Onrustig gemaakt door het nakende nieuwe millennium en bijbehorende calamiteiten, steken mensen de koppen bij elkaar. Zo ook de Academie Leo Beyers voor Kunsten en Leefwetenschappen, ?opgericht om een open platform te bieden voor tegenspraak waarin de verschillende kennisdomeinen van onze samenleving elkaar ontmoeten, tegenspreken en komen tot een debat en vaardigheden over hoe het menselijk leven te benaderen?...

Onrustig gemaakt door het nakende nieuwe millennium en bijbehorende calamiteiten, steken mensen de koppen bij elkaar. Zo ook de Academie Leo Beyers voor Kunsten en Leefwetenschappen, ?opgericht om een open platform te bieden voor tegenspraak waarin de verschillende kennisdomeinen van onze samenleving elkaar ontmoeten, tegenspreken en komen tot een debat en vaardigheden over hoe het menselijk leven te benaderen? (sic). De Academie bestaat uit ?wetenschappers, kunstenaars, artsen, middenstanders (zie lijst achterin het boek)?. Dit bonte gezelschap weet dat ?de hightech-samenleving meer en meer een feit is dat doordringt in de intimiteit van het menselijk zijn? en dat het erop aankomt ?de ervaringswerkelijkheid een belangrijk aandeel toe te kennen in alle mogelijke vormen van onderzoek op wetenschappelijk, bedrijfsmatig terrein en op het gebied van kunst en cultuur? (sic). Verschillen ervaringen van mens tot mens ? Geen nood : ?de samen- en tegenspraak van dat verschil zal uitmaken waar we bepaalde ontwikkelingen een halt willen toeroepen?. Zoals dat met zulke platforms vaker het geval is, organiseert de Academie Leo Beyers debatten en tekent het in jaarboeken elke zucht op die daarbij wordt geslaakt. ?Debat 21-I? is haar eerste jaarboek. Uit de citaten hierboven blijkt zonneklaar dat de filosofen, andragologen, trainers-adviseurs, acteurs, oncologen, stukadoors, dierenartsen, galeriehoudsters, anesthesisten, enzovoort (zie lijst achterin het boek) van de Academie Leo Beyers voor en tegen zowat alles kunnen zijn en dat hun bijzonder warrige taaltje, in een voorwoord van een duur boek neergepoot, erg wantrouwig stemt. Een wantrouwen dat alvast niet wijkt voor de titel van het eerste hoofdstuk : ?Teken en wezigheid?. Ongetwijfeld bevat dit boek waardevolle bijdragen de namen van Hubert Dethier, Jaap Kruithof en Ronald Commers lichten in de lange rij medewerkers op als vertrouwenwekkende bakens maar een representatieve steekproef levert toch iets té gemakkelijk allerlei pseudo-wetenschappelijk of pseudo-filosofisch gebabbel op, en schemaatjes die het midden houden tussen goedkope esoterie en dure management-slides. Pascal Cornet Suzan Langenberg, ?Debat 21-I. De woorden en de mensen?, Acco, Leuven, 261 blz., 2195 fr.