Op 13 september dit jaar merkte een zeiler een zeeschildpad op ter hoogte van Oostduinkerke, zo'n 7 kilometer ver in zee. Het bleek om een lederschildpad te gaan: een dier dat 2,5 meter lang kan worden en een halve ton zwaar, waarmee het de grootste schildpad ter wereld is. Iets minder dan een jaar eerder, op 27 september 2018, zwom een lederschildpad voor de kust van Nieuwpoort. Het zijn de twee enige bekende waarnemingen van levende lederschildpadden in ons deel van de Noordzee. Vroeger zijn er wel drie dode exemplaren op onze stranden aangespoeld: twee daarvan waren zeker geraakt door scheepsschroeven.

De lederschildpad is uiterst zeldzaam in onze contreien. Dat heeft meer te maken met het feit dat het dier met uitsterven bedreigd is dan met zijn verspreiding. In feite kunnen lederschildpadden bijna overal in de oceaan gezien worden, tot in Noorwegen en Alaska toe. Ze zijn warmbloedig - een uitzondering voor een reptiel - waardoor ze actief kunnen blijven in koudere temperaturen.

Voor hun voortplanting gebruiken ze zandstranden langs tropische en subtropische wateren. De vrouwtjes komen 's nachts aan land om honderden eieren te leggen in nesten die ze zelf graven. Er zijn indicaties dat ze terugkeren naar het strand waar ze zelf uit hun ei gekropen zijn - dat weten ze liggen, en zo zijn ze in principe zeker dat ze ergens aankomen waar ze hun eieren kwijt kunnen.

Lederschildpadden en hun eieren ongemoeid laten, brengt dankzij ecotoerisme meer op dan de consumptie ervan.

Voor de piepkleine jonge schildpadjes is de korte race van het nest naar het water een kwestie van leven of dood. Vele worden onderweg opgepikt door vogels en andere predatoren. Ze moeten in volle zee raken voor ze wat veiliger zijn. Zodra ze in het water zitten, komen ze nooit meer aan land, tenzij om eieren te leggen. Mannelijke lederschildpadden vertoeven hun leven lang in het water.

De dieren doorkruisen de oceanen. Lederschildpadden uit Zuid-Amerika steken over naar Afrika en keren weer terug. Lederschildpadden uit Indonesië raken tot aan de kusten van Noord-Amerika. Een dier dat met een satellietzender was uitgerust, heeft in minder dan twee jaar tijd 20.000 kilometer afgelegd. Lederschildpadden zijn zwervers. Hoe ze een partner zoeken en vinden, is niet bekend. Het lijkt onwaarschijnlijk dat ze hun keuze laten afhangen van toevallige ontmoetingen.

Naast de scheepvaart is de visserij een bedreiging voor lederschildpadden, net als plasticvervuiling. Lederschildpadden eten bijna exclusief kwallen en kunnen drijvende plastic zakken met prooien verwarren. Een ander belangrijk obstakel voor hun succes is dat hun neststranden dikwijls opgeofferd worden aan menselijke vooruitgang. Niemand weet hoeveel lederschildpadden er zijn, omdat het onmogelijk is de dieren te tellen. Het aantal vrouwtjes dat aan land komt, wordt geschat op iets tussen 25.000 en 43.000. Begin jaren tachtig waren het er nog 115.000.

Toch lijkt er beterschap te zijn door beschermingsmaatregelen. Stranden met eierleggende lederschildpadden trekken ecotoeristen aan, waardoor de dieren de plaatselijke bewoners een inkomen garanderen: lederschildpadden en hun eieren ongemoeid laten, brengt er meer op dan de consumptie ervan.

Een lederschildpad kan tot 1 kilometer diep duiken. Zijn schild is niet zo hard als dat van andere schildpadden: het is eerder leerachtig dan pantserachtig. Wat meteen zijn naam verklaart.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.