De fabelachtige romans van twee Franse jonge dames reveleren bepaalde evidenties van onze tijd
...

De fabelachtige romans van twee Franse jonge dames reveleren bepaalde evidenties van onze tijdIn de recentste rentrée littéraire van de Franse literatuur viel het grote aantal vrouwelijke auteurs op : 40 procent van de uitgaven bij de grote Franse uitgeverijen, dubbel zoveel als een tiental jaar geleden. Bij de literaire bekroningen vallen ze nochtans vaak uit de boot ; daarom werd ook de Prix Fémina ingesteld, met een louter vrouwelijke jury. De Prix Goncourt, bedacht door het befaamde mysogyne broederpaar uit de negentiende eeuw, ging pas na veertig jaar naar een vrouw, Elsa Triolet, terwijl Colette in 1945 als eerste vrouw een zitje in de Académie Goncourt veroverde. Vandaag zijn drie van de tien juryleden vrouwen. Binnen het grote aanbod trekken twee jonge schrijfsters de aandacht door de originele wijze waarop zij hun inzichten op onze tijd verwoorden. Het zijn de debutante Marie Darrieussecq (27) en Marie Ndiaye (29) die al aan haar zesde boek toe is. Dat ook zij de Goncourt misliepen, komt ook omdat de Académie literair erg conservatief is ingesteld en innoverende auteurs liever laat bekronen door de jury's van de Prix Médicis of Renaudot. Innoverend is zeker het werk van Marie Ndiaye. In een stijl zonder omwegen dringen de gebeurtenissen zich in haar roman ?La sorcière? als vanzelf op. Die schetst een alledaagse wereld waar een aantal ongewone feiten een twaalfjarige tweeling die zich tot een koppel raven metamorfoseert, een echtgenoot die omgetoverd wordt in de slak die hij altijd geweest is volledig geloofwaardig overkomen. Het feërieke verdoezelt er geenszins de banaliteit van de personages die zich onder de druk van het ongewone ontpoppen tot gevoelloze egoïsten die enkel hun eigen belangen najagen. Men verlaat zijn partner, ouders, kinderen alsof die nooit echt hadden bestaan. Alleen Lucie, het hoofdpersonage, leeft nog in een wereld waar haar ouders zich met elkaar kunnen verzoenen en haar kinderen haar de hand willen reiken. EEN ETNOLOGISCH DOCUMENTZij is dan ook maar matig begaafd als tovenares. De toverkracht die zij van haar moeder heeft overgeërfd en op haar beurt aan haar tweelingdochters zal overdragen, mist datgene wat de hedendaagse mens helpt om desnoods door over spreekwoordelijke lijken te stappen vooruit te komen in dit leven. Haar dochters zijn heel wat sterker dan zij. Getraind in het voldoen van hun verlangens, naar het model van de soaps die hun enige echte opvoeding waren, gewapend met een olifantenhuid die de drama's waarmee zij geconfronteerd worden over hen heen laat glijden, als waren het de reality shows die zij dagelijks consumeren. De twee werelden zijn niet echt gescheiden van elkaar. De fantastiek die het hele verhaal omspant, geeft geen verklaringen voor het onverklaarbare, maar dringt het op als een evidentie. ?La sorcière? is in die zin een etnologisch document dat het kleinburgerlijke Frankrijk van onze tijd oproept met zijn alomtegenwoordige verveling en de rituelen die deze moeten bezweren, met zijn drama's die van relationele aard zijn. De povere antwoorden die hierop bedacht worden, blijken nog altijd te stammen uit tijden van tovenaars en shamanen. De tweespalt die Ndiaye tevoorschijn brengt, ligt dan ook niet tussen de alledaagse en de bovennatuurlijke wereld, maar eerder tussen het blinde egoïsme en de medemenselijkheid. In ?Truismes? van Marie Darrieussecq is er zelfs geen sprake meer van een tweespalt. De hele werkelijkheid wordt er opgeslorpt en weerspiegeld door de fabelachtige metamorfose van haar hoofdpersonage, een jonge dame die in zich geleidelijk tekenen van het ?varken-worden? (een snuit, een krulstaart, spenen) ontdekt. Dit te vertellen, vanuit de modderpoel waar alles een einde neemt, gebeurt niet zonder moeite. Dit door de vreselijke krampen die het vasthouden van een balpen met zich mee brengt en ?het varkensgeschrift? waarmee ze de lezer van na de eeuwwisseling zal moeten overtuigen van de waarachtigheid van wat haar is overkomen. GELUKKIG ALS DE BEESTENHaar verhaal begint in een Parijse parfumzaak met erotische nevenactiviteiten. Zij werd er aangenomen om haar ?elastische charmes? en eindigt in een natuurlijke situatie die, eens aanvaard, de protagoniste de bevrediging zal brengen waar zij als mens vruchteloos naar zocht. Nu, dieren worden al vanouds gebruikt door de mens om zijn gebreken uit te beelden. Een antropomorfe beeldspraak die zijn angst voor zijn eigen dierlijkheid onthult, sinds het middeleeuwse christendom gebrandmerkt als ?des duivels?. De lage instincten die de verdierlijking van het hoofdpersonage oproept, horen echter alleen bij de zwijnerige verbeelding van de heren die van haar charmes gebruik maken. Zijzelf ontwikkelt vooral ascetische gevoelens en ontdekt zelfs de ware liefde, weliswaar bij een weerwolf met wie zij een kortstondige maar intense relatie heeft. Zo leert zij hoe men ?gelukkig als de beesten? kan zijn in een wereld waar de dierlijkheid zich geperverteerd heeft tot een uiting van het machtsstreven. Dit laatste heeft het met de dag moeilijker om de leegte te verbergen waar zij voor staat. Want deze dierenfabel heeft ook een politieke dimensie. Als mascotte van de toekomstige president ?Edgard? die haar varkensachtige verschijning inhuurt voor een affiche waarvan de politieke boodschap luidt ?voor een gezondere leefwereld?, ziet zij hoe met de morele verloedering van haar klanten een verloedering van de politiek gepaard gaat. De onwaarschijnlijkheid van een schrijvende zeug krijgt door de handige en progressieve versmelting van het menselijke en het dierlijke een werkelijkheidsgehalte dat net zoals bij het boek van Ndiaye ook hier het verhaal geloofwaardig maakt, zij het dan op een symbolisch niveau. Dit van onze eigen monsterachtige wereld, waarvan wij de metafoor aanvaarden als een truïsme, dat ook een waarheid is als... een varken : het geluk van een zeug en een weerwolf die, aan elkaar geklit, de warmte bewonen waarbij de andere de hele metafysica is waar beesten als wij kunnen naar streven. Francis Cromphout Marie Ndiaye, ?La Sorcière?, Editions de Minuit, 190 blz.Marie Darrieussecq, ?Truismes?, P.O.L., 157 blz. Marie Darrieussecq : de werkelijkheid weerspiegelt in een metamorfose.