Kent u Jo Cornu? Deze man, hoewel afkomstig van Stekene, is een van de topmanagers van Alcatel Alsthom. Hij geeft leiding aan een bedrijf met negentigduizend werknemers en heeft een jaaromzet van tegen de vierhonderd miljard. Wat, zo durven wij althans veronderstellen, weinigen onder u kunnen zeggen. Cornu spreekt deze week op het VBO-forum op de Heizel, waarop de Belgische ondernemingen verrassend uit de hoek zullen komen met hun stelling dat onze loonkosten te hoog zijn.
...

Kent u Jo Cornu? Deze man, hoewel afkomstig van Stekene, is een van de topmanagers van Alcatel Alsthom. Hij geeft leiding aan een bedrijf met negentigduizend werknemers en heeft een jaaromzet van tegen de vierhonderd miljard. Wat, zo durven wij althans veronderstellen, weinigen onder u kunnen zeggen. Cornu spreekt deze week op het VBO-forum op de Heizel, waarop de Belgische ondernemingen verrassend uit de hoek zullen komen met hun stelling dat onze loonkosten te hoog zijn. Maar Cornu gaat heel wat verder. De Standaard vatte het vorige week kernachtig samen: "Van zijn thuisgemeente Stekene tot de federale regeringstop, op geen enkel Belgisch beleidsniveau vindt Cornu ook maar één voorbeeld van hoe het eigenlijk moet." Ziezo. Een analyse als deze laat niet veel ruimte voor interpretatie. Gefeliciteerd Jean-Luc Dehaene, premier van een dergelijk land. Hebben wij hier te maken met een leuteraar uit het dorpscafé? Neen, met de manager van een wereldbedrijf. Is de mening van de manager van een wereldbedrijf waardevoller dan die van iemand die geen manager is van een wereldbedrijf? Natuurlijk. Cornu, auteur van "Het klauwen van de struisvogel", vertelde ooit deze anekdote. Een vriend van hem ergerde zich aan de vele milieubelastingen van telkens een paar honderden franken, die hij om de haverklap in zijn bus vond. Hij betaalde met opzet telkens één frank te weinig. Waarna hij overstelpt werd met rappels en laatste waarschuwingen, en bedreigd met boetes en nalatigheidsintresten. Dat kostte de fiscus aan formulieren, postzegels en werkuren het honderdvoud van de ene frank die het opbracht. Wij hebben eens een gelijkaardig verhaal gelezen van iemand die de belastingen teisterde met antwoorden op brieven die hij nooit had ontvangen: "Geachte heer of mevrouw, in antwoord op uw schrijven van twaalf dezer stuur ik u een afschrift van de rekeninguittreksels die u mij vraagt. Ik hoop dat u hiermee uw dossier kan afsluiten." Waarna ze op de belastingen wekenlang met vijf man vruchteloos in de weer waren om uit te vissen waarover dit wel kon gaan. En om te verdoezelen dat hun eigen administratie hier kennelijk heel slordig had gewerkt, werden de aanslagen voor deze belastingplichtige maar vlug in de papiermand gekieperd. Al deze lui, Cornu op kop, brengen wij onder in de categorie "verdienstelijke farceurs". Maar ze worden met gemak de baard afgedaan door Fons Verplaetse, de gouverneur van de Nationale Bank. Vorige week liet Fons zich door de openbare televisie interviewen in zijn bureautje. Geschatte oppervlakte: zeshonderd twintig vierkante meter. Het gesprek ging over de euro, maar nog meer over leven en werken van Fons. Welnu, ere wie ere toekomt: aan het eind hadden wij de overtuiging dat het onze fout was, de hoge staatsschuld. En niet die van, bijvoorbeeld, Fons. Wij zullen proberen de redenering van de gouverneur weer te geven, al vergt dat enig inlevingsvermogen. De ontsporing van de openbare financiën heeft plaatsgevonden in het begin van de jaren zeventig, door het geknoei van Leo Tindemans! Na de euforie van de jaren zestig, dacht die dat het geld niet op kon. Er werd gebouwd en geïnvesteerd tegen de sterren op. Er werden - hou u vast - loonsverhogingen toegestaan. Ook aan werknemers die niet tot het keurpersoneel van de Nationale Bank behoorden. En werd de Waal iets gegeven, dan kreeg de Vlaming het ook. De grote ommekeer, de kentering ten gunste, volgde toen Wilfried Martens het bewind overnam, en Fons naar diens kabinet werd getransfereerd. Vanaf dat moment werd drastisch ingegrepen tegen de exploderende staatsschuld. Dat die gedurende twaalf jaar Martens vervijfvoudigde, is alleen rekenkundig juist, en was het onvermijdelijke gevolg van de stommiteiten van Tindemans. En we mogen Fons op onze blote knieën danken omdat hij ons, via een en petit comité in Poupehan geregelde devaluatie, allemaal in één klap meer dan acht procent armer maakte. Allemaal, uitgezonderd wellicht de bende van vier zelf, de BAC, en het koningshuis. Op dat moment was Verplaetse trouwens geen gouverneur, dat was Cecil de Strycker. En die wist van niks. Wilfried Martens heeft al meermaals verklaard dat het Fons was, die hem influisterde dat het begrotingstekort, en dus de overheidsschuld, geen belang had. Als de concurrentiekracht van onze ondernemingen maar hersteld werd. Staatsschuld is eenvoudig af te lossen door elke loontrekkende zestig procent van zijn inkomen af te pakken. Van deze toch niet geringe beschuldiging scheen Fons, gezeten onder een antieke klok waaruit af en toe een gedrogeerde koekoek naar buiten sprong, zich allerminst bewust. "Ik heb er een tekeningske van gemaakt, dat ge aan uw kijkers moogt tonen", bromde hij zijn ondervrager toe. In beeld verscheen een grafiek, waarop de curve van het begrotingstekort mooi evenwijdig met die van het BBP bleef lopen, tot eind jaren zeventig. Toen, bij het aantreden van Martens, schoot de grafiek als een raket omhoog. Met een ronduit duizelingwekkend stijgingspercentage. "Voilà," besloot Fons zonder te blozen, "dit toont het duidelijk aan." Dat mocht die flessentrekker dus allemaal ongestoord zeggen in Ter Zake, uitgerekend in een week waarin Dirk Tieleman anchorman was. Fons wist wel waarom hij de televisie naar hem liet komen, in de plaats van zelf naar de televisie te gaan. Dat Tieleman daarvoor gezwicht is, ontgoochelt ons. Wellicht onvoldoende gerecupereerd van zijn gevecht met luchtmachtgeneraal Van Hecke. In de Quarterly Bulletin van de Bank of England, verscheen onlangs een vergelijkend onderzoek naar de werking van nationale banken. Hier het oordeel van dit supergespecialiseerde vakblad over het instituut van Fons Verplaetse: "Te duur, te veel personeel, ondoordacht beleid, de kampioen van de inefficiëntie." En dan was de Quarterly blijkbaar nog niet in het bezit van Mont Ducal van Hugo De Ridder. En had dus geen vermoeden van de dauw op de tepels van Marcia De Wachter. Koen Meulenaere