Volgens Umicore heeft Union Minière in het begin van de oorlog gepoogd haar uraniumvoorraden via verschillende Belgische en Franse havens uit de handen van de Duitse troepen te houden. Maar door de snelle Duitse opmars viel meer dan 2000 ton, waaronder 800 ton uraniumerts, in de handen van de nazi's. Verder beweert Umicore dat deze voorraad tijdens de bevrijding in 1945 vrijwel volledig door de Amerikaanse troepen in Duitsland werd gerecupereerd, zoals aangetoond zou zijn door recent historisch onderzoek.
...

Volgens Umicore heeft Union Minière in het begin van de oorlog gepoogd haar uraniumvoorraden via verschillende Belgische en Franse havens uit de handen van de Duitse troepen te houden. Maar door de snelle Duitse opmars viel meer dan 2000 ton, waaronder 800 ton uraniumerts, in de handen van de nazi's. Verder beweert Umicore dat deze voorraad tijdens de bevrijding in 1945 vrijwel volledig door de Amerikaanse troepen in Duitsland werd gerecupereerd, zoals aangetoond zou zijn door recent historisch onderzoek. Knack confronteerde Rainer Karlsch, auteur van Hitlers bom, met de bezwaren van Umicore. De Duitse historicus meent dat Umicore de feiten verdraait door slechts de halve waarheid te vertellen. Hij zet zijn stelling kracht bij met documenten uit het Bundesarchiv Lichterfelde (aanmaningen, bestellingen, afspraken, facturen). 'In september 1939 beval de directeur van Union Minière (UM), Edgar Sengier, dat alle radium- en uraniumvoorraden naar New York getransporteerd moesten worden. Maar een groot deel van de voorraden kon niet meer op tijd uit het land gebracht worden', zegt Karlsch. 'Direct nadat België door Duitse troepen bezet was, begonnen Duitse firma's bij Union Minière uraniumverbindingen te kopen. De Auergesellschaft kocht in juni 1940 60 ton uraniumverbindingen van Union Minière. Een jaar later bestelde de firma Degussa 9 ton uranium in Brussel. Veel meer uranium hadden de Duitsers voorlopig niet nodig, aangezien hun uraniumproject nog maar in zijn beginfase verkeerde. 'Op 26 februari 1942 vond in Berlijn een kernfysische conferentie van de Reichsforschungsrat plaats. Nobelprijswinnaar Werner Heisenberg hield er een voordracht over de theoretische grondslagen voor de energiewinning uit uraniumsplitsing. Door de omzetting van uranium in de reactor zou het mogelijk worden om plutonium, de grondstof voor de bom, te winnen. Hoewel de wetenschappers nog geen duidelijk beeld hadden van de perspectieven die energiewinning uit uranium bood, was propagandaminister Joseph Goebbels enthousiast: "Het onderzoek op het terrein van de kernsplitsing (Atomzertrümmerung) is zo ver gevorderd, dat zijn resultaten mogelijkerwijs nog voor het voeren van deze oorlog gebruikt kunnen worden. Zelfs bij een minimale inzet zou het gebruik hiervan zulke immense vernietigende effecten hebben, dat men het verloop van deze oorlog en ook van elke latere oorlog met een zeker afgrijzen tegemoet kan zien." 'Toch groeiden de Duitse uraniumbehoeften voor reactorexperimenten en voor de aanmaak van radium. Dat waren de doorslaggevende motieven voor de inbeslagneming van de uraniumvoorraden van Union Minière door het opperbevel van het leger in mei 1942. 'Later kocht de Rohstoffgesellschaft (Roges) GmbH ook nog in Frankrijk uraniumertsen en ook nog eens 200 ton uraniumverbinding van Union Minière. Voor de in beslag genomen waren kreeg Union Minière eerst een aanbetaling van 26,2 miljoen Belgische frank. Later betaalde Roges GmbH nog een resterend bedrag van 14,7 miljoen Belgische frank. 'Maar met de inbeslagneming van het uranium eindigden de betrekkingen tussen Union Minière en de Duitse ondernemingen in geen geval. Nog in mei 1942 kwam het tot een mondelinge afspraak tussen Union Minière en Roges GmbH. Een contract werd voorbereid, maar niet ondertekend. 'Uit de briefwisseling blijkt dat Union Minière voor Auergesellschaft en andere Duitse ondernemingen tussen 1942 en 1944 de zuivering van uraniumoxide voor haar rekening nam. Met het oog daarop werden grote hoeveelheden uranium van Duitsland weer naar Olen getransporteerd en daar verwerkt. Daardoor participeerde Union Minière direct aan het Duitse uraniumproject. 'Midden april 1945 stootte een speciale Amerikaanse eenheid door tot in Stassfurt en trof daar in een kalischacht een deel aan van de uraniumverbindingen die uit België afkomstig waren. Samen 835 ton, alsook 254 ton uraniumertsen uit Duitse winning en 8 ton metaaluranium. Waarvoor het uranium dat uit België afkomstig was gebruikt werd, is nog maar moeilijk te traceren, hooguit misschien nog in afzonderlijke gevallen.'P.D.M