De derde opera die Philippe Boesmans voor de Munt schreef, Wintermärchen, is een lichte tegenvaller. Het is alsof tijdens het schrijven de goddelijke vonk de componist in de steek heeft gelaten. Wat bleef, is natuurlijk zijn virtuositeit. De grote troef van zijn vorige opera Reigen was de achteloze elegantie en decadente lichtvoetigheid. Wintermärchen wil het ergens over hebben, wil iets bewijzen. Hee...

De derde opera die Philippe Boesmans voor de Munt schreef, Wintermärchen, is een lichte tegenvaller. Het is alsof tijdens het schrijven de goddelijke vonk de componist in de steek heeft gelaten. Wat bleef, is natuurlijk zijn virtuositeit. De grote troef van zijn vorige opera Reigen was de achteloze elegantie en decadente lichtvoetigheid. Wintermärchen wil het ergens over hebben, wil iets bewijzen. Heeft iets te vertellen over de jaloezie, over de tijd. De tijd die alle wonden heelt. Vlak voor het einde van de eeuw krijgen we van Boesmans een resumé van de muziekgeschiedenis over ons heen gestort. Zijn opera is voor de ingewijden een pracht van een zoekplaatje. Waar zit de Monteverdi, de Mozart of de Moessorgski? De tango en de jazz springen er zo uit. Boesmans is de meester van het knippen en plakken, in het in brokken laten vallen en weer aaneenlassen. Dat doet hij virtuoos, maar jammer genoeg ook lichtelijk stuurloos. Hij wordt ook niet erg geholpen door het libretto van regisseur Luc Bondy, dat een gecondenseerde versie is van de weinig gespeelde The Winter's Tale van Shakespeare. Het sprookje is er voor de opera meestal uit weggeschreven en wat we overhouden, is een tragedie die wel de mensen verteert maar die ook knullig eindigt. Een flop kan je deze productie niet noemen, want de Munt heeft met zoveel liefde en beroepsernst aan deze opera gewerkt, heeft zoveel artistiek kunnen ingezet, dat echt mislukken onmogelijk was. De beste zangers met het hoogste dramatisch potentieel doen mee: Dale Duesing, Susan Chilcott, Cornelia Kallisch, Franz Josef Selig. Met een eigenzinnige Heinz Zednik en ook een Anthony Rolfe Johnson in minder goede doen. In het derde bedrijf, dat refereert naar West Side Story van Leonard Bernstein, domineert de jazzgroep Aka Moon met een superieure saxofonist Fabrizio Cassol en een verdienstelijke zanger Kris Dane. Dirigent Antonio Pappano laat het koor en het orkest het mooiste van zichzelf geven. De dansen tijdens de punkscène zijn energiek. Het publiek was geweldig enthousiast en Boesmans werd minutenlang toegejuicht. En toch, toch had dit prachtige apparaat voor nog een beter doel kunnen worden ingezet."Wintermärchen" van Philippe Boesmans en Luc Bondy in de Munt tot 2 januari, die dag is het ook te horen in "De Toonzaal" van Radio 3.Lukas Huybrechts