Een "radicale folie à deux met teksten van Schopenhauer, Montaigne en Pascal". De promotionele slagzin voor "De Nijl is in Caïro aangekomen", de nieuwe productie van Compagnie de Koe, is niet ver naast de waarheid: de acteurs Frank Focketyn en Peter Van den Eede zijn extreem geestig. Zij flappen er de ene snedige gedachte na de andere uit, met een lichtvoetigheid die haast onfilosofisch te noemen i...

Een "radicale folie à deux met teksten van Schopenhauer, Montaigne en Pascal". De promotionele slagzin voor "De Nijl is in Caïro aangekomen", de nieuwe productie van Compagnie de Koe, is niet ver naast de waarheid: de acteurs Frank Focketyn en Peter Van den Eede zijn extreem geestig. Zij flappen er de ene snedige gedachte na de andere uit, met een lichtvoetigheid die haast onfilosofisch te noemen is, en combineren ze tegelijk met een ironische commentaar op het hic et nunc van het theater. Met een knipoog naar het publiek spreken de acteurs elkaar aan als Peter en Frank, een gewoonte die de mannen van De Koe onlangs nog in hun coproductie met Stan, "My dinner with André", gebruikten. Terwijl Van den Eede, op enkele agressieve driftbuien na, de perfecte en charmante gastheer-intellectueel speelt, kiest Focketyn voor een karikaturale en minder verbale benadering die de slapstick nauwelijks schuwt. Wie bij het horen van het woord filosofie al meteen een aanval van migraine krijgt, zou bij wijze van therapie wel eens naar "De Nijl is in Caïro aangekomen" moeten. Bij het begin van de voorstelling staat Van den Eede, in stijlvolle avondkledij, te biljarten op de donkere achterbühne. Zodra dat partijtje is afgelopen, neemt hij plaats in het kleine bibliotheekvertrek op de voorgrond: een gammel decortje van deuren en kasten dat in het amateurtheater niet zou misstaan. Terwijl de schijnbaar bezadigde heer des huizes op zijn broer (ex-toneelspeler) zit te wachten, onderhoudt hij zijn publiek met losse ideeën over het intellectuele comfort van de eenzaamheid, de verderfelijke invloed van het kaartspel of het positieve van de dood. Echo's uit de geschriften van Schopenhauer en Montaigne. Die intellectuele benadering slaat om als broerlief (Focketyn) zijn "blijde" intrede doet. Wanneer de koekjesverslindende kluns zich omwille van niersteenkolieken (een knipoog naar de aandoening waaraan Montaigne leed) letterlijk in bochten begint te wringen, is het groteske heer en meester. Flessen water (niercrises nietwaar) worden soldaat gemaakt en op de koop toe verandert de zachtaardige Van den Eede in een agressieve driftkikker (een verwijzing naar Schopenhauer). Ondanks het soms wat trage ritme van de voorstelling maken twee puike acteurs zo een pijnlijk grappig en hoogst genietbaar commentaar op de filosofie, het theater en het acteren.Tournee tot 7/1/'99.Paul Verduyckt