wietse, de flatcoated retriever van Carina De Pape, die sinds december een dankbare bijdrage levert aan het Vlaamse wolvenonderzoek.

Van varkensgeur naar wolvendrol

De immer werklustige Wietse is niet aan zijn proefstuk toe, vertelt Carina: 'Hij doet niets liever dan speuren en kent al redelijk wat geuren. Voor het ILVO heeft hij een tijdje gezocht naar de berengeur die varkensvlees onsmakelijk maakt bij het bakken. Enkele jaren geleden startte hij zijn carrière bij het ecologische zoekhondenteam dat Ellen Van Krunkelsven opleidde voor het INBO. Hij werd getraind op de geur van de juchtleerkever, een bedreigde kever waarvan niemand weet of hij nog in ons land voorkomt. In buitenlandse oefensessies wees hij regelmatig sporen van de kever aan, maar in België vond hij niks.'

Links en midden: Wietse wijst wolvendrollen aan door erbij te gaan zitten; rechts: een vers wolvenspoor, Katrien Vrijdag
Links en midden: Wietse wijst wolvendrollen aan door erbij te gaan zitten; rechts: een vers wolvenspoor © Katrien Vrijdag

Met de opkomst van de wolven in ons land, kreeg de andere drijvende kracht achter het zoekhondenteam, Hilde Vervaecke van de Odisee Hogeschool, het idee om een wolvenzoekhond op te leiden. Tijdens een proefproject van twee weken toonde Wietse zich van zijn beste kant: 'De meeste honden die aan het traject deelnamen, haalden letterlijk hun neus op voor de geur van wolf. Alleen Wietse had er totaal geen problemen mee en zocht even vrolijk naar de geur van een verse wolvendrol. Hij slaagde ook met glans voor dé ultieme test: het verschil ruiken tussen de uitwerpselen van een wolf en van een hond die een volledig konijn gegeten had.'

Een hond in wolventerritorium?

Vanaf dan legden Carina en Wietse zich volledig toe op het herkennen van wolvenkeutels. Na een grondige opleiding met allerhande drollen in potjes, verhuisden ze naar de wilde natuur. Ze haalden hun oefenmateriaal bij het Wildpark van La Roche-en-Ardenne en bij wilde wolven uit Slovakije. Maar op hun vuurdoop in Limburg was het nog wachten tot december 2020, toen het vrijwilligersduo eindelijk toestemming kreeg om in het veld te gaan zoeken naar uitwerpselen van August, Noëlla en hun drie zonen. Nu trekken Carina en Wietse er regelmatig op uit met wolvenonderzoeker Jan Gouwy van het INBO, om stalen te verzamelen voor het wolvenonderzoek.

Wietse, Guido Franssens
Wietse © Guido Franssens

Dat men initieel twijfelde om Wietse toe te laten in het territorium van de Bosland-wolven, vindt Carina een begrijpelijke reactie. 'Het is heel normaal dat we die dieren zoveel mogelijk met rust moeten laten. Maar ik ben ervan overtuigd - en de onderzoekers ondertussen ook - dat de speurtochten van Wietse een echte meerwaarde zijn. Op overzichtelijke plaatsen en kruispunten van boswegen is het niet moeilijk om uitwerpselen te vinden. Maar wolven laten ook pakketjes achter op minder toegankelijke plekken. En dan komt Wietse's neus goed van pas. Hij scant de ganse omgeving en pikt meer geuren op dan wij ooit kunnen waarnemen. Sinds Wietse mee gaat zoeken, worden er veel meer keutels gevonden. Als Wietse prijs heeft, gaat hij zitten bij zijn vondst. We hebben hem geleerd de uitwerpselen vooral niet aan te raken met zijn neus, want ze kunnen vossenlintworm bevatten. Dat is een parasiet die de hond als tussengastheer heeft en dodelijk is voor de mens. Na een speurtocht wordt Wietse dan ook standaard ontwormd. Eén keer was er een wolf héél dichtbij: achteraf zagen we op de wildcamera's dat hij vlak na ons op dezelfde plek passeerde.'

Ondertussen is iedereen ervan overtuigd dat zoekhonden die de uitwerpselen van hun wilde neven opsporen een meerwaarde zijn voor het wolvenonderzoek in Europa. Er wordt in Vlaanderen zelfs een tweede hond klaargestoomd voor het echte werk, terwijl er in Duitsland ondertussen al een twintigtal honden ingezet worden. Ook in Nederland is er interesse om een eigen zoekhond op te leiden die naar wolven kan speuren. En Wietse? Die gaat - na een korte pauze toen hij in al zijn enthousiasme een spier scheurde tijdens het zoeken - lustig verder met het in kaart brengen van onze eerste Belgische wolvenroedel.

., .
. © .

Dit artikel verscheen ook op Onze Natuur.

Wolvenkeutels zijn als boeken, of toch tenminste als een goeie gazet. Ze verklappen hoeveel wolven er in een gebied leven, welke wolf ergens passeerde, hoe lang dat geleden is en wat hij de laatste 24 uur gegeten heeft. Maar ze geven hun geheimen enkel prijs als je ze weet te vinden. En dat wordt pas echt een makkie, met de juiste hond aan je zijde. Maak kennis met Wietse, de flatcoated retriever van Carina De Pape, die sinds december een dankbare bijdrage levert aan het Vlaamse wolvenonderzoek. De immer werklustige Wietse is niet aan zijn proefstuk toe, vertelt Carina: 'Hij doet niets liever dan speuren en kent al redelijk wat geuren. Voor het ILVO heeft hij een tijdje gezocht naar de berengeur die varkensvlees onsmakelijk maakt bij het bakken. Enkele jaren geleden startte hij zijn carrière bij het ecologische zoekhondenteam dat Ellen Van Krunkelsven opleidde voor het INBO. Hij werd getraind op de geur van de juchtleerkever, een bedreigde kever waarvan niemand weet of hij nog in ons land voorkomt. In buitenlandse oefensessies wees hij regelmatig sporen van de kever aan, maar in België vond hij niks.'Met de opkomst van de wolven in ons land, kreeg de andere drijvende kracht achter het zoekhondenteam, Hilde Vervaecke van de Odisee Hogeschool, het idee om een wolvenzoekhond op te leiden. Tijdens een proefproject van twee weken toonde Wietse zich van zijn beste kant: 'De meeste honden die aan het traject deelnamen, haalden letterlijk hun neus op voor de geur van wolf. Alleen Wietse had er totaal geen problemen mee en zocht even vrolijk naar de geur van een verse wolvendrol. Hij slaagde ook met glans voor dé ultieme test: het verschil ruiken tussen de uitwerpselen van een wolf en van een hond die een volledig konijn gegeten had.'Vanaf dan legden Carina en Wietse zich volledig toe op het herkennen van wolvenkeutels. Na een grondige opleiding met allerhande drollen in potjes, verhuisden ze naar de wilde natuur. Ze haalden hun oefenmateriaal bij het Wildpark van La Roche-en-Ardenne en bij wilde wolven uit Slovakije. Maar op hun vuurdoop in Limburg was het nog wachten tot december 2020, toen het vrijwilligersduo eindelijk toestemming kreeg om in het veld te gaan zoeken naar uitwerpselen van August, Noëlla en hun drie zonen. Nu trekken Carina en Wietse er regelmatig op uit met wolvenonderzoeker Jan Gouwy van het INBO, om stalen te verzamelen voor het wolvenonderzoek. Dat men initieel twijfelde om Wietse toe te laten in het territorium van de Bosland-wolven, vindt Carina een begrijpelijke reactie. 'Het is heel normaal dat we die dieren zoveel mogelijk met rust moeten laten. Maar ik ben ervan overtuigd - en de onderzoekers ondertussen ook - dat de speurtochten van Wietse een echte meerwaarde zijn. Op overzichtelijke plaatsen en kruispunten van boswegen is het niet moeilijk om uitwerpselen te vinden. Maar wolven laten ook pakketjes achter op minder toegankelijke plekken. En dan komt Wietse's neus goed van pas. Hij scant de ganse omgeving en pikt meer geuren op dan wij ooit kunnen waarnemen. Sinds Wietse mee gaat zoeken, worden er veel meer keutels gevonden. Als Wietse prijs heeft, gaat hij zitten bij zijn vondst. We hebben hem geleerd de uitwerpselen vooral niet aan te raken met zijn neus, want ze kunnen vossenlintworm bevatten. Dat is een parasiet die de hond als tussengastheer heeft en dodelijk is voor de mens. Na een speurtocht wordt Wietse dan ook standaard ontwormd. Eén keer was er een wolf héél dichtbij: achteraf zagen we op de wildcamera's dat hij vlak na ons op dezelfde plek passeerde.'Ondertussen is iedereen ervan overtuigd dat zoekhonden die de uitwerpselen van hun wilde neven opsporen een meerwaarde zijn voor het wolvenonderzoek in Europa. Er wordt in Vlaanderen zelfs een tweede hond klaargestoomd voor het echte werk, terwijl er in Duitsland ondertussen al een twintigtal honden ingezet worden. Ook in Nederland is er interesse om een eigen zoekhond op te leiden die naar wolven kan speuren. En Wietse? Die gaat - na een korte pauze toen hij in al zijn enthousiasme een spier scheurde tijdens het zoeken - lustig verder met het in kaart brengen van onze eerste Belgische wolvenroedel. Dit artikel verscheen ook op Onze Natuur.