Michel Hansenne (PSC) is een heer in de politiek. Geen tafelspringer, discreet, een politicus uit een vorig mediatijdperk. Hij is wel overtuigd christen-democraat en dikwijls zichtbaar ongelukkig in een EVP waar de conservatieven een dikke vinger in de pap hebben.
...

Michel Hansenne (PSC) is een heer in de politiek. Geen tafelspringer, discreet, een politicus uit een vorig mediatijdperk. Hij is wel overtuigd christen-democraat en dikwijls zichtbaar ongelukkig in een EVP waar de conservatieven een dikke vinger in de pap hebben.Is christen-democratie met conservatisme te verzoenen?Michel Hansenne: Het is de eeuwige vraag of de voorstanders van de sociale markteconomie in eenzelfde partij met ultraliberalen kunnen samenleven. Momenteel is de eerste groep nog altijd duidelijk in de meerderheid. Als de Duitsers echter van richting veranderen, zitten we natuurlijk met een compleet nieuwe situatie. De drijfveer van de hele verruimingsoperatie van de EVP was natuurlijk de macht in Europa.Hansenne: Het is evident dat er een parlementaire logica aan de basis van de verruiming ligt. In het Europees parlement gaat het echter minder om macht dan om posten. Tegelijkertijd is er een bijna kinderlijke wedijver tussen EVP en socialisten om de grootste fractie te vormen. Dat schaadt natuurlijk de coherentie. De EVP mag dan al de meeste leden tellen, ze stemt bijna altijd verdeeld. De Britse conservatieven trekken dikwijls alleen op en daarnaast is er de scheidingslijn tussen links en rechts. Is het niet logischer om een homogenere, dus kleinere groep te vormen?Hansenne: In principe wel, maar de vraag rijst of een Europese partij het zich kan veroorloven in één land niet vertegenwoordigd te zijn. Ben je nog wel representatief als je zonder Britten opereert? Nee dus, bijgevolg moet je een stuk homogeniteit opofferen. Daarnaast is er de vraag wat je met de rechterzijde moet aanvangen? Laat je ze verharden of probeer je tot een permanent overleg te komen? Op dit ogenblik vind ik dat valabele redenen om met de verruiming van de EVP akkoord te gaan. Het is niet altijd even prettig werken, maar op deze manier verhinderen we dat rechts en uiterst rechts samenklitten. Dat zou pas gevaarlijk zijn. U bent een van de oprichters van de Schumangroep, die zich meer dan eens door dissident stemgedrag in de EVP onderscheidt.Hansenne: We zijn minoritair, maar op belangrijke momenten kunnen we de meerderheid laten kantelen. We zijn geen dissidenten, want meestal volgen we het stemadvies van de partijleiding. Als we in gewetensnood komen, kunnen we echter als aparte groep optreden. Rond welke thema's voert de Schumangroep strijd?Hansenne: Het Europees sociaal model ligt ons nauw aan het hart, alsook de burgerlijke vrijheden, de emancipatieproblematiek en een zekere moderniteit inzake de verdediging van de waarden. De Schumangroep telt hooguit zestig leden. Gelooft u dat u uiteindelijk de hele fractie van ruim 230 leden kunt overtuigen?Hansenne: Ongetwijfeld niet. We willen vooral vermijden dat het Europees parlement standpunten inneemt die haaks op onze maatschappijvisie staan. U bent er blijkbaar van overtuigd dat de EVP kan verhinderen dat een José Maria Aznar en een Silvio Berlusconi verder naar rechts opschuiven.Hansenne: Het is toch evident dat de Partido Popular van Aznar nu een fatsoenlijke centrum-rechtse partij is. Ik heb daar weinig problemen mee. Wat Berlusconi betreft, is het interessant om te zien dat hij nu voor het Europese federalisme is gewonnen. Hij zette die stap omdat het hem veel waard was om lid van de EVP te worden. Blijkbaar had hij die erkenning nodig om in Europa, maar ook in Italië, ernstig te worden genomen. De EVP kan dus partijen en mensen laten evolueren. Die rol onderscheidt de EVP van een nationale partij. Op Europees vlak zijn er andere uitdagingen en heerst er een andere politieke logica. Heeft de PSC nog een toekomst?Hansenne: Ik deel het pessimisme van een Gérard Deprez niet, maar het is wel noodzakelijk dat we ons grondig herpositioneren. Op tien jaar tijd is de samenleving ingrijpend veranderd en verloor de politiek veel invloed. De mensen zijn nu autonomer en verwachten niet langer dat de politiek pasklare oplossingen aanbiedt. Ze hebben meer vertrouwen in de markt, het gerecht en de ngo's. Als het over de grote problemen van de globalisatie gaat, luistert de burger niet naar de politieke partijen, wel naar de ngo's. Paul Goossens