JA

Het probleem van de gedaalde koopkracht staat op de agenda sinds energiegigant Electrabel aankondigde dat een gemiddeld gezin voor aardgas tot twintig procent meer zou moeten betalen in 2008. De energieprijzen en de voedselprijzen kampen met hetzelfde probleem: er is een gebrek aan transparantie in de prijsstelling. Zonder dat er een verklaring voor is, blijken de voedselprijzen in België meer en sneller te stijgen dan in de rest van de eurozone. Melk bijvoorbeeld is tussen 2006 en 2008 maar liefst 16 procent duurder geworden. De prijs van varkensvlees is in dezelfde periode met 5 procent gestegen en de aardappelprijs zelfs met 39 procent. Die prijsstijgingen worden doorgaans toegeschreven aan gestegen grondstofprijzen, maar dikwijls is er meer aan de hand. In november 2007 publiceerde de Vlerick Management School de resultaten van een onderzoek bij producenten, multinationals en warenhuizen. De helft van de multinationals, een derde van de producenten en twee derde van de warenhuizen geven toe dat de voedselprijsstijgingen niet in verhouding staan tot de grondstofprijzen. Professor Van Ossel van Vlerick concludeert daaruit dat sommige bedrijven de prijzen onevenredig optrekken. Dat moet ophouden, want iedereen moet toegang blijven hebben tot de basisproducten.
...

Het probleem van de gedaalde koopkracht staat op de agenda sinds energiegigant Electrabel aankondigde dat een gemiddeld gezin voor aardgas tot twintig procent meer zou moeten betalen in 2008. De energieprijzen en de voedselprijzen kampen met hetzelfde probleem: er is een gebrek aan transparantie in de prijsstelling. Zonder dat er een verklaring voor is, blijken de voedselprijzen in België meer en sneller te stijgen dan in de rest van de eurozone. Melk bijvoorbeeld is tussen 2006 en 2008 maar liefst 16 procent duurder geworden. De prijs van varkensvlees is in dezelfde periode met 5 procent gestegen en de aardappelprijs zelfs met 39 procent. Die prijsstijgingen worden doorgaans toegeschreven aan gestegen grondstofprijzen, maar dikwijls is er meer aan de hand. In november 2007 publiceerde de Vlerick Management School de resultaten van een onderzoek bij producenten, multinationals en warenhuizen. De helft van de multinationals, een derde van de producenten en twee derde van de warenhuizen geven toe dat de voedselprijsstijgingen niet in verhouding staan tot de grondstofprijzen. Professor Van Ossel van Vlerick concludeert daaruit dat sommige bedrijven de prijzen onevenredig optrekken. Dat moet ophouden, want iedereen moet toegang blijven hebben tot de basisproducten. We hebben een wetsvoorstel ingediend. Er moet een lijst van basisproducten komen waarvan de prijs door de prijzencommissie dagelijks wordt opgevolgd. Wanneer een prijsstijging niet te verantwoorden blijkt en er een bepaalde limiet is overschreden, dan moet de commissie dat signaleren aan de bevoegde minister. Die kan dan tijdelijk een maximumprijs opleggen voor een bepaald product, of sancties opleggen aan bedrijven die onvoldoende meewerken om de prijzen transparant te maken. Als de overheid twintig jaar geleden maximumprijzen had ingesteld, dan zou onze voeding nu vijftig procent duurder zijn. Net dankzij de vrije markt en niet-inmenging van de overheid zijn de voedselprijzen de afgelopen twee decennia bijzonder weinig gestegen. De logica is simpel. Ik denk niet dat het mogelijk is, maar stel dat er met bepaalde voedselproducten woekerwinsten worden gemaakt, dan zal na verloop van tijd het aanbod toenemen doordat andere ondernemers een graantje proberen mee te pikken. Omdat de vraag naar voedselproducten relatief vast is, zullen de prijzen dan vanzelf weer dalen. Je moet de evolutie van die aardappelprijs op langere termijn bekijken. Dan stel je vast dat er vroeger ook plotse stijgingen zijn geweest, maar dat de prijs dankzij de concurrentie altijd weer is gedaald. Dat de voedselprijzen te weinig transparant zouden zijn, is flauwekul. Bedrijven moeten hun jaarrekeningen voorleggen en op basis daarvan kun je perfect achterhalen hoe de prijzen tot stand zijn gekomen. Het is ook verkeerd te denken dat de voedselprijzen in België gemiddeld meer zijn gestegen dan in pakweg Nederland of Frankrijk. Studies die dat beweren, hebben zich gebaseerd op een foute steekproef. Ik minimaliseer het probleem niet, maar het budgetaandeel dat aan voeding wordt besteed, is de afgelopen twintig jaar drastisch gedaald. Mensen geven relatief minder uit aan eten en meer aan hun huishuur en vrijetijdsbesteding. Misschien is voeding de laatste paar jaar inderdaad duurder geworden, maar die stijging zal binnen een paar jaar vanzelf gecompenseerd worden. Het probleem van de gedaalde koopkracht staat op de agenda sinds energiegigant Electrabel aankondigde dat een gemiddeld gezin voor aardgas tot twintig procent meer zou moeten betalen in 2008. De energieprijzen en de voedselprijzen kampen met hetzelfde probleem: er is een gebrek aan transparantie in de prijsstelling. Zonder dat er een verklaring voor is, blijken de voedselprijzen in België meer en sneller te stijgen dan in de rest van de eurozone. Melk bijvoorbeeld is tussen 2006 en 2008 maar liefst 16 procent duurder geworden. De prijs van varkensvlees is in dezelfde periode met 5 procent gestegen en de aardappelprijs zelfs met 39 procent. Die prijsstijgingen worden doorgaans toegeschreven aan gestegen grondstofprijzen, maar dikwijls is er meer aan de hand. In november 2007 publiceerde de Vlerick Management School de resultaten van een onderzoek bij producenten, multinationals en warenhuizen. De helft van de multinationals, een derde van de producenten en twee derde van de warenhuizen geven toe dat de voedselprijsstijgingen niet in verhouding staan tot de grondstofprijzen. Professor Van Ossel van Vlerick concludeert daaruit dat sommige bedrijven de prijzen onevenredig optrekken. Dat moet ophouden, want iedereen moet toegang blijven hebben tot de basisproducten. We hebben een wetsvoorstel ingediend. Er moet een lijst van basisproducten komen waarvan de prijs door de prijzencommissie dagelijks wordt opgevolgd. Wanneer een prijsstijging niet te verantwoorden blijkt en er een bepaalde limiet is overschreden, dan moet de commissie dat signaleren aan de bevoegde minister. Die kan dan tijdelijk een maximumprijs opleggen voor een bepaald product, of sancties opleggen aan bedrijven die onvoldoende meewerken om de prijzen transparant te maken. Als de overheid twintig jaar geleden maximumprijzen had ingesteld, dan zou onze voeding nu vijftig procent duurder zijn. Net dankzij de vrije markt en niet-inmenging van de overheid zijn de voedselprijzen de afgelopen twee decennia bijzonder weinig gestegen. De logica is simpel. Ik denk niet dat het mogelijk is, maar stel dat er met bepaalde voedselproducten woekerwinsten worden gemaakt, dan zal na verloop van tijd het aanbod toenemen doordat andere ondernemers een graantje proberen mee te pikken. Omdat de vraag naar voedselproducten relatief vast is, zullen de prijzen dan vanzelf weer dalen. Je moet de evolutie van die aardappelprijs op langere termijn bekijken. Dan stel je vast dat er vroeger ook plotse stijgingen zijn geweest, maar dat de prijs dankzij de concurrentie altijd weer is gedaald. Dat de voedselprijzen te weinig transparant zouden zijn, is flauwekul. Bedrijven moeten hun jaarrekeningen voorleggen en op basis daarvan kun je perfect achterhalen hoe de prijzen tot stand zijn gekomen. Het is ook verkeerd te denken dat de voedselprijzen in België gemiddeld meer zijn gestegen dan in pakweg Nederland of Frankrijk. Studies die dat beweren, hebben zich gebaseerd op een foute steekproef. Ik minimaliseer het probleem niet, maar het budgetaandeel dat aan voeding wordt besteed, is de afgelopen twintig jaar drastisch gedaald. Mensen geven relatief minder uit aan eten en meer aan hun huishuur en vrijetijdsbesteding. Misschien is voeding de laatste paar jaar inderdaad duurder geworden, maar die stijging zal binnen een paar jaar vanzelf gecompenseerd worden. samengesteld door jan jagers