Sinds Chris De Stoop zich na de hoeren met de boeren is gaan bezighouden en met 'De Bres' een bucolisch meesterwerk heeft geschreven, sukkelt de landbouw van de ene crisis in de andere.
...

Sinds Chris De Stoop zich na de hoeren met de boeren is gaan bezighouden en met 'De Bres' een bucolisch meesterwerk heeft geschreven, sukkelt de landbouw van de ene crisis in de andere.De varkenspest is pas verdrongen door de kippendioxine, of daar stelt mond- en klauwzeer de BSE al in de schaduw. In ons land uitgebroken in Diksmuide, één dag nadat De Stoop er in de dorpszaal achthonderd polderboeren in lichterlaaie had gezet met een van zijn bevlogen lezingen, waarin hij een totaal nieuwe techniek voorstelde om kalveren uit de kont van een koe te halen. Het is niet proper verwoord, en wellicht is het anatomisch ook niet helemaal correct, maar elke stiel zijn jargon. Kijk maar naar het Vlaams nationalisme. Niet zo gauw was De Stoop terug op zijn bureau in het BMC, of we kregen met zijn allen jeuk en blazen op de lippen. Onze hoofdredacteur liet een alarmerend hoestje horen en 's middags bij het eten liep de wijn minder soepel binnen dan vroeger. Velen kwijlden en smakten, zoals de besmette varkens in Essex. Was Jaak Gabriëls in het land geweest, hij had de hele redactie van Knack laten afmaken. Iets waar hij ons trouwens vorige week telefonisch mee bedreigde nadat hij had vernomen dat onze chef-Wetstraat een goede vriend is van de Finse minister van Landbouw. En van Vera Dua en Ivan De Vadder. Tel twee bij twee op, en u krijgt een beter inzicht in de mediarel over Jaaks snoepreisje naar Finland. Jaak was in De Zevende Dag overigens iets te snel met zijn 'overschrijving', waarmee hij kon bewijzen dat hij die trip zelf had betaald. Elke politicus weet ondertussen wel dat hij zich moet indekken met een overschrijving, wat de gulle gever niet belet het geld onder tafel terug te geven. Niet dat dat bij Jaak gebeurd is, maar kom... 'Gij vuile tjeef', aldus de federale minister van Landbouw tot onze chef-Wetstraat. Maar die liet zich niet onbetuigd : 'Drankorgel, beunhaas, overloper, carrièrist.' Kortom een gesprek op niveau, zoals je dat vaak hebt met verruimingskandidaten.Chris De Stoop begint merkwaardige stukken te schrijven. Onlangs over de smaak van mest. Dat lopende kalvergier een betere afdronk heeft dan het eiwitrijkere maar veeleer droge excrement van een Toggenburger huisgeit. Wij zijn vergeten hoe het precies in elkaar zat, maar het was de broer van Leo Delcroix, 'de mestkampioen', die er geld uit sloeg door met zijn Pieralisi-machine strontkoeken te fabriceren, en die vervolgens naar Wallonië te exporteren. ' De mest 't en is geen heiligheit, maar hij doet wonderen waar hij leyt', besloot Chris zijn reportage die op de redactie zowel geschokte als verontruste reacties opwekte. Wij lezen nu voor uit zijn artikel over mond- en klauwzeer : ' Het tandtvleesch, de kaeken en den mondt zijn ontstoken en beset met roode plecken. Uyt den mondt vloeyt een kwijlachtige stoffe.' Geef toe: dit klinkt niet smakelijk, zeker niet indien men dit leest bij het verorberen van een Hawai Club Super, het kroonstuk van de BMC-sandwichservice. De Stoop schermt met het edict van 1769 en de bestrijding van epizoötieën en somt de maatregelen op die de overheid dient te nemen: de volledige stapel afmaken, krengen zeven voet diep onder de grond begraven, boeren vergoeden uit landbouwfonds. Verder een piket dragonders naar de getroffen gebieden sturen, en wie het waagt dieren uit de schutskring te voeren, krijgt de strop. Zo. En als wij nu niet alles door elkaar slaan, is al die miserie de schuld van Piet Vanthemsche. Bij elke crisis duikt Vanthemsche op. Waaruit ipso facto volgt: geen Vanthemsche, geen crisis. Het ware dan ook eenvoudiger om Vanthemsche op te ruimen, in plaats van al die koeien en geiten.Landbouw is een populair onderwerp bij Knack, want ook onze chef-economie is in die materie onderlegd. Hij heeft thuis een ecoboerderij uitgebouwd. Welteverstaan: met de 'eco' van economie. Toegespitst op de fok van kwaliteitsschapen, nadat hij in de aanloop naar het Offerfeest tot zijn verbazing tal van allochtone Brusselaars op zijn erf had zien verschijnen met allen dezelfde vraag: 'Bonjour chef, mouton ?' De eerste drie keer antwoordde Despiegelaere nog: 'Non, moi chef-economie.' Maar na vier bezoekers had hij door waarover het ging en na vijf zag hij de rooskleurige toekomst die hem als schapenkweker toelachte. En aangezien zo een schaap tot zijn verbazing ook een aanzienlijke hoeveelheid wol afscheidde, zette hij tevens een bloeiende handel op in authentieke kasjmier-truien. Sindsdien schrijven De Stoop en Despiegelaere tegen elkaar op over de boerenstiel. En wordt De Stoop meer gedreven door de liefde voor het dier en de gewassen, dan is bij Despiegelaere vooral de idee van winst de inspirator. Guido ontkent dit, maar Nero ontkende ook dat hij het vuur had aangestoken. Vergelijken we de teksten van beide cheffen. Eerst De Stoop: 'Weer leek het alsof de landbouw tot stilstand kwam. Op uitgestorven boerenerven en in stille boerenhuizen wachtte men met de dood in het hart op wat komen zou. Apocalyptische beelden van brandstapels vol koeienkrengen en grijpkranen vol varkenskadavers sleurden menige boer gillend uit zijn slaap.' Nu Despiegelaere: 'Men neme een perceel van één hectare en zaaie er tarwe op. Kosten: 44.000 frank aan zaad en meststoffen. Baten : 8500 kilogram tarwe tegen 4,5 frank per kilo, plus 5000 frank stro en 15.000 frank Europese premie. Opbrengst: 14.000 frank. Vul nu diezelfde hectare met schapen. Indien men elk schaap één vierkante meter ruimte geeft, betekent dat tienduizend schapen. Voor één schaap betaalt een islamiet gemakkelijk zesduizend frank. Ge moet niet wreed kunnen rekenen om het verschil te zien met tarwe.'De Stoop en Despiegelaere spreken niet meer tegen elkaar, sinds Guido begonnen is met achter de dijken van het Deurganckdok spotgoedkope stukken polder op te kopen. Waardoor de inwoners van Doel 's nachts nu niet enkel wakker liggen van hun onzekere toekomst, maar ook van een klaaglijk gemekker en geblaat. Koen Meulenaere