Feminisme houdt zich niet alleen bezig met ongelijkheid en uitbuiting van vrouwen. In essentie wil het de orthodoxe ideeën over macht veranderen. Want het is de macht van het patriarchaat dat aan de basis ligt van de agressie die de samenleving teistert. Dat schrijft de Britse feministe Beatrix Campbell in het glashelder geschreven boekje End of Equality. 'Steeds meer gebieden in de wereld zijn in slagvelden veranderd. Er wordt gevochten om grondstoffen, of om etnische of religieuze redenen. Plunderen en verkrachten zijn oorlogsstrategieën geworden, en daarbij zijn 80 procent van de slachtoffers vrouwen en kinderen.'
...

Feminisme houdt zich niet alleen bezig met ongelijkheid en uitbuiting van vrouwen. In essentie wil het de orthodoxe ideeën over macht veranderen. Want het is de macht van het patriarchaat dat aan de basis ligt van de agressie die de samenleving teistert. Dat schrijft de Britse feministe Beatrix Campbell in het glashelder geschreven boekje End of Equality. 'Steeds meer gebieden in de wereld zijn in slagvelden veranderd. Er wordt gevochten om grondstoffen, of om etnische of religieuze redenen. Plunderen en verkrachten zijn oorlogsstrategieën geworden, en daarbij zijn 80 procent van de slachtoffers vrouwen en kinderen.' Al ontsnappen ook mannen niet aan wat ze 'het neoliberale neopatriarchaat' noemt: 'Geen enkele man vraagt erom kanonnenvlees te zijn in geopolitieke vuurhaarden, of bij bendeoorlogen in getto's. Net als vrouwen zijn ze de speelbal van het kapitalisme. Alleen is de situatie voor vrouwen eens zo dramatisch.' De oplossing? 'Een nieuwe vrouwenrevolutie', meent Campbell. Een strijd voor vrouwenrechten is ook een strijd tegen racisme en geweld: voor Beatrix Campbell, een oudgediende van de tweede feministische golf, horen de drie nog altijd samen. Campbell stond in 1970 mee aan de wieg van de Britse vrouwenbeweging, toen vrouwen voor gelijke lonen voor gelijk werk ijverden. Ze was er ook getuige van hoe die beweging in 1979 de kop werd ingedrukt door de nieuwe premier Margaret Thatcher. Als journaliste boog Campbell zich over thema's zoals kindermisbruik. Als politica engageerde ze zich voor de Britse Green Party. Ze schreef verscheidene boeken, onder meer over de vrouwen die na de Tweede Wereldoorlog op de Conservatieve Partij stemden 'omdat ze de doodstraf en lijfstraffen wilden behouden uit angst voor het geweld dat mannen hen aandeden', zegt de auteur. Ook over prinses Diana, en hoe haar dood werd veroorzaakt door mannen van de sensatiepers, mannen die geen 'nee' aanvaarden. Haar ideeën over sociale ongelijkheid roepen bij velen weerstand op - maar vaker bij aanhangers van de neoliberale vrije markt dan bij mannen. BEATRIX CAMPBELL: We leven in een straffeloze samenleving waar steeds meer mensen aan hun lot worden overgelaten. Elke grootstad heeft wel een zone waar geweld, verkrachting en plundering tot de orde van de dag behoren. In die dystopische plekken heb je geen doordacht stedelijk beleid. De werkloosheid is er hoog, de overheid is ongeïnteresseerd... Zo krijg je de ideale voedingsbodem voor criminaliteit en bendes van hypermannelijke milities, die ofwel domineren ofwel worden afgemaakt. Geweld wordt dan een vorm van functioneren, een manier om om te gaan met de gevolgen van de neoliberale politiek. Zelfs de gewezen Britse premier Tony Blair promootte oorlog als 'een manier van zakendoen'. CAMPBELL: Het is een extreme vorm van wat men in een cultuur als mannelijk beschouwt. Pas op, ik zeg niet dat er iets fout is met mannelijkheid, wel met het patriarchaat dat mannelijkheid en vrouwelijkheid polariseert. Het ene is uitgesproken dominant, van het andere wordt verwacht dat het zich onderwerpt. Maar mannelijkheid heeft een probleem als ze wordt geassocieerd met het vermogen om geweld te plegen - geweld in het algemeen, en tegen vrouwen in het bijzonder. CAMPBELL: We zijn er heilig van overtuigd dat gelijkheid tussen mannen en vrouwen min of meer verworven is, en dat het almaar beter wordt. Maar er duikt een griezelig patroon op dat het tegendeel aantoont. Van de loonkloof en de krimpende pensioenen van vrouwen tot de toename van seksueel geweld en oorlog: als gelijkheid en gelijkwaardigheid ooit al hebben bestaan, dan zijn ze nu overspoeld, verslagen zelfs, door het neoliberalisme. CAMPBELL: De neoliberale samenleving ligt niet wakker van sociale gelijkheid, laat staan dat ze begaan is met mensen- of vrouwenrechten. Kijk, ik ben een kind van de welvaartsstaat. Ik ben opgegroeid met het idee dat de belangen van de meerderheid elementair zijn, en dat gelijkheid kan worden bekomen door politieke actie. Dat idee is stilaan vervlogen. Mensen zijn pessimistisch over politiek. Sinds de jaren tachtig valt het neoliberalisme de welvaartsstaat en de vakbonden aan. Men ziet de welvaartsstaat tegenwoordig meer als een probleem dan als een voordeel. Dat is catastrofaal voor vrouwen, wier leven wordt gevormd door het neoliberale patriarchaat. Toen China in 1979 het kapitalisme omarmde, waren de mensen arm, maar mannen en vrouwen waren min of meer even arm. Tegen 1988 verdienden vrouwen er nog 87 procent van wat mannen verdienden. Vandaag is dat nog 67 procent. Ook in India hebben de neoliberale hervormingen van de jaren negentig niets gedaan in het voordeel van vrouwen. Integendeel, steeds vaker lezen we berichten over eremoorden, massaverkrachtingen en abortus van vrouwelijke foetussen. En die vinden niet plaats bij de armste laag van de bevolking, maar in de middenklasse. Op die manier verliest Azië vrouwen, en wordt er een nieuwe mannelijke bevolking geïnstalleerd. CAMPBELL: Het is fantastisch dat jonge mensen van zich laten horen. En op sommige vlakken en in sommige delen van de wereld is het leven van vrouwen inderdaad verbeterd. Maar dat we traag maar zeker vooruitgaan, klopt niet. De veranderingen zijn niet duurzaam en evolueren in alle richtingen, ook in de omgekeerde. Vrouwen kunnen astronaut, arts of advocaat worden, en nog altijd zullen ze discriminatie ervaren. Zodra ze aan het werk gaan, zullen hun werkvoorwaarden afwijken van die van mannen. En zodra een vrouw kinderen krijgt, wordt die scheur een kloof. CAMPBELL: Vrouwen hebben geen macht, dus kiezen velen er gemakshalve voor de ongelijkheid te negeren. Ze weten best dat ze meer huishoudelijk werk doen, dat hun man niet erg democratisch is en het vuile werk liever aan hen overlaat. Er zit zo veel diepe teleurstelling bij die vrouwen, maar ze durven er niet over te beginnen uit angst alles te verliezen. Zo nestelt die ongelijkheid zich in hun persoonlijke leven. Net door de vrouwenbeweging overbodig te verklaren, neemt de ongelijkheid toe. CAMPBELL: IJsland scoort het hoogst qua gendergelijkheid, gevolgd door Scandinavië. Die samenlevingen nemen heel duidelijke solidaire standpunten in. Dat zijn de beste maatschappijen voor vrouwen. Maar dat betekent niet dat er geen genderkloof is. De Scandinavische vrouwen zijn zich ervan bewust dat ze terrein verliezen als ze hun aandacht laten verslappen. CAMPBELL: Feministen zijn heroïsch in hun optimisme: ondanks alle weerstand en tegenstand blijven ze geloven dat een betere wereld voor vrouwen een haalbaar ideaal is. We moeten het systeem herdenken. Waarom niet dromen van een wereld waar plaats is voor kinderen en zorg? Waar vrouwen niet worden misbruikt? Waar geweld geen plaats heeft? Misschien zijn dat revolutionaire vragen, maar onredelijk zijn ze zeker niet. Zolang vrouwen niet worden gewaardeerd zoals het zou moeten, zullen vrede en gelijkheid een utopie blijven. DOOR CATHÉRINE ONGENAE'Ik zeg niet dat er iets fout is met mannelijkheid, wel met het patriarchaat.'