Ocharme. De babbel ging door in een aangename compound voor buitenlandse werknemers in de buurt van Kuala Lumpur, de hoofdstad van Maleisië. Niet de meest beroerde plek om z'n dagen te slijten : KL, zoals de stad zich graag noemt, is bijlange niet zo chaotisch onveilig als Bangkok en is veel minder strak-autoritair georganiseerd als het ook naburige Singapore. Ten bewijze : oudejaarsavond moch...

Ocharme. De babbel ging door in een aangename compound voor buitenlandse werknemers in de buurt van Kuala Lumpur, de hoofdstad van Maleisië. Niet de meest beroerde plek om z'n dagen te slijten : KL, zoals de stad zich graag noemt, is bijlange niet zo chaotisch onveilig als Bangkok en is veel minder strak-autoritair georganiseerd als het ook naburige Singapore. Ten bewijze : oudejaarsavond mocht Mangé doorbrengen op een strandje, barbecuend met een Maleise prins een vriend. Daar komt Mangé nu aan de kost, als consultant voor een Duitse groep die meewerkt aan de aanleg van een nieuwe luchthaven. Onder meer als gevolg van de ijver van Mangé boeren de Duitsers daar goed, zo blijkt. En niemand hoeft zich zorgen te maken : als onderzoeksrechter Véronique Ancia hem nodig heeft, staat Mangé zo weer in Luik. Wolkjes aan de hemel ? Nu, dat proces dat nog volgt natuurlijk, en die partij die hem in de steek heeft gelaten. Het moge Etienne Mangé goed gaan, niemand betwist dat hij hard werkt en bekwaam is in wat hij doet. Maar, ondankbaar ? Nergens herinnert hij eraan dat zijn rol in de schaduw van de politiek ook meer dan behoorlijk werd vergoed met hoge functies onder meer bij De Post en bij BATC, waar hij de mensen leerde kennen die hem aan zijn Maleise job hielpen. Het is dat geklaag altijd. Onder diegenen die de voorbije jaren in Luikse of andere affaires tegen de lamp liepen, bevindt zich geen enkele arme drommel. Het zijn allemaal lui die voor hun werk binnen het systeem werden beloond, op de enige manier die dat systeem kent : met fraaie benoemingen en goed verdienende postjes, veelal op kosten van de gemeenschap. Mensen zoals Mangé en andere Luc Wallyns wisten dat ze op de rand liepen en er zich soms over riskeerden. De oude wijsheid zegt, dat wie zijn billen brandt op de blaren moet zitten. Etienne Mangé is een verstandig man. Hij zou in de luwte van een palmboom in Kuala Lumpur kunnen bedenken dat er in onze samenleving zijn die na een kleiner vergrijp veel minder goed af zijn. Bijdragen : Marc Reynebeau, PietPiryns, Hubert van Humbeeck.