JA
...

JA Paul Coosemans 'Het zou best kunnen dat er een hoog verwachtingspatroon ontstaan is rond het controle- en bewakingssysteem Consum. Het is ook een streng en ambitieus programma. Toch denk ik dat minister Aelvoet het begrip 'veiligheid' altijd heeft gerelativeerd. Consum is voor 99 procent veilig, op voorwaarde dat niet meer dan vijf procent van de bedrijven besmet is. Je kunt doodeenvoudig niet alles controleren. Het is stom dat dit gebeurd is, maar we wisten dat het kon en hebben dat ook altijd gezegd. Wij vinden ook dat het Federaal Voedselagentschap de sectoren, organisaties en het publiek moet inlichten over zijn activiteiten. Het is normaal dat het agentschap afweegt hoe en wanneer het een probleem zal meedelen aan het grote publiek. De consument is niet gediend met een overdaad aan technische details. Hij of zij wil gewoon weten: is mijn voeding veilig of niet? Een communicatiebeleid dat meer vragen dan antwoorden oproept, is fout. Toen vaststond dat er iets in de voedselketen terechtgekomen was, is dat ook direct meegedeeld aan het grote publiek. De communicatie met de voedingssector, die behoefte heeft aan de juiste technische informatie, is duidelijk voor verbetering vatbaar. Daarom heeft minister Aelvoet aan het Federaal Voedselagentschap de opdracht gegeven om zijn communicatieprocedures snel te verbeteren. Het Federaal Voedselagentschap staat nog altijd in de steigers. Je kan een politieke beslissing nemen om zo'n agentschap op te richten, maar uiteindelijk gaat het ook om mensen die hun plaats moeten zoeken in een organisatie. Een incident als dit komt natuurlijk nooit gelegen, maar eigenlijk had het op dat vlak moeilijk slechter kunnen vallen. Ik denk niet dat de voedselcrisis van de voorbije week schadelijk is voor ons imago in het buitenland. Doordat de Europese Unie in Brussel zetelt, gaat het nieuws van een voedselcrisis direct de wereld rond. Maar als we het goed uitspelen, kan dat ook een voordeel zijn. Andere landen hebben bijna geen controlesystemen voor PCB's en dioxines. Zij kunnen nu zeggen: wat uit België komt, is tenminste gecontroleerd.'NEE Hubert Brouns 'Zo'n crisis kan je moeilijk onderschatten. Ik was toevallig in een ziekenhuis waar ze drie dagen na elkaar kip hadden opgediend. Iedereen dacht meteen: daar gaan we weer . De meeste mensen zijn heel gevoelig voor zulk nieuws. Hoe kleinschalig de crisis ook is, het is nefast voor het imago van het Belgisch vlees. Ik hoor vandaag dat een aantal landen eraan denkt om geen Belgisch vlees meer in te voeren. Dat is te betreuren natuurlijk, maar het was wel te vermijden. Het is onaanvaardbaar dat er ondanks de dioxinecrisis nog altijd geen fatsoenlijk communicatiebeleid is. De regering deed alsof alles in kannen en kruiken was met de komst van het Federaal Voedselagentschap en het controleprogramma Consum. Consum was zogenaamd de reddende engel. Consum zou ervoor zorgen dat er zich geen (dioxine-)crisissen meer konden voordoen. Sinds vorige week weten we dat Consum toch geen wondermiddel is. Het ergste vind ik dat de bevolking - net als bij de dioxinecrisis - te laat werd gewaarschuwd. Als men een vervuiling vaststelt, moet iederéén meteen op de hoogte worden gebracht. De tijd tussen slachten en afleveren is veel te kort om te treuzelen. De minister schuift de verantwoordelijkheid nu door naar het Federaal Voedselagentschap, maar eigenlijk kan dat niet. Er moet samenwerking zijn tussen de verschillende diensten, maar die is er duidelijk niet. Het Federaal Voedselagentschap bestaat eigenlijk alleen op papier. Het - weinige - personeel werkt zich lam en heeft ondertussen nog altijd geen duidelijk statuut. Anderhalf jaar lang heeft men een communicatieverantwoordelijke voor het agentschap gezocht, kennelijk zonder resultaat. Nu verzorgt een veearts de communicatie. Met alle respect voor die man, maar zo'n agentschap zou een téám van communicatiedeskundigen moeten hebben. Wij hebben de toestand al meermaals aangeklaagd. Totnogtoe heeft men altijd gezegd: het werkt goed, want er zijn geen problemen .' Opgetekend door Stijn Tormans 'De PCB-crisis kan positief zijn voor ons imago in het buitenland.''Het Voedselagentschap bestaat alleen op papier.'