De vraag rijst hoe ver de rebellen van Laurent Kabila in Zaïre zullen oprukken.
...

De vraag rijst hoe ver de rebellen van Laurent Kabila in Zaïre zullen oprukken.Vorige week donderdag werd het stadje Boende in het hart van de Zaïrese Evenaarsprovincie grondig geplunderd. Waarschijnlijk door Zaïrese soldaten die een week eerder uit Kisangani waren gevlucht. Over het stadje Djolu in het evenaarswoud is geen nieuws meer. Alle radiocontact is weggevallen. Een veeg teken. Uit nog andere junglestadjes, zoals Bumba en Lisala, sijpelen berichten over grondige plunderingen door. De inwoners van Befale trachten de opmars van de plunderaars te stuiten door gauw een brug af te breken. De uit Kisangani gevluchte soldaten zwermen westwaarts uit over het regenwoud, in de richting van de Zaïre-stroom en van de stad Mbandaka, een helse tocht. Maandag vertrok de laatste vlucht uit Mbandaka, want ook daar worden problemen verwacht. Zelfs de paters en de houtexploitanten hebben en masse de Evenaarsprovincie verlaten. In het woud zitten geen blanken meer. De situatie in het onbeduidende stadje Lodja in Oost-Kasai is helemaal hopeloos. Daar zouden dertigduizend Rwandese vluchtelingen aangekomen zijn, van wie een groot deel soldaten van het vroegere Rwandese leger. Ze plunderen de stad, en ze doden wie zich verzet. Ze zijn meer naar het zuiden afgeweken dan de vluchtende Zaïrezen, naar verluidt omdat ze de grens met Angola willen bereiken voor ze weer door de rebellen van Laurent Kabila worden opgejaagd. Lokale handelaars stuurden een tiental vrachtwagens met vaten benzine en beloften over hoge premies naar het stadje Kindu, driehonderd kilometer oostwaarts en in handen van de rebellen, met de vraag om hun stad op hun kosten te komen ?bevrijden?. Maar de rebellen weigerden. Ze hadden geen orders om naar Lodja op te rukken. ZAIRE IS GROOTIn het uiterste zuiden zou het Zaïrese leger de stad Lubumbashi, de tweede grootste van het land, al grotendeels verlaten hebben nog voor de rebellen zelfs maar in de buurt zijn. De stad zou van plunderingen gespaard zijn gebleven. Het leger zou bij enkele belangrijke mijnen in de streek samengetrokken zijn, misschien om ze te verdedigen, meer waarschijnlijk om ze te plunderen. Het is onzeker of er in de diamantstad Mbuji-Mayi al geplunderd werd, maar feit is dat de rebellen gestaag in die richting trekken, en tot op minder dan tweehonderd kilometer genaderd zijn. Ze leggen naar verluidt maximaal zestig kilometer per dag af. De meeste waarnemers denken dat Kabila niet de intentie heeft om naar Kinshasa op te rukken. ?Vele mensen vergeten dat Zaïre een enorm groot land is,? zegt een Belg in Kinshasa. ?En ik heb niet de indruk dat Kabila de pretenties heeft zich als Napoleon te willen gedragen, die vanuit Parijs Moskou ging veroveren, een afstand vergelijkbaar met de trek vanuit de Kivu-streek tot in Kinshasa. Ik denk dat hij beseft dat zijn leger daarvoor niet groot genoeg is. En als hij de provincies Kivu, Shaba en Kasai controleert, zal hij de interessantste stukken van het land in handen hebben. Waarmee ik niet wil zeggen dat hij nooit de macht zal krijgen in Kinshasa. Ik ben ervan overtuigd dat en dit is een optimistische scenario als het ooit tot onderhandelingen zou komen tussen Kabila en, bijvoorbeeld, stafchef Mahele Bokungu van het Zaïrese leger, en als die ooit tot verkiezingen zouden leiden, dat Kabila dan gemakkelijk president van het land zou kunnen worden. Heel het land heeft momenteel de mond vol van hem. In die optie zou hij niet langer een rebellenleider zijn, en zich evenmin als nieuwe dictator profileren, maar te boek gaan als democratisch verkozen president. Als hij zich dan lange tijd als democratisch verkozen president zou gedragen, zullen er nog veel mensen plezier beleven aan dit schitterende land, Zaïrezen of Kongolezen, als Kabila dat absoluut wil en buitenlanders, Belgen inbegrepen.?