Mijnheer Tindemans, nu de verkiezingen in Nepal zijn uitgesteld en het staatshoofd een staatsgreep heeft gepleegd, komen de FN-wapenleveringen aan dat land weer op de Belgische politieke tafel.
...

Mijnheer Tindemans, nu de verkiezingen in Nepal zijn uitgesteld en het staatshoofd een staatsgreep heeft gepleegd, komen de FN-wapenleveringen aan dat land weer op de Belgische politieke tafel. LEO TINDEMANS: De manier waarop men dit dossier heeft afgehandeld, heeft mij verbaasd. Als minister van Buitenlandse Zaken ben ik ook meer dan eens met het probleem van wapenleveringen geconfronteerd. Het spreekt vanzelf dat een Belgische wapenfabriek wapens mag produceren voor het Belgische leger en voor de NAVO-bondgenoten, maar vaak komen de kopers uit 'een grijze zone'. Precies daarom heb ik er mij altijd tegen verzet om daarvoor alleen de verantwoordelijkheid te dragen. Want Buitenlandse Zaken kan niet controleren wat er precies in de containers zit die in Antwerpen, Zeebrugge of Oostende vertrekken, en kan evenmin nagaan of in het land van bestemming de end user die op de verkoopovereenkomst staat ook daadwerkelijk de uiteindelijke gebruiker is. Dus was mijn stelling dat bij mogelijk betwistbare wapenaankopen de hele regering de beslissing moest nemen, uiteraard na de adviezen van Buitenlandse Zaken te hebben gehoord. Ik heb de indruk dat het in dit dossier andersom is gegaan. Men heeft het voorgesteld alsof een wapenlevering aan Nepal ongevaarlijk was. Het ging om een democratisch regime dat moest afrekenen met een handjevol rebellen. Dat blijkt niet, of niet meer, te kloppen met de feiten. De discussie over deze levering moet opnieuw worden gevoerd, in de regering of in het parlement. TINDEMANS: Als de inkomsten van de staat verminderen en de uitgaven door werkloosheid en dergelijke vermeerderen, is het de plicht van een serieuze regering om zich aan te passen en dat uit te leggen aan de bevolking. Ook als er verkiezingen in zicht zijn. Mijn ervaring is dat de mensen begrip hebben voor redelijke argumenten. Gezien de kleurrijke samenstelling van deze regering zullen er wel spanningen rijzen omdat niet iedereen zijn wensen zal zien ingewilligd, maar ik geloof niet dat er een gevaar is voor een breuk. Ze zijn nu zo lang samen onderweg. TINDEMANS: Er is iets wat ik niet begrijp. Met heel wat maatregelen van deze regering stijgen de uitgaven van de overheid, en toch wil ze de inkomsten verminderen. Welke tovenaar kan zoiets rijmen? Om maar één voorbeeld te noemen: men maakt sommige vormen van openbaar vervoer gratis, maar het is toch evident dat de kosten daarvan door een andere instantie moeten worden gedragen. Door de politiek van deze regering stijgen de belastingen onvermijdelijk. Men kan ze verplaatsen naar het gewest of de gemeenten, of opvangen door in- directe belastingen, maar het resultaat blijft hetzelfde: stijgen doen ze. In de economie kun je niet alles voorspellen, soms doet zich op een onverwacht moment een heropleving voor, maar mijn indruk is dat we in een ernstige recessie belanden. Niet alleen vermindert de economische activiteit, maar er is ook een stijgende onzekerheid over de toekomst. Het zal niet makkelijk zijn dat tij te keren. TINDEMANS: De resultaten van die studie beantwoorden aan wat ik vreesde. De manier waarop de hervorming van politie en justitie in haar geheel behandeld is, de ruzies en de betwistingen die ermee gepaard gingen... dat was niet bepaald een meesterwerk. En het gaat toch om twee essentiële elementen van de staat, ik zou bijna zeggen van de democratie. De politie is een fundamentele schakel in de dagelijkse samenleving. Zij is de eerste instantie die moet instaan voor de veiligheid, en dat is niet alleen bij ons maar ook in de buurlanden een van de belangrijkste bekommernissen van de mensen. Vanuit die gedachte is de manier waarop men de hervorming van politie en justitie heeft aangepakt pijnlijk. Ook dat draagt bij tot het pessimistische klimaat en doet mensen aarzelen om initiatieven te ontwikkelen, onder meer op economisch gebied. TINDEMANS: Dat hele dossier is weinig fraai, maar het is altijd moeilijk geweest om greep te krijgen op Sabena. Altijd dook links of rechts wel een manager op die het zou oplossen, maar nooit bleek dat te lukken en nooit kreeg je duidelijk zicht op welke krachten er allemaal werkten. We hebben te lang geloofd, zowel de publieke opinie als de politiek, dat een faillissement van Sabena onmogelijk was. Ook bij Sabena zelf dachten ze dat. De staat zou het wel regelen, of het buitenland zou wel bijspringen. Het is dus toch mogelijk geweest. Maar wie heeft de onderhandelingen met de Zwitsers gevoerd? Wie was wanneer waarvoor bevoegd? Is er voldoende gecommuniceerd tussen de betrokken actoren? Is men lichtgelovig geweest? Is men echt vlakaf bedrogen door de Zwitsers, wat vreselijk zou zijn? Het is nuttig dat het parlement dat blijft uitzoeken, ook al is het kwaad inmiddels geschied en is het onherstelbaar. TINDEMANS: Een voorbeeld van hoe Europese dossiers, of dossiers van Buitenlandse Zaken in het algemeen, plotseling een andere richting worden uitgestuurd door mensen die het niet van nabij hebben gevolgd en misschien niet de juiste interpretatie kunnen geven aan bepaalde feiten. Al wie er dagelijks mee bezig is, kent het gevoel dat je Europa altijd opnieuw moet uitleggen. Is het te liberaal? Er is op een bepaald moment in de EU een nieuwe stroming ontstaan: de markteconomie, de concurrentie en de privatisering moesten weer volop kunnen spelen. De Belgische regeringen, terecht of onterecht, hebben die trend mee ondersteund. Ze zouden hem trouwens in hun eentje niet hebben kunnen tegenhouden. Inzake de uitbreiding van de EU begrijp ik het voorbehoud dat velen maken, maar er is geen weg terug. Het beste voorstel kwam van de Franse president François Mitterrand. Die stelde voor om een federatie te maken met de landen die én de economische én de politieke integratie aanvaardden, inbegrepen een gemeenschappelijk buitenlands- en veiligheidsbeleid, en daarnaast een confederatie met wie niet zo ver wenste te gaan. Tussen de federatie en de confederatie moesten voldoende bruggen worden gebouwd, waarover de 'aarzelende' landen als de tijd rijp was ook de echte federatie konden binnenstappen. Met enige afstand bekeken was dat een uitstekend plan, maar helaas is het destijds gekelderd. Sommigen beweren dat de Britten daarvoor gezorgd hebben, anderen zeggen dat ook kandidaat-lidstaten als Polen, Hongarije en Tsjechië tegen waren, omdat ze meteen volwaardig lid wilden worden. Men is toen gaan onderhandelen met vijf plus vijf plus twee landen. Waarna de tweede groep van vijf uiteraard protesteerde. Toen is men gaan onderhandelen met tien plus twee. Die twee waren Malta en Cyprus. In Malta waren de economische voorwaarden te ver van de Europese normen verwijderd, en Cyprus werd gekweld door het Grieks-Turkse probleem. Het jongste scenario gaat nu weer over tien plus twee plus één, waarbij de twee Bulgarije en Roemenië zijn en de dertiende Turkije. Met de Turken wil men alleen voorbereidende gesprekken voeren, maar de Turken zelf eisen dat ze bij de eerstkomende uitbreiding behoren, omdat ze de door de EU gestelde voorwaarden hebben ingewilligd. Naar mijn overtuiging is deze situatie niet meer te keren. Men heeft te veel hoop doen ontstaan bij de kandidaat-leden, die vele en soms harde maatregelen hebben doorgevoerd om aan de gestelde normen te beantwoorden. Mocht men nu zeggen dat ze toch niet bij de EU kunnen of dat ze nog langer moeten wachten, zou dat een enorme ontgoocheling betekenen voor de betrokken bevolkingen en mogelijk aanleiding geven tot gevaarlijke reacties. TINDEMANS: Dat is het schandaal van Nice 2000. Op die top moesten belangrijke knopen worden doorgehakt over de bestuursmechanismen in de uitgebreide unie. Op dat moment was iedereen het trouwens eens met de uitbreiding. Helaas is er in Nice een potsierlijke ruzie ontstaan tussen de grote en de kleine landen over het stemmengewicht en de blokkeringsminderheid. Dat die twee blokken tegenover elkaar stonden, heeft mij geschokt, omdat het tegen de Europese gedachte is. Jammer genoeg heeft die opdeling zich sindsdien herhaaldelijk gemanifesteerd. Het resultaat is dat we twee jaar verloren hebben en geen stap verder staan dan vóór Nice. Dat is erg, zeer erg. Ik begrijp dat sommigen zich afvragen of het management van de uitgebreide EU wel mogelijk is, maar het is te laat om erop terug te komen. TINDEMANS: Dat zou niet mogen. Men heeft lang gepalaverd vooraleer tot een monetaire unie over te gaan, en het voorstel om de stabiliteit te verzekeren en geen groter begrotingstekort dan drie procent van het bbp toe te staan leek de ideale oplossing. Alleen waren er sceptici die toen al opperden dat niemand sancties zou durven te nemen als een van de grote landen de norm zou overschrijden. Dat zou nooit gebeuren, werd toen verzekerd, maar het gebeurt dus wel. En dat plaatst de Commissie voor een vreselijk dilemma, want het voortbestaan van de jonge monetaire unie is in gevaar. Ik vrees dat er politieke invloeden spelen, dat men deze of gene regering niet onder druk mocht zetten om onpopulaire maatregelen te nemen. En de Europese Centrale Bank zwijgt. Wellicht mede omdat het mandaat van voorzitter Wim Duisenberg op zijn einde loopt, en er nog geen overeenstemming is over een opvolger. TINDEMANS: Er zijn de jongste jaren diverse aanwijzingen dat de idee van een gemeenschappelijk Europees buitenlands beleid niet wordt toegepast. Ook niet bij stemmingen in de Verenigde Naties. Moesten er ambassades komen in Noord-Korea of niet? Zelfs de Beneluxlanden hadden daarover geen eensgezind standpunt. Idem voor de oorlog in Irak. Wat wil je dan? TINDEMANS: Neen, omdat we al zo ver gevorderd zijn op de Europese weg en ik niet denk dat iemand die klok wil terugdraaien. Europa is te belangrijk en te determinerend geworden voor de regelgeving in de lidstaten. Merkwaardig genoeg leidt dit niet tot enthousiasme en tot grote inzet om het project verder te zetten en te voltooien. Koen Meulenaereleo tindemans: 'door de politiek van deze regering stijgen de belastingen onvermijdelijk.'