Een jaar of tien geleden vertelde een hooggeplaatste christelijke politicus in vertrouwen hoe hij een van zijn stervende ouders van het academisch ziekenhuis in Leuven naar dat van Brussel had laten overbrengen. Hij wou een 'menswaardig levenseinde' garanderen, met als praktijkervaring dat therapeutische hardnekkigheid niet per definitie verdedigbaar was.
...

Een jaar of tien geleden vertelde een hooggeplaatste christelijke politicus in vertrouwen hoe hij een van zijn stervende ouders van het academisch ziekenhuis in Leuven naar dat van Brussel had laten overbrengen. Hij wou een 'menswaardig levenseinde' garanderen, met als praktijkervaring dat therapeutische hardnekkigheid niet per definitie verdedigbaar was. VUB-hoogleraar Wim Distelmans liet vorige maand weten dat de gewoonte om terminale patiënten naar Brussel over te brengen nog altijd bestaat, ondanks het feit dat euthanasie ondertussen wettelijk geregeld is. Vooral artsen uit katholieke ziekenhuizen zouden, 'onder druk van hogerhand', de toepassing van euthanasie uitstellen. In principe kunnen artsen weigeren euthanasie uit te voeren, maar in vele gevallen van doorverwijzing bleken de artsen - gezien de vraag en het dossier van de patiënt - wel te wíllen, maar niet te kunnen of te mogen. Volgens Distelmans is 'gesol met doodzieke mensen gewoon onaanvaardbaar'. Ook de Gentse huisarts Marc Cosyns, altijd een voorvechter van het recht op euthanasie geweest, ervoer dat de wettelijke regeling de zware weerstand tegen het concept niet heeft verminderd. Hij schreef, onder meer als postume hulde aan zijn in 2000 overleden co-auteur Robert Clara, een artikel over 'Farmaceutica toepasbaar voor een menswaardig sterven en een milde dood'. Een artikel met als essentie de beschrijving van twee casussen uit hun respectievelijke vakdomeinen: de kinder- en de huisartsgeneeskunde. Clara en Cosyns deden haarfijn uit de doeken welke middelen zij hadden gekozen om euthanasie uit te voeren, en welke overlegprocedure met de patiëntes en hun familie ze hadden gevolgd. 'Dat had een wetenschappelijke waarde' stelt Cosyns. 'Het protocol over een aangepast gebruik van geneesmiddelen bij euthanasie is nog altijd een onderwerp van debat. En ik krijg bijna dagelijks vragen van artsen hoe ze op een correcte manier euthanasie in de praktijk moeten brengen.'Cosyns stuurde het artikel voor publicatie naar het Tijdschrift voor Geneeskunde. Maar er kwam een njet van hoofdredacteur Jozef Lauweryns, emeritus-hoogleraar aan de KU Leuven. Lauweryns had onder meer moeite met de 'emotioneel geschreven stijl die niet thuishoort in een wetenschappelijke publicatie' en 'de mogelijkheid van juridische gevolgen'. Hij viel erover dat de casussen stamden uit de tijd voor 'enig wettelijk kader in verband met euthanasie bestond'. De boodschap is dus dat de artsen vandaag zelf maar moeten uitdokteren welke de beste procedure voor euthanasie is. 'In de toekomst' zal het tijdschrift zeker tegemoetkomen aan de behoefte aan informatie die is ontstaan. Toen hoogleraar Jos Vermylen van de KU Leuven onlangs zijn mening over euthanasie wou geven, had de redactie van het tijdschrift daar geen moeite mee. Het pluralistische karakter waar het blad graag mee schermt, blijkt een theoretisch kader te zijn. Dirk Draulans