'Gras heeft een gigantisch aandeel in openbaar groen', zegt Christian Ysenbaardt, bioloog en hoofd van het expertisecentrum groenbeheer van Antwerpen. 'Onze groendienst beheert 560 hectare gras. Daarmee kun je veel winst boeken, ecologisch en financieel.'

Met het onlangs afgeronde grasplan maakt Antwerpen de switch naar 'gewild gras', aldus bio-ingenieur Jan Swings. 'Kort gazon is niet meer de norm. We hebben onze graspartijen ingedeeld in een vijftiental types. In lig- en picknickweiden wil je kort gras, smalle stroken langs de weg mogen langer. Elk type valt in een van de vier maairegimes: maaien om de één à twee weken, maandelijks, één tot drie keer per jaar en minder dan jaarlijks.'

'Ook particulieren onderschatten hoeveel meer werk en geld een egaal groene pelouse kost'

Belangrijk, zegt Ysenbaardt, is dat de medewerkers van de groendienst echte grasplanambassadeurs worden. 'Maaitijden bepalen, werken met aangepaste machines enzovoort, dat vraagt veel meer kennis dan op gezette tijden maaien op een zitmaaier. En het vraagt een mentaliteitswijziging. Een stuk níét maaien zodra ze op die machine zitten, dat is niet gemakkelijk. (lacht) Geïnspireerd door goede voorbeelden als Aalst is onze graslandploeg intussen helemaal mee. Logisch: vroeger noemden ze ons de "hoveniers" maar nu zijn wij groenbeheerders, zoals er natuurbeheerders zijn. Dat vergroot de beroepseer.'

Is dit beheer duurder? Zeker niet, weet Ysenbaardt. 'Je bespaart een kleine 10 procent op het maaien en afvoeren van maaisel zelf, maar de grote winst van extensief beheer zit in het wegvallen van het vele werk dat een groene grasmat vraagt: verticuteren, bijzaaien, kantjes afsteken, bladafval ruimen... Extensief beheer is op dat vlak drie keer goedkoper. Een forse besparing, dus. Het is een tip voor particulieren, ook. Zij onderschatten hoeveel meer werk en geld een egaal groene pelouse kost in vergelijking met een mooi bloemrijk grasland.'

Medewerkers van de Antwerpse groendienst tellen bloemen in Antwerpse gazonnen., Stad Antwerpen
Medewerkers van de Antwerpse groendienst tellen bloemen in Antwerpse gazonnen. © Stad Antwerpen

Op dit moment wordt elk Antwerps park in kaart gebracht, incluis beheer op maat. Er wordt geknokt voor elk stukje ecologische winst, besluit Ysenbaardt. 'Ook stukken waar evenementen plaatsvinden, nemen we mee. We zullen pas net voor elk evenement intensief gaan maaien. Niet méér maaien dan nodig: het loont ecologisch en financieel.'

De stad Antwerpen doet ook mee aan Maai Mei Niet: ze zal 2,21 miljoen vierkante meter openbaar gazon niet maaien. Donderdag hielden ze bij al hun Bloementelweekend, laat directeur groendienst Hans De Beule weten. 'Alle afdelingen van de groendienst en begraafplaatsen deden mee. De terreinwerkers werden verdeeld in duo's. Elk bracht één m² in kaart. Hiervoor kozen ze een stuk gras uit dat dit jaar nog niet gemaaid werd en ook nooit ingezaaid is geweest.' Elk duo maakte een account aan op maaimeiniet.be en geeft hier het telresultaat door.

'De opnamepunten werden geregistreerd op een GoogleMaps-kaart,' vervolgt De Beule. 'Daar zullen wij naderhand de nectarscores aan koppelen. Door de opnames op een kaart te registreren kunnen wij volgende jaren op dezelfde plek opnames doen en een eventuele evolutie van ons ecologisch beheer zien.'

'Gras heeft een gigantisch aandeel in openbaar groen', zegt Christian Ysenbaardt, bioloog en hoofd van het expertisecentrum groenbeheer van Antwerpen. 'Onze groendienst beheert 560 hectare gras. Daarmee kun je veel winst boeken, ecologisch en financieel.' Met het onlangs afgeronde grasplan maakt Antwerpen de switch naar 'gewild gras', aldus bio-ingenieur Jan Swings. 'Kort gazon is niet meer de norm. We hebben onze graspartijen ingedeeld in een vijftiental types. In lig- en picknickweiden wil je kort gras, smalle stroken langs de weg mogen langer. Elk type valt in een van de vier maairegimes: maaien om de één à twee weken, maandelijks, één tot drie keer per jaar en minder dan jaarlijks.'Belangrijk, zegt Ysenbaardt, is dat de medewerkers van de groendienst echte grasplanambassadeurs worden. 'Maaitijden bepalen, werken met aangepaste machines enzovoort, dat vraagt veel meer kennis dan op gezette tijden maaien op een zitmaaier. En het vraagt een mentaliteitswijziging. Een stuk níét maaien zodra ze op die machine zitten, dat is niet gemakkelijk. (lacht) Geïnspireerd door goede voorbeelden als Aalst is onze graslandploeg intussen helemaal mee. Logisch: vroeger noemden ze ons de "hoveniers" maar nu zijn wij groenbeheerders, zoals er natuurbeheerders zijn. Dat vergroot de beroepseer.' Is dit beheer duurder? Zeker niet, weet Ysenbaardt. 'Je bespaart een kleine 10 procent op het maaien en afvoeren van maaisel zelf, maar de grote winst van extensief beheer zit in het wegvallen van het vele werk dat een groene grasmat vraagt: verticuteren, bijzaaien, kantjes afsteken, bladafval ruimen... Extensief beheer is op dat vlak drie keer goedkoper. Een forse besparing, dus. Het is een tip voor particulieren, ook. Zij onderschatten hoeveel meer werk en geld een egaal groene pelouse kost in vergelijking met een mooi bloemrijk grasland.' Op dit moment wordt elk Antwerps park in kaart gebracht, incluis beheer op maat. Er wordt geknokt voor elk stukje ecologische winst, besluit Ysenbaardt. 'Ook stukken waar evenementen plaatsvinden, nemen we mee. We zullen pas net voor elk evenement intensief gaan maaien. Niet méér maaien dan nodig: het loont ecologisch en financieel.' De stad Antwerpen doet ook mee aan Maai Mei Niet: ze zal 2,21 miljoen vierkante meter openbaar gazon niet maaien. Donderdag hielden ze bij al hun Bloementelweekend, laat directeur groendienst Hans De Beule weten. 'Alle afdelingen van de groendienst en begraafplaatsen deden mee. De terreinwerkers werden verdeeld in duo's. Elk bracht één m² in kaart. Hiervoor kozen ze een stuk gras uit dat dit jaar nog niet gemaaid werd en ook nooit ingezaaid is geweest.' Elk duo maakte een account aan op maaimeiniet.be en geeft hier het telresultaat door.'De opnamepunten werden geregistreerd op een GoogleMaps-kaart,' vervolgt De Beule. 'Daar zullen wij naderhand de nectarscores aan koppelen. Door de opnames op een kaart te registreren kunnen wij volgende jaren op dezelfde plek opnames doen en een eventuele evolutie van ons ecologisch beheer zien.'