VTM en VT4 gaan de directe concurrentie aan. De overheid kan weinig meer dan toekijken.
...

VTM en VT4 gaan de directe concurrentie aan. De overheid kan weinig meer dan toekijken.Dat koken geld kost in de media, heeft ook Concentra (de uitgeverij van Het Belang van Limburg) ondervonden, onder meer met haar participatie in Gazet van Antwerpen. Het heeft haar ertoe gebracht om vorige week haar participatie in de Vlaamse Mediaholding (VMH), de hoofdaandeelhouder in het commerciële televisiestation VTM, te verkopen. Daarmee blijven Roularta (uitgeverij van onder meer Knack) en De Persgroep (die onder andere Het Laatste Nieuws op de markt brengt), elk goed voor de helft van de VMH, de enige Vlaamse persgroepen in het beheer van het station. Bij de oprichting ervan waren ze met negen. Zo begint de Vlaamse commerciële televisie een nieuw hoofdstuk, dat in alle geval zakelijker zal zijn. De mediaconsensus rond VTM bezorgde het station bij zijn ontstaan een aanvankelijk niet evident publiek succes en zijn aandeelhouders snel en gemakkelijk gewin. Aan de eensgezindheid en de euforie kwam geleidelijk een eind, wat zich net weerspiegelt in de versmalling van VTM's aandeelhoudersbestand. Parallel veranderde het medialandschap : De Morgen, Het Volk en Gazet van Antwerpen werden door andere krantengroepen overgenomen en de Nederlandse mediagroep VNU breidde uit in de Vlaamse weekbladensector. Bovendien vielen de eerste experimenten met nieuwe, elektronische media zoals Belgium On Line, Central Station en, in zekere zin, Telenet Vlaanderen voor de Vlaamse persgroepen nogal tegen. De culturele consensus onder hen werd louter zakendoen. Mediaminister Eric Van Rompuy (CVP) moet dat proces nu ook legistiek begeleiden. De Vlaamse overheid behandelde VTM indertijd als een kasplantje. Maar haar wetgeving, in de eerste plaats het zogeheten kabeldecreet, kalfde onder Europese druk beetje bij beetje af. De culturele belangen die deze wetgeving heette te behartigen, hadden voor de Europese Commissie immers een louter economisch-protectionistische en dus verwerpelijke vorm aangenomen. Daarom sneuvelt binnenkort het koninginnenstuk van die wetgeving, het monopolie op televisiereclame dat VTM voor achttien jaar was toegekend. Van Rompuy verwacht dat de Vlaamse overheid daarvoor volgende maand officieel in gebreke zal worden gesteld. Dat zat er al lang aan te komen, wat de Vlaamse regering allerminst vrolijk stemde. Ze vreesde dat VTM met een miljardeneis zou komen aanzetten eens zij het voor achttien jaar toegewezen reclamemonopolie niet zou kunnen garanderen. Was de Vlaamse overheid onzorgvuldig en niet vooruitziend genoeg toen ze het reclamemonopolie toekende, wat een schadevergoeding voor VTM zou verantwoorden of is zij getroffen door (Europese) overmacht ? VTM HEEFT WAT TE VRAGENIn 1995 toonde de komst van VT4, een commercieel station met een Britse uitzendmachtiging, aan dat het monopolie hoe dan ook onhoudbaar was. Daarmee kwam VTM in een openlijk economisch-concurrentiële omgeving terecht. Dat leidde er onder meer toe dat de reclametarieven voor de adverteerder, vergeleken met vijf jaar geleden, dertig procent goedkoper zijn geworden. VTM, dat ooit ongeziene winsten liet boeken, zag haar reclame-inkomsten vorig jaar met 1,2 miljard frank zakken en eindigde 1996 in haar gewone bedrijfsvoering met een verlies van 600 miljoen. In het eerste kwartaal van dit jaar boerde VT4's omzet, in vergelijking met de eerste drie maanden van 1996, met 65 miljoen achteruit. Die feitelijke concurrentieverhouding tussen VTM en VT4 zal verder worden uitgeklaard wanneer dit laatste station zijn Britse licentie voor een Vlaamse zal moeten inruilen. Eens het reclamemonopolie wordt opgedoekt, heeft VT4 tenslotte geen enkele reden meer om vanuit Londen te blijven uitzenden. Maar VT4 zal zich dan ook te schikken hebben naar wat er nog overblijft van Vlaamse mediawetgeving, zoals het verzorgen van twee journaals. Eerder had het station zijn nieuwsdienst opgedoekt wegens niet rendabel. Het is maar de vraag of de nu openlijke concurrentie de Vlaamse mediawetgeving niet verder zal uithollen. VTM loopt al lang met een verlanglijstje rond, terwijl haar eventuele eis tot schadevergoeding de Vlaamse regering ongetwijfeld tot enige inschikkelijkheid zal stemmen. Bijvoorbeeld om in te gaan op VTM's aloude eis om met een commerciële radio te mogen beginnen, want landelijke radioreclame is nu nog altijd een flink renderend BRTN-monopolie. Minister Van Rompuy heeft de openbare omroep alvast beloofd dat hij een verlies aan reclame-inkomsten uit de Vlaamse begroting zal compenseren. Van Rompuy heeft namelijk een probleem : hij beschikt nauwelijks over een instrument om de regelgeving af te dwingen. Zoals vroeger al bleek, staat de overheid eigenlijk machteloos tegenover inbreuken door VTM. De enige sanctie die ze kan opleggen, is het intrekken van de licentie, concreet : het sluiten van het station. Dat is tamelijk onrealistisch. De Nederlandse overheid sanctioneert heel wat efficiënter, bijvoorbeeld door het opleggen van zware geldboetes. VTM koos al voor de vlucht vooruit en plant deze zomer een groot offensief om zoveel mogelijk kijkers te fideliseren, terwijl bijvoorbeeld de BRTN zijn krachten (en geld) nog eventjes opspaart tot het najaar. Een prioritaire nieuwe doelgroep wordt het jeugdige publiek. VTM zendt nu nauwelijks kinderprogramma's uit, omdat ze daarrond nauwelijks (hoogrenderende) reclame mag uitzenden : een decreet schrijft voor dat daar een ?buffer? van ten minste vijf minuten tussen moet. Dat VTM wel eens ?creatief? zal omgaan met dat decreet, waarbij het schemergebied tussen letter en geest ervan wel eens heel breed kan worden, is nauwelijks een geheim. Minister Van Rompuy sust dat hij niet gelooft dat het zo'n vaart zal lopen. Als hij comfortabel de ogen sluit, hoeft hij inderdaad de reclame niet te zien. Hij kan daar toch nauwelijks wat aan te doen. M.R. Mediaminister Eric Van Rompuy : gebrek aan middelen om in te grijpen.