Als de oorlog om Kosovo ooit een vrolijke oorlog is geweest, dan heeft die een dag of wat geduurd en kon die niet eens de naam oorlog verdienen. Het zou veeleer een soort blitzactie tegen een verschrikkelijke dictator worden, langverwacht en welverdiend. Maar met het volgehouden verzet van de Joegoslavische regering tegen een evenwichtige politieke regeling van het Kosovaarse probleem en de etnische zuiveringen die daar prompt op volgden, werd de actie wel degelijk een oorlog. Al spoedig dook daarom het perspectief op waarin grondtroepen het werk zouden moeten afmaken waarmee de luchtbombardementen waren begonnen.
...

Als de oorlog om Kosovo ooit een vrolijke oorlog is geweest, dan heeft die een dag of wat geduurd en kon die niet eens de naam oorlog verdienen. Het zou veeleer een soort blitzactie tegen een verschrikkelijke dictator worden, langverwacht en welverdiend. Maar met het volgehouden verzet van de Joegoslavische regering tegen een evenwichtige politieke regeling van het Kosovaarse probleem en de etnische zuiveringen die daar prompt op volgden, werd de actie wel degelijk een oorlog. Al spoedig dook daarom het perspectief op waarin grondtroepen het werk zouden moeten afmaken waarmee de luchtbombardementen waren begonnen. Toch kon de Duitse socialistische bondskanselier Gerhard Schröder het na één dag Navo-top in Washington niet duidelijker zeggen: de zaak is van de tafel geveegd, er worden géén grondtroepen ingezet in de oorlog in Joegoslavië. Voor de meeste politieke leiders van de Navo groeide dat uit tot een artikel des geloofs: de luchtbombardementen, die nu hun vijfde week ingaan, zullen volstaan om Slobodan Milosevic op de knieën te brengen. De militaire top van de Navo heeft dat nooit willen garanderen, maar de angst voor het risico, meer bepaald om het leven van de eigen soldaten te wagen, zorgt ervoor dat binnen het politieke establishment slechts weinigen bereid zijn om iets anders te geloven. Op de Britse premier Tony Blair na, althans vóór de top in Washington begon. Hij wou daar ook graag de Amerikaanse president Bill Clinton van overtuigen, maar die hield zich op de vlakte - omdat hij beseft dat zijn publieke opinie daar (voorlopig?) geen oren naar heeft. Op de top zelf, in de vergaderingen van staatshoofden en regeringsleiders, viel van Blairs martiale taal ook weinig meer te horen. Het probleem is echter dat niemand er enig benul van heeft waar Milosevic' pijngrens ligt. Blijkbaar gaat die heel wat verder dan de rammeling (één, twee dagen bombardementen) die de Navo aanvankelijk voor hem in gedachten had. Op de top in Washington wou de Navo er geen twijfel over laten bestaan dat de alliantie vastbesloten blijft om haar doelstellingen gerealiseerd te krijgen: een terugtrekking van Milosevic' troepen, gevolgd door een internationale militaire aanwezigheid in Kosovo die de terugkeer van de vluchtelingen moet garanderen, in afwachting van een politieke regeling. Daarvoor blijft ze de ingeslagen weg volgen, al moet er een tandje worden bijgestoken. De bombardementen worden opgevoerd, ook met het risico dat daarbij meer Servische slachtoffers zullen vallen. Ondertussen deed zich in dat verband een nieuwe verschuiving in de retoriek voor. Heette het tevoren dat maar één iemand de schuld draagt voor het Kosovaarse drama, Milosevic, dan lijkt de Navo zich nu ook te realiseren dat de man dan toch over een achterban beschikt, die dan ook een indirect doelwit wordt: aanvallen op de Servische televisie moeten de communicatie ("propaganda") bemoeilijken, het Servische volk mag in zijn dagelijkse leven ook wat ongemakken te verduren krijgen via het verstoren van het openbare leven en van de publieke dienstverlening. Om die druk op te voeren wil de Navo-opperbevelhebber, de Amerikaanse generaal Wesley Clark, in totaal over een duizendtal vliegtuigen kunnen beschikken - dubbel zoveel als bij het begin van de actie. Voor dat extra materiaal stuurt België binnenkort nog eens vier F-16-jachtbommenwerpers en binnenkort mogelijks ook helikopters. In het opvoeren van de druk op Belgrado past ook de versterking van het embargo tegen Belgrado. Petroleum neemt daarin een centrale plaats in, letterlijk de brandstof voor Milosevic' oorlogsmachine. Daaraan zou al een nijpend gebrek bestaan. Volgens de Navo moeten de Joegoslavische eenheden in Kosovo zelfs hun toevlucht nemen tot het overpompen van benzine uit door de vluchtelingen achtergelaten auto's. De Navo beoogt een "gecontroleerd" embargo, wat in de praktijk niets anders kan betekenen dan een blokkade van de Montenegrijnse kust, waar de olie voor Joegoslavië arriveert. In termen van het internationaal recht zou dat kortweg piraterij zijn en Rusland heeft alvast laten weten zich daarvan niets te zullen aantrekken. Ondertussen gaat echter de opbouw van de Navo-strijdmacht in de Balkan verder, vooral in Albanië, dat tegenwoordig één grote Amerikaanse basis is geworden. De aankomst van de Apache-aanvalshelikopters, samen met vijftien Amerikaanse Bradley-tanks geeft al een indicatie van wat daar in de maak is: de oorlog zal niet tot luchtbombardementen alléén beperkt blijven. Daags vóór de Navo-top inWashington begon, gaf Navo-secretaris-generaal Javier Solana de opdracht om de plannen voor een interventie op het Joegoslavische territorium te actualiseren. Marc Reynebeau