Fascinerend vind ik het te zien hoe, soms ver uit de schijnwerpers van de dagelijkse berichtgeving in Europa, de Verenigde Staten snel aan het terugvallen zijn in oude gewoontes.
...

Fascinerend vind ik het te zien hoe, soms ver uit de schijnwerpers van de dagelijkse berichtgeving in Europa, de Verenigde Staten snel aan het terugvallen zijn in oude gewoontes.Neem nu de verhitte discussie in het Congres over het economische herstelprogramma ingediend door de Republikeinen. Dat moet verhinderen dat de terroristische aanslagen de sputterende Amerikaanse economie voluit in de recessie zouden duwen. Hier in Europa willen wij ons allemaal terecht solidair verklaren met Amerika _ maar met welk Amerika? In de hoofdstad van politiek Amerika is het immers allang uit met de door 11 september gesmede solidariteit tussen Republikeinen en Democraten. De Democraten willen de slachtoffers van de recessie te hulp komen, in de eerste plaats de werklozen en de laagste inkomens. De Republikeinen willen, blijkbaar met de steun van hun president, gebruik (de Democraten zeggen 'misbruik') maken van het heersende klimaat in de VS om via het herstelprogramma 'hun' behoeftigen ter hulp te schieten: Ford, IBM en andere Chevrons, alsook een stel petroleum- en mijnbedrijven in Texas (Waar kwam George W. Bush ook alweer vandaan?). Die zouden een ongekende belastingverlaging krijgen. De Republikeinen spelen het spel zo grof dat uitgerekend hun minister van Financiën Paul O'Neill sommige delen van het herstelprogramma omschreef als 'show business' die enkel de bedoeling heeft de bedrijven te bedanken die de Republikeinse partij financieel hadden ondersteund.Nog verder uit de schijnwerpers, in de schimmige coulissen van de lobbyisten, is een nieuwe 'koop van de eeuw' in de maak. Ook die verraadt de terugkeer van een andere slechte Amerikaanse gewoonte, namelijk de reflex om elke manifestatie van te grote Europese onafhankelijkheid in de kiem te smoren. In zijn meest simpele vorm gaat het hier om een Amerikaans voorstel aan de Europeanen om hun bestaande vloot F-16 gevechtsvliegtuigen te vervangen door een nieuw Amerikaans gevechtsvliegtuig, de Joint Strike Fighter (JSF). Waar zit het venijn? In dat ene kleine zinnetje in de Amerikaanse vakliteratuur: 'Achter de JSF zit zowel een militaire als een industriële strategie. Om het in simpele woorden te zeggen, met betrekking tot de Europese defensie-industrie zou de JSF kunnen bereiken wat met de F-16 net niet is gelukt: haar vernietigen.' Laten we even alle bedenkingen ten gronde over het huidige en toekomstige nut van een gevechtsvliegtuig terzijde. Op zich is zo een JSF best aantrekkelijk, als men enkel oog heeft voor het prijskaartje. Het toestel is relatief goedkoop, zeker in vergelijking met zijn Europese concurrenten. Dat komt omdat het buiten vliegen en schieten eigenlijk niet zo heel veel gesofistikeerde dingen alleen aankan. Om naar behoren te kunnen functioneren, moet het zich inschakelen in een overkoepelend en gecentraliseerd systeem dat het toestel in staat stelt zich te beschermen tegen vijandige radars en raketten of zijn doelwitten op grote afstand uit te kiezen. Vergelijk het met een computer die enkel functioneert als hij op een netwerk is aangeloten dat de harde schijf bevat en de virusprotectie up to date houdt.Onze huidige gevechtsvliegtuigen, de F-16's, zijn gekocht in het midden van de jaren '70 en blijven in de lucht tot zowat 2010. Het is de bedoeling dat het JSF-programma, met moderniseringen en updates erbij, zo'n 50 jaar of zelfs langer meegaat. Zich inschrijven in het programma betekent dat voor minstens een halve eeuw de Europese luchtmachten afzien van elk autonoom optreden en dat, als neveneffect, de Europese luchtvaartindustrie niet aan de bak komt. Men kan uiteraard zeggen, so what. Maar het punt is dat de wens om een eigen Europese defensie uit te bouwen, in de feiten onmogelijk zal worden gemaakt omdat elke militaire operatie waar vliegtuigen mee gemoeid zijn, noodzakelijkerwijze behoefte heeft aan een Amerikaanse instemming. Meer zelfs, Washington zal de operationele controle bezitten over elk Europees optreden omdat het de sleutels in handen heeft van de overkoepelende paraplu van satellieten, radarvliegtuigen en communicatie- en informatiekanalen. Het neveneffect is bovendien dat de Europese luchtvaartindustrie de inschakeling in de JSF-architectuur niet zal overleven. Als de huidige F-16 landen, zoals België, Nederland (daar start binnenkort de parlementaire discussie over de JSF), Denemarken, Noorwegen, zich bekennen tot de JSF, dan wordt de markt te klein om onverschillig welke Europese concurrent te laten overleven. Nettoresultaat van het aanlokkelijke Amerikaanse voorstel: de Europese militaire luchtvaartindustrie kan haar deuren sluiten of onderaannemer worden, Europa blijft een halve eeuw technologisch afhankelijk van de Verenigde Staten en de civiele component van haar luchtvaartindustrie (Airbus, dat al enige tijd meer succes boekt dan Boeing) zal op termijn in een verzwakte positie de strijd moeten aanbinden met haar Amerikaanse concurrenten. O ja, nog een laag-bij-de-grondse opmerking. Twee weken geleden heeft de Amerikaanse regering bekendgemaakt aan welk bedrijf het JSF-contract wordt toegekend, het grootste militaire contract uit de Amerikaanse geschiedenis. De winnaar is Lockheed, dat in de afgelopen jaren de kaart van de Republikeinse Partij had getrokken. De tegenkandidaat, Boeing, had zijn financiële bijdragen netjes in tweeën verdeeld, evenveel voor de Republikeinen als voor de Democraten. Pech voor Boeing. Verkeerd gegokt. Lockheed had ook aangekondigd dat de JSF in Fort Worth gebouwd zal worden. Fort Worth ligt in Texas.Elf september lijkt veraf. Welkom in de reële wereld.