Veel mensen denken dat muizen een winterslaap houden, maar dat is niet correct. De meeste muizen in onze huizen zijn huismuizen: diertjes die vooral granen en ander plantaardig voedsel eten, en de gewoonte hebben voor de winter een voorraadje in te slaan waar ze een tijd op kunnen teren. Huismuizen lopen in de winter dus niet veel rond.
...

Veel mensen denken dat muizen een winterslaap houden, maar dat is niet correct. De meeste muizen in onze huizen zijn huismuizen: diertjes die vooral granen en ander plantaardig voedsel eten, en de gewoonte hebben voor de winter een voorraadje in te slaan waar ze een tijd op kunnen teren. Huismuizen lopen in de winter dus niet veel rond. Dat geldt niet voor spitsmuizen. Die kunnen ook in huizen voorkomen, maar ze blijven in de winter bijna even actief als in de zomer. Om verschillende redenen. Spitsmuizen eten ongewervelde dieren, zoals insecten, spinnen en wormen, waarvan je moeilijk een voorraad kunt inslaan. Ze moeten dus voedsel blijven zoeken, zelfs als er weinig ongewervelden actief zijn. Voorts kunnen de diertjes geen winterslaap houden, zoals hun verre familie van de slaapmuizen, omdat ze enerzijds een enorm hoge stofwisseling hebben en anderzijds klein zijn. Een doorsnee spitsmuis weegt amper 5 tot 10 gram en wordt niet veel langer dan 5 tot 9 centimeter (de staart niet inbegrepen). Dat is te frêle om een substantiële vetvoorraad te kunnen opslaan. Spitsmuizen moeten dus de hele tijd blijven eten. Om hun overlevingskansen hoog te houden moeten ze per dag het equivalent van, naargelang de soort, twee tot drie keer hun lichaamsgewicht verorberen. De diertjes leiden een rusteloos leven zonder uitgesproken dag-en-nachtcyclus. Ze zijn twee tot drie uur hyperactief op zoek naar voedsel om vervolgens een tijdje te slapen en nieuwe krachten op te doen. En dat telkens opnieuw. Hun hartslag kan oplopen tot meer dan 900 slagen per minuut. Dat lijkt niet aangepast aan een rustig leven op koude winterdagen. Toch heeft in ieder geval de bosspitsmuis speciale eigenschappen ontwikkeld om de winter te trotseren. Onderzoek dat in het vakblad Current Biology verscheen, beschrijft hoe het gewicht van zo'n muisje in de winter met gemiddeld 17 procent afneemt. Dat heeft niet in de eerste plaats te maken met minder eten, wel met het feit dat een aantal organen in hun lichaam krimpen. Hun schedel zou 15 procent kleiner worden en hun ruggengraat een stukje korter, omdat er weefsel uit de verbindingen tussen de beenderen gerecupereerd wordt. Het volume van hun hersenen zou met zelfs 30 procent kunnen afnemen, wat een aanzienlijke energiebesparing oplevert, want ook bij bosspitsmuizen consumeren de hersenen verhoudingsgewijs veel energie. Door die aanpassingen hebben ze in de winter minder energie nodig dan in de andere seizoenen. Als het in de lente warmer wordt, worden de organen opnieuw groter, maar ze halen zelden weer hun oorspronkelijke massa. Dat is niet erg, want er komen nieuwe muisjesgeneraties aan. De meeste spitsmuizen leven niet veel langer dan een jaar, waardoor ze slechts één keer inspanningen moeten leveren om een winter te overleven. Ze planten zich gemakkelijk voort, zodat we ons geen zorgen hoeven te maken om hun voortbestaan. Ze hebben trouwens een uitzonderlijke genetische flexibiliteit, waardoor ze goed in staat zijn zich aan veranderende omstandigheden aan te passen. Zo behoren ze tot de talrijkste zoogdieren van Europa, en dat al minstens 2,7 miljoen jaar. Door hun succes vormen ze het basisvoedsel van leuke jagers als wezels en uilen.