Het Internationaal Filmfestival van Gent toont van 8 tot 19 oktober ruim honderd- dertig films. Een selectie uit al het fraais.
...

Het Internationaal Filmfestival van Gent toont van 8 tot 19 oktober ruim honderd- dertig films. Een selectie uit al het fraais.JE KAN NATUURLIJK jammeren over de films die helaas ontbreken op deze 23ste festival-editie (?The Underneath? van Soderbergh, ?Temptress Moon? van Chen Kaige, ?Goodbye South Goodbye? van Hou Hsiao-hsien om er maar enkele te noemen), maar globaal genomen biedt het Gentse filmfestival een uitstalraam van wat er anno 1996 aan film te koop is uit de vier windstreken, in de meest uiteenlopende genres, met de meest diverse budgetten, komende van de meest tegenstrijdige persoonlijkheden en de meest diverse visies op het filmmedium en op de wereld. Om u toch enkele aanraders (en occasioneel afraders) te geven in de twaalfdaagse marathon, vindt u hieronder een greep uit het programma, te beginnen met de vooropening ?Mission Impossible? op maandag 7 oktober. De films zijn gerangschikt volgens de dag dat ze op het festival worden vertoond en zijn geplukt uit de diverse secties (Avant-premières in en buiten competitie, Filmspectrum, Focus op Groot-Brittannië). Als u natuurlijk veilig wil spelen, ga dan in de retrospectieve een klassieker bekijken. Alleen al de sectie ?Geheugen van de Film? bevat een veertigtal titels de hoofdbrok is afkomstig uit Groot-Brittannië die allemaal draaien in zaal Sphinx. Het Decascoop-complex blijft het epicentrum van het festival, maar de meest avontuurlijke cinefiel moet in Studio Skoop wezen, terwijl ook zaal Vooruit ingeschakeld werd voor bepaalde evenementen. Regisseur Brian De Palma is de échte ster van het Tom Cruise-vehikel ?Mission Impossible?. Zijn hightech update van de oude tv-serie uit de jaren zestig en zeventig, is eens te meer een krachttoer inzake mise-en-scène en cinematografisch vernuft. Minstens twee uitgebreide sequenties horen tot het meest briljante wat u dezer dagen in een bioscoop kunt zien : een operatie van geheime agenten in de ambassade in Praag die vanuit wisselende standpunten wordt ontleed ; de weergaloos in beeld gezette inbraak in de centrale computer van de CIA. Grootse cinema ! De regisseur van ?Element of Crime? en ?Europa? gooit het roer radicaal om met het diep religieus, stuurs melodrama ?Breaking the Waves?. Ofschoon de hypnotiserende visuele stijl van Lars Von Trier radicaal verschilt van die van zijn beroemde landgenoot Carl T. Dreyer, kijkt hij op een gelijkaardige, intens cinematografische manier diep in de ziel van zijn personages. ?Breaking the Waves? speelt in een strenge van de buitenwereld geïsoleerde Schotse gemeenschap in de jaren zeventig en tekent de kroniek van absolute liefde, opoffering en (absurd) geloof in het goede tegen alle redelijkheid in. Die idealen worden allemaal op een zalige manier geïncarneerd door Bess, fenomenaal vertolkt door Emily Watson. Bess is een onschuldige jonge vrouw die in de lokale kerk de vloeren schrobt en gelooft dat ze met God kan praten. Ze trouwt met een outsider, een man die op een booreiland werkt, maar haar liefde wordt zwaar op de proef gesteld wanneer Jan ten gevolge van een ongeval wordt verlamd. De ene wending is al noodlottiger dan de andere. De parti-pris om deze Cinemascope film volledig met de handcamera te draaien was riskant, maar zorgt uiteindelijk voor een bedwelmende visuele spanning. Ook ons land telt nu een getalenteerd broederlijk duo : de Waalse filmmakers Luc en Jean-Pierre Dardenne. Ze schetsen in ?La Promesse? het onthutsend portret van een vijftienjarige jongen, Igor (Jérémie Renier), die voortdurend karweitjes moet opknappen voor zijn vader die handel drijft in illegale werkkrachten. Alles loopt gesmeerd tot een Afrikaanse arbeider van een stelling valt en Igors vader hem ter plekke begraaft. De zoon wordt nu heen en weer geslingerd tussen loyaliteit jegens zijn vader en schuldgevoelens en verantwoordelijkheidszin jegens de bijgelovige vrouw van de overledene die zich niet met een kluitje in het riet laat sturen. Het centrale gewetensconflict wordt subtiel en bijwijlen aangrijpend verbeeld in een realistische verteltrant. Dit sociaal-moreel drama verwijst onvrijwillig naar recente zaakjes die het land bezighouden, maar de film kan rustig op eigen benen staan. Het is bijna een meesterwerk. ?Stonewall? is het geromanceerd verslag van de gebeurtenissen die in 1969 in Greenwich Village leidden tot het bloedig treffen tussen uitdagende homo's en brutale politie. De rebellen bestonden hoofdzakelijk uit drag queens die de dood van Judy Garland niet konden verkroppen, maar het was de eerste keer dat homo's spontaan in opstand kwamen tegen de pesterijen van de politie. Hun symbolische rel opende de poort tot de gay liberation en wordt nu nog elk jaar in New York herdacht. De film (van de intussen overleden Nigel Finch) die dit heuglijk moment herdenkt, is helaas niet veel meer dan een overdreven sentimentele en stuntelig vertelde soapopera. ?Some Mother's Son? is een taai politiek drama van Terry George over de hongerstaking in de Noord-Ierse Maze gevangenis in 1981. Die leidde tot de dood van Bobby Sands en negen andere IRA-leden. Het scenario van Jim Sheridan (?In the Name of the Father?) gaat slechts indirect over de hongerstakers zelf, maar is toegespitst op twee moeders die in alles elkaars tegengestelde zijn en door het gedeeld leed langzaam naar elkaar toegroeien. Helen Mirren is de pacifistische lerares die zelfs niet weet dat haar zoon bij IRA-operaties is betrokken ; Fionnula Flanahan is de plattelandsvrouw die openlijk de Britse bezetter verafschuwt. Dit is een forse studie van eigentijds martelaarschap, maar ondanks het victorieus toontje aan het eind, kan je je toch niet van de indruk ontdoen dat de hele staking weinig uithaalde. ?Drifting Clouds?, de nieuwe film van de ironische minimalist Aki Kaurismäki, is een droevige komedie waarin de krampachtige situaties tegelijk pathetisch en grappig zijn (voor wie gevoel heeft voor Finse humor tenminste). Alles draait rond een echtpaar van middelbare leeftijd. Hij is trambestuurder, zij werkt in een restaurant. Ze konden vroeger al niet van overdreven vrolijkheid beschuldigd worden elke avond na het werk zitten ze als zombies naar hun op afbetaling gekochte tv te staren maar als ze beiden hun werk verliezen, stort hun wereld helemaal in elkaar. In de middeleeuwse avonturenfilm ?Dragonheart? van Rob Cohen, speelt Dennis Quaid een nobele ridder die in de laatste draak op aarde een bondgenoot vindt in zijn strijd tegen een onverbeterlijke dwingeland (David Thewlis). Ondanks state-of-the-art speciale effecten van IL&M en het feit dat de vuurspuwende draak de warme Schotse stem van Sean Connery heeft, zit je altijd naar een gigantisch stuk groen speelgoed te kijken, wat de inleving in deze sympathieke onzin nagenoeg onmogelijk maakt. De protagonisten (onder wie James Spader en Holly Hunter) van ?Crash?, de schitterende verfilming van de cult-roman van J.G. Ballard, raken nog enkel opgewonden door de associatie tussen seks en auto-ongevallen. De ceremoniemeester van het gezelschap (Elias Koteas) is een man die met zijn verwondingen en littekens loopt te pronken en voor een gretig publiek crashes van beroemdheden (James Dean, Jayne Mansfield) reconstrueert. De Canadese meester David Cronenberg fotografeert dit verwrongen spektakel in een betonnen jungle van snelwegen waarin de auto's rare insecten lijken, metalen monsters die de metamorfose tussen mens en machine aankondigen. Zodoende wordt ?Crash? een vermetele allegorie over de transformatie van vlees in metaal, van angst in begeerte. Cronenberg is tegelijk een moderne Bosch en een visionair talent. Zijn monomaan geobsedeerde karakters gaan altijd verder in het uitleven van hun stoutste fantasieën en voeren de toeschouwer binnen in een duistere zone waar het lang niet altijd aangenaam toeven is. De stijl van deze film over snelle wagens en gevaarlijke seks is niet vinnig en koortsachtig, maar glaciaal en plechtig als een dodelijk ceremonieel. De gelauwerde documentaire filmers Rob Epstein en Jeffrey Friedman baseerden hun compilatiefilm ?The Celluloid Closet? op de gelijknamige baanbrekende studie van Vito Russo uit 1981 over de uitbeelding van homoseksualiteit in de Hollywoodfilm. De montage van interviews en fragmenten uit méér dan honderd films overloopt de hele Amerikaanse filmgeschiedenis, van twee dansende heren in een vroeg Edison-filmpje tot de successen van de zogeheten ?New Queer Cinema?. Zoals de titel al suggereert, beklemtoont de film hoe lang het duurde vooraleer Hollywood openlijk het onderwerp durfde aankaarten, en hoe het nog langer duurde vooraleer de uitsluitend negatief gekleurde portrettering van nichten en lesbiennes werd doorbroken. De boeiendste en leukste fragmenten komen dan ook uit films waarin de homoseksuele gevoelens of karakters verdoken of gecamoufleerd werden. Dat leverde een subversieve subtekst op die alleen door ingewijden kon worden gedecodeerd. Na het onweerstaanbaar verhaal van schrijver Gore Vidal over de geheime motivatie van de liefde-haat verhouding tussen Charlton Heston en Stephen Boyd in ?Ben-Hur?, zal u deze epische klassieker nooit meer met dezelfde onschuldige ogen zien. Wat er nu zo bijzonder zou zijn aan het Iers drama ?Trojan Eddie?, ontgaat me volledig. Stephen Rea is de snelpratende marskramer die voor de lokale gangsterbaas (Richard Harris in het soort rol dat hij met zijn ogen dicht vertolkt) gestolen goederen verkoopt en tussen twee vuren komt te staan wanneer zijn opdrachtgever ruzie krijgt met zijn jonge bruid. Van Gilles McKinnon, de regisseur van het zinderende ?Small Faces?, hadden we beter verwacht. Het is niet met enkele oude koeien uit de sloot te halen dat de zo goed als uitgestorven Europese auteurscinema weer leven wordt ingeblazen. De Zweed Bo Widerberg, met films als ?Elvira Madigan? en ?Adalen 31? een van de coryfeeën van de Europese kunstfilm van de jaren zestig, maakte na tien jaar inactiviteit zijn come-back met ?All Things Fair?. Het gaat helaas om een niet bijster interessant verhaaltje over de liefde van een adolescent voor zijn lerares wiskunde. Met als ongewone invalshoek dat er een veel diepere band ontstaat tussen de knaap en de bedrogen echtgenoot. ?Lone Star? is zowel verhalend als politiek een ambitieus epos van de onafhankelijke schrijver-filmer John Sayles. Chris Cooper is de Texaanse sheriff, die in een slaperig grensstadje een onderzoek voert naar de mysterieuze dood van zijn corrupte voorganger Kris Kristofferson die vier decennia geleden de plak zwaaide. De film snijdt voortdurend heen en weer tussen heden en verleden, de sub-plots zijn haast niet bij te houden, maar uit dit complex weefsel groeit een boeiend panoramisch portret van een stuk grotendeels door Hollywood verwaarloosde Mexicaans-Amerikaanse geschiedenis. ?The Pillow Book?, de nieuwste object-film van Peter Greenaway, vertelt over een Japanse vrouw met een levenslange fascinatie voor het schilderen van woorden op de huid van haar minnaars. Vlees en tekst worden één in deze verfijnde, complex opgebouwde film die je moet lezen als een cd-rom. Het traditionele Oosten en de hightech van Japan en Hongkong, kalligrafie en computerkunst vloeien er listig door elkaar. Op het scherm krijgen we tekst, overdruk, beeldontdubbeling, picture in picture effecten te zien, waardoor ?The Pillow Book? niet alleen een lineaire ontwikkeling krijgt, maar zich ook in de diepte lijkt af te spelen. Het krassen en schilderen op meestal welgeschapen lijven de voornaamste versierde minnaar wordt gespeeld door Ewan McGregor uit ?Trainspotting? levert een merkwaardig klinische on-erotische film op, die even koel en gepolijst aanvoelt als marmer. Al Pacino onderzoekt in het ongedwongen opgebouwde document ?Looking for Richard?, de theatrale schurk Richard III en verklaart zodoende zijn grote liefde voor Shakespeare. Repetities van sleutelscènes uit het stuk worden doorspekt met interviews met zowel specialisten als met de spreekwoordelijke man van de straat, discussies onder acteurs en allerlei terzijdes. De verkenningstocht voert ons van New Yorkse basketball-pleintjes tot het Globe Theatre in Londen. Ondertussen probeert Pacino ook uit te zoeken waarom Amerikaanse acteurs het zo lastig hebben met de Bard. ?A Month by the Lake? is de vrij vervelende verfilming van een roman van H.E. Bates over hooghartige Engelsen die onder invloed van de zuiderse zon hun romantische gevoelens laten spreken. Oude vrijster Vanessa Redgrave en pompeuze majoor Edward Fox worden bijna door het bedwelmende decor rond het meer van Como in elkaars armen gedreven, maar de aankomst van de flirtende nanny Uma Thurman steekt stokken in de wielen. Deze film van John Irvin is even eindeloos als de lange vakantie bij het meer. De klemtoon van de meeslepende documentaire ?The Battle over CitizenKane? ligt op de tegenstellingen en ook overeenkomsten tussen twee eigenzinnige persoonlijkheden : Orson Welles en de krantenmagnaat W.R. Hearst. Hearst stond model voor de mythische protagonist van Welles' opzienbarend debuut uit 1941 en oefende zware druk uit op de studio RKO om dit weinig flatteus portret van hem roemloos te laten ondergaan. Voor de Welles-kenner brengt de film weinig of geen nieuwe feiten aan het licht, maar de makers ( Thomas Lennon, Michael Epstein) zetten de productieperikelen van deze superklassieker netjes op een rij. De film is alleen al het bekijken waard voor de unieke beelden van twee veelbesproken toneelproducties van Welles uit de jaren dertig : zijn voodoo-versie van ?Macbeth? in een schouwburg in Harlem en een fascistische ?Julius Caesar? opvoering waarin de Romeinen zwarte hemden dragen. Het unieke aan ?The Quiet Room?, een portret van een huwelijk dat op de klippen loopt, is dat alles (de crisis, nasleep en verzoeningen) gezien wordt door de ogen van een zevenjarig meisje. De spanningen tussen moeder en vader en het onvermogen van de ouders om echt met het kind te communiceren hebben haar doen vluchten in een autistische rebellie. Ofschoon ze niet meer praat, kan de toeschouwer haarfijn horen wat er in haar hoofd omgaat. Het concept komt vaak erg gekunsteld en repetitief over, maar deze slechts halfgeslaagde film van de Australiër Rolf de Heer blijft een van de zeldzame pogingen om binnen te dringen in de denkwereld van een kind. ?Flirting with Disaster? is een grillige en vaak onvoorspelbare road movie waarin een dertiger (Ben Stiller) uit een New Yorks pleeggezin (Ben Stiller) het land doorkruist op zoek naar zijn biologische ouders. Hij is vergezeld van zijn vrouw (Patricia Arquette) en een jonge vrouw (Téa Leoni) van het adoptiebureau. De farce is niet altijd even geïnspireerd, maar gezien het onderwerp mag het al een klein mirakel heten dat regisseur David O. Russell nooit de plat sentimentele toer opgaat en onder alle omstandigheden zijn satirisch venijn bewaart. Alan Alda en Lily Tomlin zijn onweerstaanbaar als onbetrouwbare ex-hippies. ?The Secret Agent? is de schitterende verfilming door Christopher Hampton van de gelijknamige roman van Joseph Conrad. We zien de hellevaart van een geheim agent (Bob Hoskins) die in Victoriaans Londen wegzakt in een poel van corruptie en misleiding. Het verbazende is dat Hampton trouw blijft aan het origineel en toch pertinente zaken zegt over de huidige golf van terrorisme. Patricia Arquette is de argeloze jonge vrouw die de vreselijke waarheid ontdekt over haar geheimzinnige echtgenoot ; Robin Williams is hallucinant als een cynische bommenlegger. Hitchcock maakte in 1936 al een veel vrijere adaptatie onder de titel ?Sabotage?. ?Like Grains of Sand? van de Japanse regisseur Hashiguchu Ryosuke is een unicum : een niet-sentimentele film over troebele gevoelens en geheime verlangens bij adolescenten die nog niet helemaal met hun seksuele voorkeur in het reine zijn. Subtiel, traag, puntgaaf geregisseerd : een openbaring. ?The Van?, het derde deel van de Ierse trilogie van Roddy Doyle, wordt weerom geregisseerd door Stephen Frears die ook al ?The Snapper? inblikte. Het is een goedgeluimde komedie over twee werklozen die met een opgekalefaterde bestelwagen fish and chips gaan verkopen. Hun onderneming wordt na veel vallen en opstaan alsnog een succes, maar de bemoeienis van een ambtenaar van gezondheidszorg en kapitalistische reflexen drijven een wig tussen de twee boezemvrienden. Het is allemaal erg déjà vu, verbazend seksistisch (de vrouwen zijn gereduceerd tot garnituur of helleveeg) en ondanks de generositeit van Frears geraak je toch snel uitgekeken op de avontuurlijke perikelen vol bier, voetbal, hamburgers en frituurvet. James Foley speculeert in de onevenwichtige thriller ?Fear? op de angst van ouders dat ze hun kinderen niet kunnen beschermen tegen gevaarlijke aanbidders. Er is de overbezorgde vader (William Petersen), er is de rebelse tienerdochter (Reese Witherspoon) en er is de psychotische schurk die hier de bedrieglijke gedaante aanneemt van all-American Calvin Klein model Marky Mark (die Mark Wahlberg heet in zijn nieuwe filmcarrière). Wanneer ?Fear? zich niet op de rand van het ridicule beweegt, is het behoorlijk spannend. Het nieuwste animatiewonder uit de Disney-studio, ?The Hunchback of Notre Dame?, is gebaseerd op de klassieke roman van Victor Hugo uit 1831 een vreemde keuze voor een tekenfilm. Het feit dat Quasimodo, de gebochelde klokkenluider van de Parijse kathedraal nu naar het koosnaampje Quasi luistert, is typisch voor de ?Disneyficatie? van het eerbiedwaardige materiaal. Literaire puristen schreeuwden dan ook moord en brand, maar niemand zal loochenen dat puur filmtechnisch en tekenkundig deze ?Hunchback? een heus huzarenstukje is waar je vol verbazing zit van te genieten. Het filmfeest kan moeilijker op een uitbundiger noot worden afgesloten ! Patrick Duynslaegher 23ste Internationaal Filmfestival van Vlaanderen-Gent. Van 8 tot 19 oktober 1996. Voor uurregeling en alle praktische informatie is er de Knack Special die 50 fr. kost. Info : 02/225.25.12. Cruise in Mission Impossible : De Palma op kruissnelheid. Watson in Breaking the Waves : absolute liefde. La Promesse : Belgische revelatie. Pacino in Looking for Richard : een Amerikaan over de Bard. Hoskins in The Secret Agent : bommenlegger in Victoriaans Engeland.