JA

Twee jongeren die zich in Antwerpen en Denderleeuw op dezelfde dag van het leven beroven, dat is uitzonderlijk en heeft dus nieuwswaarde. Dat de media daarover berichten, kan ik begrijpen. Maar voor de daaropvolgende berichtgeving over twee pogingen en twee andere zelfdodingen, heb ik geen begrip. In België gebeuren er tientallen zelfmoordpogingen per dag, dus dat is toch geen nieuws? De overvloedige media-aandacht creëert de indruk dat we overspoeld worden door een golf van zelfmoorden, hoewel daarvan helemaal geen sprake is. Die berichten kunnen aanzetten tot imiteren, verlagen de drempel en werken pogingen in de hand. Eind jaren tachtig waren er in Wenen veel zelfmoorden in de metro. Daarover werd uitvoerig bericht, tot men besliste tot een persstop. Daarna bleek het aantal zelfdodingen met 75 procent gedaald, in de metro, maar ook in totaal. Naar analogie met Wenen is er nu in Bridgend, Wales, ook een persstop afgekondigd. Meer dan vroeger vinden journalisten de weg naar preventieorganisaties en vermelden ze onze adressen, maar bij de eind- en/of hoofdredactie loopt het soms mis. Bij een artikel met een verantwoorde stijl en teneur, staat er vaak een grote foto of sensationele kop. Dat druist in tegen de aanbevelingen die we, in samenspraak met de media, hebben opgesteld.
...

Twee jongeren die zich in Antwerpen en Denderleeuw op dezelfde dag van het leven beroven, dat is uitzonderlijk en heeft dus nieuwswaarde. Dat de media daarover berichten, kan ik begrijpen. Maar voor de daaropvolgende berichtgeving over twee pogingen en twee andere zelfdodingen, heb ik geen begrip. In België gebeuren er tientallen zelfmoordpogingen per dag, dus dat is toch geen nieuws? De overvloedige media-aandacht creëert de indruk dat we overspoeld worden door een golf van zelfmoorden, hoewel daarvan helemaal geen sprake is. Die berichten kunnen aanzetten tot imiteren, verlagen de drempel en werken pogingen in de hand. Eind jaren tachtig waren er in Wenen veel zelfmoorden in de metro. Daarover werd uitvoerig bericht, tot men besliste tot een persstop. Daarna bleek het aantal zelfdodingen met 75 procent gedaald, in de metro, maar ook in totaal. Naar analogie met Wenen is er nu in Bridgend, Wales, ook een persstop afgekondigd. Meer dan vroeger vinden journalisten de weg naar preventieorganisaties en vermelden ze onze adressen, maar bij de eind- en/of hoofdredactie loopt het soms mis. Bij een artikel met een verantwoorde stijl en teneur, staat er vaak een grote foto of sensationele kop. Dat druist in tegen de aanbevelingen die we, in samenspraak met de media, hebben opgesteld. Journalisten moeten berichten over wat er zich afspeelt in de samenleving, wij als preventiemedewerkers proberen levens te redden. Onze rol is anders, dus we moeten een evenwicht zoeken. Tot op zekere hoogte werken wij mee aan duiding en reportages, maar wanneer men stelt dat het stuk tóch wordt gemaakt, of we nu meewerken of niet, dan zijn we fout bezig. Niet hele redacties, maar individuele journalisten zeggen ons trouwens dat ze begrip hebben voor onze rol en ons verzoek om een persstop. Praktisch is zo'n persstop totaal onhaalbaar. Geen enkele redactie zal dat overwegen, want het staat haaks op de roeping van journalisten om te berichten over wat er in de samenleving gebeurt. Wanneer zelfdodingen bij jongeren voorvallen, roepen ze veel emoties op. Er wordt nu een verband gelegd met de examens, want de stress die daarbij komt kijken blijkt voor sommigen een aanleiding te zijn om aan zelfdoding te denken. Dat is een maatschappelijk feit, dus hebben journalisten de heilige plicht om daarover te berichten. Ook de overheid denkt overigens weleens aan een persstop, in het geval van een kernramp bijvoorbeeld. Zouden we daarover dan geen verslag moeten uitbrengen? Iets anders is natuurlijk de manier waarop het best over zelfdoding wordt bericht. Dat moet altijd met het grootste respect gebeuren. Een samenwerking tussen de VVJ, de preventieorganisaties en de Raad voor Journalistiek heeft een vijftal jaar geleden geleid tot een reeks aanbevelingen over hoe we over zelfdoding verantwoord verslag kunnen uitbrengen. Dat document bevat een aantal do's en don'ts. Het woord zelfmoord kun je bijvoorbeeld beter door zelfdoding vervangen. Dat klinkt minder beladen, neutraler. Andere aanbevelingen zijn om altijd ook informatie te geven over hulpverlening, om dramatiseren en onnodige details te vermijden, en om de privacy te respecteren, door geen namen voluit te schrijven of foto's te publiceren bijvoorbeeld. Het doel van een collectieve aanbeveling is om iedereen boven de lat te krijgen, maar inderdaad, we hebben nog een weg af te leggen. Als er echt flagrante gevallen zijn waarin de aanbevelingen worden geschonden, belet niets of niemand dat de nabestaanden de media tot de orde roepen. Ze kunnen contact opnemen met de hoofdredactie of naar de Raad voor de Journalistiek stappen. Ik zou daar zelfs op aandringen. De VVJ zal de aanbevelingen alleszins opnieuw rondsturen. Twee jongeren die zich in Antwerpen en Denderleeuw op dezelfde dag van het leven beroven, dat is uitzonderlijk en heeft dus nieuwswaarde. Dat de media daarover berichten, kan ik begrijpen. Maar voor de daaropvolgende berichtgeving over twee pogingen en twee andere zelfdodingen, heb ik geen begrip. In België gebeuren er tientallen zelfmoordpogingen per dag, dus dat is toch geen nieuws? De overvloedige media-aandacht creëert de indruk dat we overspoeld worden door een golf van zelfmoorden, hoewel daarvan helemaal geen sprake is. Die berichten kunnen aanzetten tot imiteren, verlagen de drempel en werken pogingen in de hand. Eind jaren tachtig waren er in Wenen veel zelfmoorden in de metro. Daarover werd uitvoerig bericht, tot men besliste tot een persstop. Daarna bleek het aantal zelfdodingen met 75 procent gedaald, in de metro, maar ook in totaal. Naar analogie met Wenen is er nu in Bridgend, Wales, ook een persstop afgekondigd. Meer dan vroeger vinden journalisten de weg naar preventieorganisaties en vermelden ze onze adressen, maar bij de eind- en/of hoofdredactie loopt het soms mis. Bij een artikel met een verantwoorde stijl en teneur, staat er vaak een grote foto of sensationele kop. Dat druist in tegen de aanbevelingen die we, in samenspraak met de media, hebben opgesteld. Journalisten moeten berichten over wat er zich afspeelt in de samenleving, wij als preventiemedewerkers proberen levens te redden. Onze rol is anders, dus we moeten een evenwicht zoeken. Tot op zekere hoogte werken wij mee aan duiding en reportages, maar wanneer men stelt dat het stuk tóch wordt gemaakt, of we nu meewerken of niet, dan zijn we fout bezig. Niet hele redacties, maar individuele journalisten zeggen ons trouwens dat ze begrip hebben voor onze rol en ons verzoek om een persstop. Praktisch is zo'n persstop totaal onhaalbaar. Geen enkele redactie zal dat overwegen, want het staat haaks op de roeping van journalisten om te berichten over wat er in de samenleving gebeurt. Wanneer zelfdodingen bij jongeren voorvallen, roepen ze veel emoties op. Er wordt nu een verband gelegd met de examens, want de stress die daarbij komt kijken blijkt voor sommigen een aanleiding te zijn om aan zelfdoding te denken. Dat is een maatschappelijk feit, dus hebben journalisten de heilige plicht om daarover te berichten. Ook de overheid denkt overigens weleens aan een persstop, in het geval van een kernramp bijvoorbeeld. Zouden we daarover dan geen verslag moeten uitbrengen? Iets anders is natuurlijk de manier waarop het best over zelfdoding wordt bericht. Dat moet altijd met het grootste respect gebeuren. Een samenwerking tussen de VVJ, de preventieorganisaties en de Raad voor Journalistiek heeft een vijftal jaar geleden geleid tot een reeks aanbevelingen over hoe we over zelfdoding verantwoord verslag kunnen uitbrengen. Dat document bevat een aantal do's en don'ts. Het woord zelfmoord kun je bijvoorbeeld beter door zelfdoding vervangen. Dat klinkt minder beladen, neutraler. Andere aanbevelingen zijn om altijd ook informatie te geven over hulpverlening, om dramatiseren en onnodige details te vermijden, en om de privacy te respecteren, door geen namen voluit te schrijven of foto's te publiceren bijvoorbeeld. Het doel van een collectieve aanbeveling is om iedereen boven de lat te krijgen, maar inderdaad, we hebben nog een weg af te leggen. Als er echt flagrante gevallen zijn waarin de aanbevelingen worden geschonden, belet niets of niemand dat de nabestaanden de media tot de orde roepen. Ze kunnen contact opnemen met de hoofdredactie of naar de Raad voor de Journalistiek stappen. Ik zou daar zelfs op aandringen. De VVJ zal de aanbevelingen alleszins opnieuw rondsturen.