Het had diepe indruk op hem gemaakt. Toen na het Te Deum in de Sint-Pieterskerk het professorencorps van de Leuvense Alma Mater zich in habijt en toga op weg begaf naar de openingsplechtigheid van het academisch jaar, keerden de Vlaamse studenten het de rug toe. En toen riep iemand plotseling: 'Carnaval!' Ineens liep de keizer daar zonder kleren. Er was iets mis met de universiteit - Piet De Somer wist het nu wel zeker.
...

Het had diepe indruk op hem gemaakt. Toen na het Te Deum in de Sint-Pieterskerk het professorencorps van de Leuvense Alma Mater zich in habijt en toga op weg begaf naar de openingsplechtigheid van het academisch jaar, keerden de Vlaamse studenten het de rug toe. En toen riep iemand plotseling: 'Carnaval!' Ineens liep de keizer daar zonder kleren. Er was iets mis met de universiteit - Piet De Somer wist het nu wel zeker. Oktober 1966. In een bijdrage voor het tijdschrift De Maand schrijft Piet De Somer: 'Een overhevelingspolitiek, brutaal geformuleerd als Walen buiten! of zelfs onder de vorm van een vriendelijke uitnodiging om expansie elders te zoeken, heeft altijd iets hatelijks, iets intolerants dat op racisme lijkt en waarvoor louter academisch geen argumenten kunnen gevonden worden. Er zijn enkel politieke argumenten. (...) Leuven is als het ware het symbool geworden van een krachtproef, waarmee de Vlamingen het bewijs willen leveren van hun meesterschap in eigen huis.' Het rommelde al geruime tijd in Leuven. Op 13 mei 1966 hadden de Belgische bisschoppen in buitengewoon autoritaire bewoordingen - de Vlamingen spraken over een mandement - de eis tot splitsing van de tweetalige katholieke universiteit van tafel geveegd: de Alma Mater was 'één en ondeelbaar'. Geschrokken van de studentenrevolte die daarop volgde, besloten ze de Vlaamse universitaire gemeenschap een beperkte autonomie te verlenen en benoemden ze professor Piet De Somer - een leek nota bene, dat was in die dagen haast onvoorstelbaar - op 7 juli 1966 tot prorector. In 1968 werd hij rector van de zelfstandige KU Leuven, hij bleef het tot zijn dood. KINDERVERLAMMINGPiet De Somer (1917-1985) was een man van de wetenschap. Als jonge vorser was hij in de jaren na de Tweede Wereldoorlog met de latere Nobelprijswinnaar Christian de Duve een farmaceutisch bedrijfje begonnen in een vervallen zuivelfabriekje, waar ze penicillineschimmels kweekten aan de binnenkant van oude melkflessen. Hij verrichtte baanbrekend onderzoek naar virusziekten en ontwikkelde onder meer een vaccin tegen poliomyelitis ('kinderverlamming'). Hij was een van de drijvende krachten achter de massale inentingscampagne waardoor België er als eerste land in is geslaagd de ziekte uit te roeien.In 1964 stond hij mee aan de wieg van de Vereniging voor Vlaamse Professoren. Maar hij was geen harde flamingant. Eigenlijk ging Leuven Vlaams voor Piet De Somer in de eerste plaats om ontvoogding. 'Het is gemakkelijk om ons een complex van minderwaardigheid aan te wrijven', schreef hij. 'Wij betalen in Leuven voor de Brusselse intolerantie ten opzichte van de Vlaamse cultuur.' En ook: 'Het opbreken van kasseistenen in de Leuvense straten is misschien de uiting van een frustratiecomplex omdat achter de vensters van de nieuwe, luxueuze buildings in Brussel zo weinig plaats is voor Vlaamse mensen.' Piet De Somer dacht zo veel verder en breder dan in een louter taalpolitiek kader. Hij wist al meteen dat het probleem van de splitsing van de universiteit alleen door overleg tussen politieke partijen kon worden opgelost, niet door bisschoppen of andere academische instanties. Zelf was hij eigenlijk naar de universiteit gegaan om kerkelijke strijdpunten en maatschappelijke doeleinden met elkaar te verbinden. 'De wetenschap moet in dienst staan van de mens en hem helpen in zijn streven naar een betere wereld.'In het tijdschrift De Maand dat hij leidde, kwamen dan ook snel andersdenkenden aan het woord. De Somer vond in de katholieke zuil steun voor de uitbouw van zijn universiteit. Maar dat belette hem niet om te pleiten voor een 'ontpolitisering van de kerk en een deconfessionalisering van de politiek'. Het resultaat was dat De Somer de deuren en vensters van zijn instelling open zette. Hij liet de moderne tijd binnen. Hij stimuleerde het onderzoek, haalde de professor achter zijn katheder vandaan en plaatste hem tussen zijn studenten. Hij haalde de KU Leuven ook helemaal weg van onder de rokken van de clerus. 'Och,' zei hij daarover in 1981 in een gesprek met De Morgen, 'we hadden onlangs een colloquium over de pil, dat niet echt in overeenstemming was met Humanae Vitae. Het is mogelijk dat ergens een Monseigneur zich daaraan stoort maar de hele universiteit in elk geval niet.' In de geest van Piet De Somer kon Vlaanderen op weg naar de 21e eeuw.P.P., H.V.H.