Varkens zijn intelligent, liefdevol, schrander en speels', zegt filosoof en cultuurwetenschapper Thomas Macho (68). De Oostenrijker bestudeert al jaren de ambivalente relatie tussen mens en dier. Het varken neemt voor hem een speciale plaats in.
...

Varkens zijn intelligent, liefdevol, schrander en speels', zegt filosoof en cultuurwetenschapper Thomas Macho (68). De Oostenrijker bestudeert al jaren de ambivalente relatie tussen mens en dier. Het varken neemt voor hem een speciale plaats in. Waar komt die liefde vandaan? Thomas Macho: Ik hou van varkens, al van toen ik als kind op de boerderij van mijn grootouders was. Later verzorgde ik regelmatig de varkens van mijn toenmalige schoonvader. Dat klinkt erg mooi. Macho: Onze relatie met het varken heeft ook een erg mooie kant. We houden van deze dieren en haten ze tegelijk. Hoe bedoelt u? Macho: Hoe wordt het varken in onze populaire cultuur voorgesteld? Het is zowel een symbool van puurheid en geluk als van religieuze onreinheid: een dier dat je niet mag eten. 'Varken' is een populair scheldwoord, maar het dier duikt ook vaak op in kunstwerken, films, romans, sprookjes en gadgets. Of het nu Miss Piggy is uit The Muppet Show of Babe uit de gelijknamige film , overal kom je varkens tegen. Wij zijn nauw verwant aan het varken, en toch behandelen we het zo slecht. Het varken is vooral een economisch product, en een zeer veelzijdig. De organen worden gebruikt voor transplantaties bij mensen, van de botten wordt gelatine voor snoep gemaakt, de huid wordt verwerkt in schoenen. Onderdelen van het varken worden gebruikt om banden te maken, voor cosmetica, smeermiddelen, papier, kaarsen, penselen, detergenten en nog veel meer. Macho: Het varken wordt voor van alles en nog wat gebruikt, maar bijna niemand weet dat. We verdringen dat. We zetten duizenden varkens dicht bij elkaar op een betonnen vloer, met nauwelijks daglicht, we snijden bij biggen het krulstaartje af, de testikels en hoektanden. De zeugen laten we vegeteren in houten kisten waarin ze zich niet eens kunnen omdraaien. Waarom voelen we zo weinig mee met de varkens? Macho: Dat is eigenlijk onbegrijpelijk. We krijgen natuurlijk nooit te zien hoe gruwelijk varkens behandeld worden. Daarom zijn mensen ook zo geschokt als er beelden van opduiken in de media. Van veel producten weet je niet meer waar ze vandaan komen. Dat varkens verwerkt worden tot fijne vleeswaren en alle soorten worst, beseffen we nauwelijks nog. Was het vroeger beter, of is dat gewoon nostalgie? Macho: De mens had zeker meer respect voor het varken. Ze maakten deel uit van het stadsbeeld, ze waren een soort levensverzekering, liepen overal vrij rond en zorgden voor de afvalverwerking. Ze werden geslacht op de markt. De mensen waren betrokken bij hun leven en dood. Zelfs tot in de twintigste eeuw was dat op veel plaatsen zo. Tot daar in één keer een einde aan kwam. Hoe kwam dat? Macho: De industrialisering. Eerst ontstonden de grote, gecentraliseerde slachthuizen, daarna kwam de industriële massaproductie van vlees. De hele industrie werd gerationaliseerd en was alleen nog op winst gericht. De Israëlische historicus Yuval Noah Harari beschouwt de geïndustrialiseerde fabriekslandbouw als een van de zwaarste misdaden in de geschiedenis van de mensheid. Bent u het daarmee eens? Macho: Hoe meer je je in geïndustrialiseerde veeteelt verdiept, hoe groter je afschuw wordt. We willen de realiteit niet zien. Anders konden en moesten we ons als consument heel anders gedragen. Zelfs echte vleeseters zouden beseffen dat je eigenlijk beter maar één keer per week vlees kunt eten in plaats van drie keer per dag, zoals dat in de 20e eeuw nog vaak de gewoonte was. Ethisch gezien is onze veeteelt alleen mogelijk zolang de mensen zichzelf als superieur beschouwen aan de dieren. Is dat vol te houden? Macho: Dieren catalogiseren als ondergeschikte wezens behoort tot de kern van heel wat godsdiensten en wereldopvattingen. Ik vind dat zeer problematisch. Niet alleen uit respect voor het dier, maar ook uit respect voor de mens. Alles wat we de dieren aandoen, doen we ook veel makkelijker onszelf aan. Als je mag neerkijken op dieren, is het makkelijker om neer te kijken op mensen, en zo kun je slavernij rechtvaardigen, kinderarbeid, misbruik, volkerenmoord. Kunt u daar een voorbeeld van geven? Macho: Kijk naar de vleesverwerking. We moeten bijna dankbaar zijn voor wat corona aan het licht heeft gebracht na de vele besmettingshaarden in de vleesindustrie. In een systeem waarin we niet zien hoe dieren lijden, proberen we ook niet te zien hoe mensen meedraaien in dat systeem. Oost-Europese contractarbeiders werken in die sector onder onmenselijke omstandigheden. Dierenrechtenactivisten en de Canadese filosoof Will Kymlicka roepen op om dieren ook burgerrechten te geven. Zou dat een stap voorwaarts zijn? Macho: Sinds de decodering van het menselijk genoom hebben we ontdekt dat mensen helemaal niet zo superieur zijn aan dieren als we altijd hebben gedacht. Er moet een paradigmaverschuiving komen. We moeten denken in termen van congenialiteit of geestverwantschap, een vorm van samenleven waarbij dieren naast ons staan. Dat klinkt theoretisch. Macho: Ik gebruik graag de term 'inclusief humanisme'. We zouden de inclusiegedachte, die eigenlijk verwijst naar mensen met een beperking, kunnen uitbreiden en zeggen: we respecteren wezens waarvan we niet zeker zijn dat ze veel van ons verschillen. Wat zou dat concreet veranderen? Macho: Heel veel. Als ik weet dat de vis op mijn bord een intelligent wezen is dat kan communiceren, en dus erg op mij lijkt, dan is het misschien zinvoller geen vis meer te eten. Het menselijk genoom werd 18 jaar geleden al gedecodeerd. Ziet u fundamentele verbeteringen in de omgang tussen mens en dier? Macho: Nee, en omdat we intussen zo veel weten is dat beangstigend. We weten dat veel dieren erg intelligent zijn, we weten hoe complex hun communicatie functioneert, we weten dat zij genetisch erg verwant zijn aan ons. En toch passen we ons gedrag niet aan, behalve als we een huisdier nemen, waar we onze emoties op kunnen projecteren. Hoe kan een gedragswijziging ontstaan? Macho: Door het varken weer als levend wezen zichtbaar te maken. Een vriend van mij kweekt speciale wolvarkens voor de horeca. Hij verkoopt alleen volledige dieren, de kopers moeten het varken zelf doden. Dat is op zijn minst een principe dat veel mensen aan het denken zet. Op grote schaal wordt dat duur en moeilijk te realiseren... Macho: We moeten de massaconsumptie een halt toeroepen. Iedereen wil tegenwoordig goedkoop vlees, terwijl iedereen weet dat overconsumptie ongezond is. Dan heb je ook nog die megastallen, met de mestproductie als aanjager van de klimaatcrisis en het overmatige gebruik van antibiotica. Dat is het tegenstrijdige aan onze omgang met dieren: we weten het en we doen er niets aan. Mogen we eigenlijk nog vlees eten? Macho: Het is niet aan mij om te zeggen hoe mensen moeten leven. Maar je zou bijvoorbeeld alleen nog vlees kunnen eten op feestdagen, en dan meer betalen voor een beter product. Dat zou niet alleen de dieren en de natuur, maar ook de boeren ten goede komen.