Met grote aandacht las ik het dossier over de staatshervorming in (Knack nr. 10). Dat het zogezegd nieuwe recept grotendeels de inhoud overneemt van de bijna tien jaar oude Vlaamse Resoluties van 1999, het Vlaamse regeerakkoord, het zogenaamde populistische verkiezingsprogramma van het kartel CD&V/N-VA en, recenter nog, van de Octopusnota's van de Vlaamse én de Brusselse regeringen, wordt even terzijde geschoven. Net zoals het feit dat het juist de bij de onderhandelingen betrokken Vlaamse koks zijn die...

Met grote aandacht las ik het dossier over de staatshervorming in (Knack nr. 10). Dat het zogezegd nieuwe recept grotendeels de inhoud overneemt van de bijna tien jaar oude Vlaamse Resoluties van 1999, het Vlaamse regeerakkoord, het zogenaamde populistische verkiezingsprogramma van het kartel CD&V/N-VA en, recenter nog, van de Octopusnota's van de Vlaamse én de Brusselse regeringen, wordt even terzijde geschoven. Net zoals het feit dat het juist de bij de onderhandelingen betrokken Vlaamse koks zijn die nu al sedert negen maanden tevergeefs proberen hun Franstalige collega's aan het koken te krijgen. Waarom wil het dan zo moeilijk lukken? Bij gebrek aan behoorlijke voorbereiding zoals de media vaak te pas en te onpas beweren? Ik durf dit te betwijfelen. De voormelde vijf resoluties, goedgekeurd door 80 procent van de Vlaamse volksvertegenwoordigers, kwamen er na drie jaar discussie in de Vlaamse Commissie Staatshervorming met meer dan honderd vertegenwoordigers uit het werkveld. Om maar te zwijgen van de pakken voorbereidende nota's en studies die alleen al in het kartel voor en tijdens de onderhandelingen werden geproduceerd, mét inbreng van wat de academische wereld op dat ogenblik te bieden had. En dat was, op enkele uitzonderingen na, niet altijd veel. Want zoals Knack zelf schrijft, zijn velen pas het laatste jaar door de actualiteit (opnieuw) in gang geschoten. Dat was ook zo bij de Octopushervormingen van justitie en politie eind jaren negentig. Maar het kan natuurlijk altijd beter. Zeker in de huidige context van een groeiend gelaagd bestuur. Daarom ben ik bijvoorbeeld het idee genegen om naar buitenlands voorbeeld voor alle overheden samen een Kenniscentrum op te richten, dat de expertise over de institutionele ontwikkelingen verzamelt en voorstellen objectief toetst. Maar zelfs de ideale voorbereiding had mogelijk niet veel kunnen verhelpen aan wat nu al maanden het koken bemoeilijkt, met name de confrontatie van de (Vlaamse) ratio met de (Franstalige) emo. Het 'non' van de Franstaligen kent iedereen, maar hun 'pourquoi' dat verder gaat dan 'intérêt des francophones' veel minder. Tenzij men moet voortgaan op het genre argumenten zoals Le Vif/L'Express in oktober 2007 aanbracht in zijn dossier ' Fausses vérités, vraies manipulations'. Vandaar mijn oproep aan Knack om het hier niet bij te laten. Leg het dossier nu ook voor aan de Franstalige politici en uw collega-journalisten. Benieuwd of men alsnog tot die verhoopte consensus kan komen. Isabelle Dupré, directeur CEDER, studiedienst CD&V