'Op lange termijn zijn wij allemaal dood', kondigde de grote econoom J. M Keynes profetisch aan. Vandaar het belang van het kortetermijndenken. Maar dat is steeds minder gerechtvaardigd. De klimaatverandering komt eraan met een stoet van catastrofale gevolgen. Toenemende hongersnood en ellende zullen de menselijke overlevingsdrift en dus vormen van collectief egoïsme aanwakkeren, wat voor de mensheid levensgevaarlijk is, nu die beschikt over massavernietigingswapens. Nooit eerder was het woord mensdom, met de klemtoon op de laatste lettergreep, zozeer synoniem van mensheid, nu blijkt dat een verantwoord klimaatbeleid nauwelijks wordt gevoerd.
...

'Op lange termijn zijn wij allemaal dood', kondigde de grote econoom J. M Keynes profetisch aan. Vandaar het belang van het kortetermijndenken. Maar dat is steeds minder gerechtvaardigd. De klimaatverandering komt eraan met een stoet van catastrofale gevolgen. Toenemende hongersnood en ellende zullen de menselijke overlevingsdrift en dus vormen van collectief egoïsme aanwakkeren, wat voor de mensheid levensgevaarlijk is, nu die beschikt over massavernietigingswapens. Nooit eerder was het woord mensdom, met de klemtoon op de laatste lettergreep, zozeer synoniem van mensheid, nu blijkt dat een verantwoord klimaatbeleid nauwelijks wordt gevoerd. Het is juist dat dergelijk beleid een revolutionaire omwenteling vereist van de internationale politiek. Onvoldoende internationale samenwerking en solidariteit vormen steeds meer een bedreiging voor de toekomst van het menselijk ras. Nationalisme en eigen-volk-eerst-reacties staan niet alleen haaks op de meest elementaire humanistische moraal, maar zijn ook op termijn zelfvernietigend. De vraag moet overigens worden gesteld of de democratie, zoals die thans in veel landen reilt en zeilt, in staat is om op planetaire schaal een samenhangend klimaatbeleid te verwezenlijken. Inmiddels wordt in eigen land op drie verdiepingen - regionaal, federaal en Europees - de verkiezingsstrijd ingezet. De aantocht van verkiezingen verwekt een specifieke politieke klimaatverandering: er breekt een 'eistijd' aan, waarbij meestal leuke veranderingen worden aangekondigd, terwijl over de noodzaak om, vooral in Vlaanderen, grote klimatologische inspanningen te leveren, nauwelijks een woord wordt gerept, ook al omdat het kostenplaatje daarvan voor de verkiezingen het best vertrouwelijk blijft. Dit is ook het geval met de vergrijzingskosten, die tegen 2019 een bijkomende factuur aan de Belgen zullen voorleggen van ongeveer 10 miljard euro. De noodzakelijke verlaging van de loonkosten door de verlaging van de werkgeversbijdragen slaat natuurlijk een gat in de financiering van de sociale zekerheid, waar de pensioenen en de gezondheidszorg grote zorgenkinderen worden. Een afbouw van de sociale zekerheid is niet alleen sociaal bijzonder pijnlijk maar ook economisch onverantwoord omdat, vooral in tijden van dreigende deflatie, de koopkracht van de bevolking in stand moet worden gehouden. Het probleem van de hoge loonkosten mag men niet loskoppelen van de productiviteit van de arbeid. Competitiviteit wordt gemeten aan de productiekosten per geproduceerde eenheid, waarin de arbeidskosten maar ook die van de energie en de grondstoffen in belangrijke mate meetellen. Komt daarbij dat in heel Europa de export gehinderd wordt door een te dure euro. Dat probleem kan natuurlijk enkel Europees worden aangepakt. De beste methode zou erin bestaan dat de Europese Centrale Bank of een geëigende financiële instelling als het Europese Noodfonds massaal staatsobligaties zou opkopen, vooral in landen waar de staats-schuld aanzienlijk boven de 100 procent is uitgestegen. De toename van het geldvolume en van de monetaire liquiditeiten zou moeten worden aangewend voor innovatieve projecten die door de Europese Commissie moeten worden gestimuleerd en gecoördineerd. Het gaat hier om een essentiële taak voor de nieuwe Europese Commissie die na de verkiezingen van 25 mei zal aantreden. Alle Europese lidstaten moeten maximaal inzetten op creativiteit en innovatie, ook wat vernieuwende productiemethoden betreft en de wijze waarop de economie op duurzame wijze kan worden georganiseerd. Dat laatste genereert ook mogelijkheden om oudere werknemers langer aan het werk te houden. Europa is zeer afhankelijk van buitenlandse energiebevoorrading. De Oekraïnecrisis heeft Rusland ertoe aangezet om zijn aardgasprijzen met 40 procent te laten stijgen, wat ook een invloed zal hebben op de energieprijzen in de EU. Economische sancties tegen Rusland zullen gepaard gaan met een bijzonder hachelijk boemerangeffect. Een diplomatieke oplossing voor het Oekraïneprobleem is de enige uitweg. Er wordt gefluisterd dat de Russische minister van Buitenlandse Zaken, Sergeï Lavrov, inlichtingen heeft opgevraagd over het Belgische federale model, dat (taalkundige) regionalisering inhoudt en het tevens mogelijk maakt voor de deelgebieden om internationale afspraken te maken met het buitenland. Aldus zou West-Oekraïne een associatieverdrag kunnen afsluiten met de Europese Unie, en Oost-Oekraïne een met Rusland. Zo wordt de Belgische communautaire hightech ook nog een waardevol exportproduct. De vraag moet worden gesteld of de democratie in staat is om op planetaire schaal een samenhangend klimaatbeleid te verwezenlijken.